Art. 4:19 Awb; art. 26 en 65 AWR. Bij een beroep inzake een dwangsombeschikking is de rechter bevoegd die ook bevoegd is het beroep inzake het onderliggende besluit te behandelen. Geen bezwaar en beroep is mogelijk bij de bestuursrechter als het onderliggende besluit een ambtshal
Algemene wet inzake rijksbelastingen
Art. 26 AWR
Genoemd in 277 uitspraken · Officiële wettekst
277 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Art. 8:113 Awb, taak appelrechter, onjuist dictum Rechtbank, belang bij vernietiging in hoger beroep?
Heffing in box 3 voor de jaren 2017-2018; massaalbezwaarprocedure; rechtsbescherming bij artikel 25e, lid 4, AWR; ambtshalve vermindering; artikel 9.6 Wet IB 2001 en artikel 45aa, aanhef en letter b, van de Uitvoeringsregeling IB 2001.
Belanghebbenden hebben een woning op erfpacht en verzoeken in 2017 (in verband met de zgn. erfpacht-overstapregeling) om een ‘tweede’ WOZ-beschikking voor het jaar 2015/2016. De Wet WOZ biedt hiervoor evenwel geen mogelijkheid. Omdat het gesloten stelsel van rechtsmiddelen (art.
Conclusie PG: A-G IJzerman heeft conclusie genomen naar aanleiding van het beroep in cassatie van belanghebbende tegen de uitspraak van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 5 juni 2012, nr. BK-11/00462, LJN BY7069. In geschil is of het Hof, als belastingrechter, bevoegd is kennis
Rioolheffing en OZB. Dwangsombeschikkingen. Proceskostenvergoeding. Samenhang?
A-G IJzerman heeft conclusie genomen over de ontvankelijkheid van de bezwaren van belanghebbende tegen de hoogte van de terzake van teruggaaf van BPM te vergoeden rentebedragen en over de vraag of de Nederlandse heffings- en belastingrenteregelingen voldoen aan het Unierechtelijk
A-G IJzerman heeft een vordering tot cassatie in het belang der wet ingesteld tegen het vonnis van de Kantonrechter, waarin deze is gekomen tot het oordeel dat de dwangsomregeling bij het niet tijdig geven van een beschikking op aanvraag, niet van toepassing is ten aanzien van ve
Besluit Inspecteur belastingdienst tot afwijzing verzoek ambtshalve vermindering voldane omzetbelasting ex art. 65 Algemene wet inzake rijksbelastingen. Civiele rechter bevoegd tot beslissing over rechtmatigheid besluit. Hof houdt zaak aan in afwachting van einduitspraak in ander
Belanghebbende is mede-erfpachter van een woning en verzoekt in 2017 (in verband met de zgn. erfpacht-overstapregeling) om een WOZ-beschikking voor het jaar 2015. Artikel 28 van de Wet WOZ biedt hiervoor evenwel geen mogelijkheid. Omdat het gesloten stelsel van rechtsmiddelen (ar
Wet WOZ. Uitstel zitting rechtbank. Schending Procesregeling. Formele grieven.
Gevolgen van HR BNB 2012/69. Wettelijke rente ex art. 4:97 Awb over tardieve heffingsrente? Welke rechter? Bestuursrechtelijke geldschuld? Verzuim? Geldt in het belastingrecht een ‘andere regeling’ die afdeling 4.2.2 Awb uitschakelt? Feiten: Op 31 januari 2007 is aan de belangheb
Belastingrechter is bevoegd ten aanzien van dwangsombeschikking. Beslistermijn voor het doen van uitspraak op bezwaar is op 31 december 2011 verstreken en is niet tijdig opgeschort. Belanghebbende heeft de Heffingsambtenaar vervolgens in gebreke gesteld. Het hof beslist dat de He
-
Kan de verdeling tussen fiscaal partners van de grondslag sparen en beleggen nog worden gewijzigd, als bedoeld in art. 2.17(4) Wet IB 2001, als een aanslag IB/PVV onherroepelijk komt vast te staan door een collectieve uitspraak op massaal bezwaar?; box 3; art. 25e AWR
Overheidsprivaatrecht. Formele rechtskracht belastingaanslagen. Art. 1.1.5 Leidraad Invordering 2008. Een door een faillissementscurator wegens onrechtmatige benadeling aangesproken partij stelt vordering in tegen ontvanger tot intrekking in het faillissement van op belastingaans
Tegen een besluit als bedoeld in artikel 9, tweede lid, van de AWR (verlengen termijn indienen aangifte) staat ingevolge artikel 26, eerste lid, AWR in verbinding met artikel 7:1, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht geen bezwaar open. Nu belanghebbende tegen dit besluit
Caribische zaak. Belastingrecht, procesrecht. Verzet tegen invordering speelvergunningsrechten Sint Maarten. Heeft de Ontvanger exclusieve procesbevoegdheid? Is in een geschil over aanslagen speelvergunningsrechten, nu de belastingrechter ter zake niet bevoegd is, de burgerlijke
Belanghebbende is in 2017 erfpachter van een woning geworden en verzoekt (i.v.m. de zgn. erfpacht-overstapregeling) om een WOZ-beschikking voor het jaar 2015. Artikel 26 of 28 Wet WOZ biedt hiervoor evenwel geen mogelijkheid. Omdat het gesloten stelsel van rechtsmiddelen (art. 26
A-G IJzerman heeft conclusie genomen naar aanleiding van de beroepen in cassatie, over en weer, van [X] Beheer BV, belanghebbende, en de Staatssecretaris van Financiën, tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 27 juni 2017. Met dagtekening 15 maart 2014 is aan
Belanghebbende heeft te laat bezwaren ingediend tegen aanslagen forensenbelasting over de jaren 2008 tot en met 2014. Het Hof is met de rechtbank van oordeel dat hetgeen belanghebbende heeft aangevoerd geen reden oplevert voor een verschoonbare termijnoverschrijding als bedoeld i
Niet ontvankelijkheid: vordering van energiemaatschappijen strekkende tot een verklaring voor recht dat artikel XII A en artikel 36 Wbm voor zover deze artikelen leiden tot belastingheffing op de invoer en uitslag van kolen die worden gebruikt voor het opwekken van elektriciteit
Bewijsaanbod ter zitting van het Hof tardief? Verwerping van dit aanbod door het Hof onvoldoende gemotiveerd, gelet op het verloop van die zitting.
Artikel 6:2, aanhef en letter b, Awb; artikel 11, lid 3, AWR. Van het niet tijdig vaststellen van de aanslag als bedoeld in artikel 6:2, aanhef en letter b, Awb is geen sprake als de aanslag binnen de wettelijke driejaarstermijn in de zin van artikel 11, lid 3, AWR is opgelegd.
Ambtshalve verleende vermindering. Geen bezwaar mogelijk.