Project Bank Zonder Naam; art. 52a AWR, ten aanzien van na 1 juli 2011 gedane uitspraken op bezwaar geen omkering van de bewijslast zonder onherroepelijke informatiebeschikking; verwijzing naar HR 2 oktober 2015, BNB 2016/2. Art. 2.17 IB 2001: toerekening verzwegen inkomsten aan
Algemene wet inzake rijksbelastingen
Art. 25 AWR
Genoemd in 319 uitspraken · Officiële wettekst
319 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 8 · live
Wet Woz. Schending hoorplicht. Horen zoon tijdens inpandige opname.
Belanghebbende heeft ten aanzien van de aan hem gegeven informatiebeschikking met betrekking tot de jaren 1999 tot en met 2005 tot en met de Hoge Raad geprocedeerd. In geschil is of de inspecteur voor latere jaren terecht een informatiebeschikking heeft afgegeven. De rechtbank st
KB-Lux. Verlengde navorderingstermijn. Anders dan de rechtbank oordeelt het Hof dat de inspecteur wel voortvarend heeft gehandeld (behoudens de navorderingsaanslag IB/PVV 1995). Geen onverklaarbare vertraging van meer dan zes maanden. Verhogingen/boeten verminderd i.v.m. rekenfou
omzetbelasting (geen vrijstelling voor oogmeting) Belanghebbende houdt zich bezig met de handel in brillen en contactlenzen, met name gericht op mensen met dyslexie. In dat kader worden ook (tegen betaling) oogmetingen verricht. Volgens de rechtbank is de medische vrijstelling ni
In geschil is of de onderhavige (navorderings)aanslagen terecht zijn opgelegd en zo ja, op de juiste bedragen zijn vastgesteld
Informatiebeschikking terecht genomen. Coffeeshop heeft ten onrechte geen voorraad- en inkoopadministratie van de softdrugs in de stash bijgehouden dan wel overgelegd. De informatiebeschikking is niet in strijd met het nemotenetur-beginsel in de zin van artikel 6 EVRM.
Informatiebeschikking terecht genomen. Coffeeshop heeft ten onrechte geen voorraad- en inkoopadministratie van de softdrugs in de stash bijgehouden dan wel overgelegd. De informatiebeschikking is niet in strijd met het nemotenetur-beginsel in de zin van artikel 6 EVRM.
MK. Woz. Bedrijfspanden. Informatiebeschikking als bedoeld in artikel 52a van de AWR. Omkering en verzwaring van de bewijslast ex artikel 27e AWR. Beroep ongegrond.
Informatiebeschikking. Gelet op de gegevens van de microfiches en de ambtsedig opgemaakte processen-verbaal en de op grond daarvan gemaakte 'match' is het Hof van oordeel dat de inspecteur zich in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat de gevraagde informatie van
Zaken 14/02416 en 14/02686 In deze zaken hebben beide partijen cassatieberoep ingesteld. Zij zijn inhoudelijk gelijk aan elkaar. Naast de door de Staat ook hier opgeworpen vragen welk bewijsmateriaal wils(on)afhankelijk is en welke rechter daarover gaat, worden door de belanghebb
Zaken 14/02420 en 14/02691 In deze zaken hebben beide partijen cassatieberoep ingesteld. Zij zijn inhoudelijk gelijk aan elkaar. Naast de door de Staat ook hier opgeworpen vragen welk bewijsmateriaal wils(on)afhankelijk is en welke rechter daarover gaat, worden door de belanghebb
Zaken 14/02417 en 14/02692 In deze zaken hebben beide partijen cassatieberoep ingesteld. Zij zijn inhoudelijk gelijk aan elkaar. Naast de door de Staat ook hier opgeworpen vragen welk bewijsmateriaal wils(on)afhankelijk is en welke rechter daarover gaat, worden door de belanghebb
Zaken 14/02414 en 14/02422 Deze zaken betreffen de vragen welk bewijsmateriaal wils(on)afhankelijk is en welke rechter daarover gaat (welke rechter gebruik voor punitieve doeleinden uitsluit): de dwang(som)rechter of de later (misschien) optredende boete- of strafrechter? In deze
Zaken 14/02421 en 14/02693 In deze zaken hebben beide partijen cassatieberoep ingesteld. Zij zijn inhoudelijk gelijk aan elkaar. Naast de door de Staat ook hier opgeworpen vragen welk bewijsmateriaal wils(on)afhankelijk is en welke rechter daarover gaat, worden door de belanghebb
Redelijke termijn voor de behandeling in de eerste fase (bezwaar + beroep in eerste aanleg) is overschreden.
De klachten aangaande de zorgvuldigheid van de besluitvorming en de onvoldoende motivering van de besluiten worden verworpen. Aan de onderhavige beschikkingen en naheffingsaanslagen ligt een langdurig boekenonderzoek ten grondslag. De controlerend ambtenaren hebben hun bevindinge
1. Belanghebbende heeft na het einde van de termijn bezwaar gemaakt. Belanghebbende heeft geen omstandigheden gesteld waardoor het niet aan hem is toe te rekenen dat het bezwaar te laat is ingediend. 2. De redelijke termijn voor de behandeling in het bezwaar en het beroep is bij
Belanghebbende drijft een Chinees-Indisch restaurant en is administratieplichtig. Hij maakt gebruik van een geautomatiseerd bestellingen- en afrekensysteem (hierna: bestelcomputer). Van de in de bestelcomputer ingebrachte gegevens worden bewaard: datum bestelling, tijdstip verkoo
Inleiding A-G IJzerman heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 12/05864 naar aanleiding van het beroep in cassatie van belanghebbende tegen de uitspraak van het Gerechtshof te 's Hertogenbosch van 7 november 2012, nr. 08/00240, niet gepubliceerd. Aan belanghebbende is met d
Inleiding A-G IJzerman heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 12/05857 naar aanleiding van het beroep in cassatie van belanghebbende tegen de uitspraak van het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch van 7 november 2012, nr. 08/00236. Aan belanghebbende is met dagtekening 30 novem
De redelijke termijn voor de behandeling in de eerste fase (bezwaar en het uiteindelijke beroep bij de rechtbank) is met ruim 11 maanden overschreden. Op grond hiervan dient een schadevergoeding van 2 x € 500 = € 1.000 te worden toegekend. In de tweede fase (hoger beroep) is de r
Overschrijding redelijke termijn voor de behandeling in de tweede fase (hoger beroep)
Verweerder is in bezit van stukken op basis waarvan hij concludeert dat eiseres houder is van een buitenlandse bankrekening, waarvan geen melding is gemaakt in haar aangifte inkomstenbelasting. Eiseres heeft de hierover gestelde vragen niet beantwoord. Gelet op de inhoud van geno
Verweerder is in bezit van stukken op basis waarvan hij concludeert dat eiser houder is van een buitenlandse bankrekening, waarvan geen melding is gemaakt in zijn aangifte inkomstenbelasting. Eiser heeft de hierover gestelde vragen niet beantwoord. Gelet op de inhoud van genoemde