Naheffing op basis van één uur tarief in plaats van daadwerkelijke tijd toegestaan.
Algemene wet inzake rijksbelastingen
Art. 20 AWR
Genoemd in 319 uitspraken · Officiële wettekst
319 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 8 · live
De rechtbank is van oordeel dat voor de berekening van de verschuldigde BPM de waarde van de auto op het moment van het doen van de aangifte beslissend is. En dus is dat moment ook bepalend voor de omvang van de afschrijving. In Hoge Raad van 21 september 2018 is uitsluitend voor
Ontvanger van Belastingdienst kan bedrag dat hij onverschuldigd heeft betaald, via de burgerlijke rechter terugvorderen. Uitspraak van de rechtbank dat de Ontvanger daarvoor de fiscale weg had moeten bewandelen vernietigd.
De navorderingsaanslag en de boete zijn terecht opgelegd; verweerder heeft terecht gebruikelijk voor zes vennootschappen in aanmerking genomen.
Een naheffingsaanslag omzetbelasting 2003 voor een geliquideerde B.V., die pas in 2009, na heropening van de vereffening, aan de vereffenaar, ofwel in 2010 aan de gewezen bestuurder (belanghebbende), is bekendgemaakt, is na de naheffingstermijn, dus niet tijdig, bekendgemaakt. Me
Belanghebbende stelt - kort samengevat - dat de Inspecteur bij het opleggen van de naheffingsaanslagen omzetbelasting onvoldoende voortvarend te werk is gegaan. De naheffingsaanslagen hadden daarom niet meer opgelegd mogen worden en dienen te worden vernietigd. Het Hof heeft het
.voldoende voortvarend handelen; zorgvuldigheidsbeginsel
BPM. Opleggen naheffingsaanslag nadat het belastbaar feit heeft plaatsgevonden is niet in strijd met artikel 110 VWEU.
Ter zitting hebben partijen overeenstemming bereikt over de hoogte van de naheffingsaanslag BPM, in die zin dat de naheffingsaanslag verminderd dient te worden tot een bedrag van € 416 en dat de beschikking belastingrente dienovereenkomstig verminderd dient te worden. Gelet op he
Naheffingsaanslag BZM Belanghebbende heeft voor 4 van haar zware motorrijtuigen de verschuldigde BZM vóór de aanvang van het gebruik van de autosnelweg niet op aangifte voldaan. Der fout is ontstaan door vakantie van een medewerker en is na twee dagen ontdekt; de directeur heeft
Een naheffingsaanslag OB 2003 voor een geliquideerde BV, die pas in 2009, naheropening van de vereffening, is bekendgemaakt, is niet tijdig bekendgemaakt. De voormalige bestuurder van de BV kan daarvoor niet aansprakelijk worden gesteld. De aansprakelijkheid voor de naheffingsaan
Kansspelbelasting. Juridisch eigendom kansspelautomaten. Nu vaststaat dat de speelautomaten die belanghebbende exploiteert in 2009 op de balans hebben gestaan van H bv en belanghebbende de automaten heeft gehuurd, dient in beginsel er van uit te worden gegaan dat de juridische en
3.2.De rechtbank overweegt dat tussen partijen niet in geschil is dat eiser op 3 februari 2015 na het parkeren van zijn auto met kenteken [kenteken 1] via de app Yellowbrick het verkeerde kenteken heeft aangemeld, te weten het kenteken van de auto van zijn buurvrouw ([kenteken 2]
Parkeerbelasting die is betaald, kan niet worden nageheven; ook al is in strijd met de voorschriften het verkeerde kenteken ingevoerd.
Parkeerbelasting die is betaald, kan niet worden nageheven; ook al is in strijd met de voorschriften het verkeerde kenteken ingevoerd.
Parkeerbelasting die is betaald, kan niet worden nageheven; ook al is in strijd met de voorschriften het verkeerde kenteken ingevoerd.
Parkeerbelasting die is betaald, kan niet worden nageheven; ook al is in strijd met de voorschriften het verkeerde kenteken ingevoerd.
Parkeerbelasting die is betaald, kan niet worden nageheven; ook al is in strijd met de voorschriften het verkeerde kenteken ingevoerd.
Parkeerbelasting die is betaald, kan niet worden nageheven; ook al is in strijd met de voorschriften het verkeerde kenteken ingevoerd.
Parkeerbelasting die is betaald, kan niet worden nageheven; ook al is in strijd met de voorschriften het verkeerde kenteken ingevoerd.
In geschil is of belanghebbende recht heeft op vergoeding van de werkelijk gemaakte proceskosten in plaats van de forfaitaire proceskostenvergoeding.
Overdrachtsbelasting Belanghebbende en zijn partner hebben een appartementsrecht gekocht. In de akte van levering staat dat er ter zake van de levering omzetbelasting is verschuldigd is een beroep gedaan op de vrijstelling van overdrachtsbelasting. De verkoper van het appartement
Interne compensatie (i) binnen de naheffingsaanslag en (ii) binnen de vergrijpboetegrondslag na een ter zitting gesloten compromis, met effect buiten de naheffingstermijn en daarmee buiten de boeteverjaringstermijn. Uitleg van dat compromis. Motiveringsgebrek. ‘Dezelfde gedraging
Rechtbank wijst het verzoek om een integrale proceskostenvergoeding af.
In hoger beroep is in geschil of aan belanghebbende terecht de naheffingsaanslag en de beschikkingen heffingsrente en boete zijn opgelegd.