buitenlandse bankrekening - 8:42-stukken - voortvarendheid - omkering bewijslast - redelijke schatting - immateriële schade -
Algemene wet inzake rijksbelastingen
Art. 25 AWR
Genoemd in 319 uitspraken · Officiële wettekst
319 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 9 · live
De rechtbank is op basis van de afdruk van het microfiche en de ambtsedige verklaring van oordeel dat vaststaat dat eiser en/of zijn echtgenote in 1994 gerechtigd waren tot een bankrekening bij de Kredietbank Luxembourg. Op grond daarvan is het vermoeden gerechtvaardigd dat de d
KB-Lux-zaak verwijzingsprocedure De complexiteit van geschillen over navorderingsaanslagen en boeten inzake KB-Lux geldt als een bijzondere omstandigheid die een langere periode dan de standaardtermijnen voor berechting binnen redelijke termijn kan rechtvaardigen.
Inkomstenbelasting. KB Lux. Navorderingsaanslagen voortvarend genoeg opgelegd? Onrechtmatig verkregen bewijs? Boete. Inkeerregeling van toepassing?
Hoger beroep tegen voorlopige aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen Belanghebbende maakt bezwaar tegen voorlopige aanslag. Fictieve weigering inspecteur uitspraak op bezwaar te doen. Inmiddels is definitieve aanslag opgelegd. Belang bij (hoger) beroep tegen voorlop
Conclusie PG: A-G Niessen heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 12/02791. Aan belanghebbende zijn voor de jaren 2002 en 2003 aanslagen IB/PVV opgelegd met correcties en boeten in verband met het voorkomen van belanghebbendes naam op een microfiche met rekeninghouders bij
Conclusie PG: A-G Niessen heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 12/02792. Aan belanghebbende zijn voor de jaren 2002 en 2003 aanslagen IB/PVV opgelegd met correcties en boeten in verband met het voorkomen van belanghebbendes naam op een microfiche met rekeninghouders bij
Omkering en verzwaring van de bewijslast. Belanghebbende maakt niet aannemelijk dat de aanslagen niet juist zijn. De schatting van de inspecteur is redelijk.
Inkomstenbelasting; art. 16 AWR; navordering. Oordeel van het Hof dat de Inspecteur een ambtelijk verzuim heeft begaan blijft in stand. Art. 8:73 Awb; vergoeding van immateriële schade in geval van overschrijding redelijke termijn bezwaar- en beroepsfase. Verdeling van de schadev
Vennootschapsbelasting. Toevoeging herinvesteringsreserve aan winst terecht? Tijdstip belangenwijziging.
Vennootschapsbelasting. Verplichte vrijval herinvesteringsreserve terecht? Reikwijdte antimisbruikbepaling art. 12a lid 1 Wet Vpb 1969.
Vennootschapsbelasting. Vrijval herinvesteringsreserve. Aangaan bindende verplichting niet aannemelijk.
Vennootschapsbelasting. Vrijval herinvesteringreserve terecht? Toepassing art. 15 e Wet Vpb 1969. Herinvestering en wijziging belang binnen zeer korte periode.
Vennootschapsbelasting. Verplichte vrijval herinvesteringsreserve wegens belangenwijziging.
Artt. 22 en 25 Wet WOZ (tekst 2003); art. 18a AWR. Herstel foute objectafbakening.
In hoger beroep is met inachtneming van het onder 2.3 vermelde enkel in geschil het antwoord op de vraag of de Inspecteur terecht heeft geoordeeld dat de administratie van belanghebbende niet aan de eisen voldeed zodat de bewijslast diende te worden omgekeerd.
KBL-zaak. Belanghebbende is houder of is houder geweest van een KBL-rekening. Vaststaat dat hij met zijn ontkenning een buitenlandse rekening te hebben of te hebben gehad, de inspecteur een onjuiste inlichting heeft verstrekt.
In geschil is of de naheffingsaanslag en de vergrijpboete terecht en naar het juiste bedrag zijn opgelegd. Mede gezien de berekende omzet en de tijd dat het café van eiser, buiten de grote vakantie, gemiddeld per week open was, komt de rechtbank de schatting van verweerder niet
Loonbelasting. Boete. Belanghebbende drijft als eenmanszaak een horecaonderneming. Belanghebbende heeft geen urenstaten bijgehouden, heeft het loon van de werknemer waarvan is vermeld dat hij in dienst was uit de kas betaald zonder traceerbare gegevens van dag en uur. Een kasadmi
Partiële omkering bewijslast bij niet-voldoen aan administratieverplichting Het Hof acht het aannemelijk dat belanghebbende inkomsten heeft genoten uit de handel in hennepstekken. Doordat belanghebbende hiervan geen administratie heeft bijgehouden, is het Hof van oordeel dat bela
artikel 52 AWR
artikel 10 Wet op de dividendbelasting 1965; de gestelde termijn van drie jaar is niet in strijd met het gelijkwaardigheidsbeginsel en doeltreffendheidsbeginsel; Resolutie van 25 maart 1991, nr. DB89/735, BNB 19991/142, discrimineert niet in andere lidstaat gevestigde rechtsperso
IB. Navordering ter zake van verzwegen buitenlandse banktegoeden. Verweerder is niet voortvarend genoeg te werk gegaan bij de navordering. De navorderingsaanslagen die zijn opgelegd met gebruikmaking van de verlengde navorderingstermijn van 12 jaar worden vernietigd. De overige (
Schending hoorplicht leidt tot terugwijzing van de zaken naar de heffingsambtenaar.
Cassatieberoep tegen uitspraak van Hof inzake het vertrouwensbeginsel en de grootte van de schenking ongegrond verklaard met toepassing van art. 81 Wet RO.