Artikel 8:29 en 8:42 Awb. Op de zaak betrekking hebbende stukken. KB-Lux rekening? Aanhouding.
Algemene wet inzake rijksbelastingen
Art. 16 AWR
Genoemd in 918 uitspraken · Officiële wettekst
918 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Art. 16, lid 4, AWR. Verenigbaarheid met EG-recht van een navorderingsaanslag die wordt opgelegd met toepassing van de bijzondere navorderingstermijn ter zake van buitenlandse tegoeden.
Project Bank Zonder Naam. Art. 16, lid 4, AWR; art. 63 VWEU. Verlengde navorderingstermijn. Voortvarendheidseis.
Art. 16, lid 4 AWR. Verenigbaarheid met EG-recht van een navorderingsaanslag die wordt opgelegd met toepassing van de bijzondere navorderingstermijn ter zake van buitenlandse tegoeden.
Bank Zonder Naam. Art. 16, lid 4, AWR. Eis van voortvarend handelen. Beslissing Hof dat niet voortvarend is gehandeld moet worden vernietigd.
Inkomstenbelasting. Art. 16, lid 4, AWR. Kasstorting op bankrekening in Luxemburg van gelden verkregen uit verzwegen omzet van in Nederland gedreven onderneming. In het buitenland opgekomen inkomen?
Artikel 66, lid 3, Successiewet; onbeperkte navorderingstermijn erfbelasting. Gevolg ontbreken overgangsregeling bij navordering successierecht.
Conclusie PG KBLux-zaak; draaiboek, nieuwsbrieven en afschriften microfiches zijn op de zaak betrekking hebbende stukken ex art. 8:42 Awb. Verhouding met stelplicht en bewijslastverdeling. Uitzondering ex art. 8:29 Awb op de overleggingsplicht van de fiscus. Taak en mogelijkheden
Inkomstenbelasting. Art. 16, lid 4, art. 25, lid 3, en art. 27e, lid 1 AWR. Geen omkering van de bewijslast met betrekking tot de vraag of de verlengde navorderingstermijn van toepassing is. Deze termijn is niet van toepassing als in Nederland opgekomen inkomen naderhand op een b
Artikel 8:110 Awb. Incidenteel hoger beroep mogelijk tegen beslissing over ander belastingjaar dan waarop het principaal hoger beroep ziet. Artikel 16, lid 4, AWR voortvarend handelen door belastingautoriteiten. Zaak ligt na tripartite overleg stil bij de FIOD. Artikel 16, lid 4,
Belasting van personenauto's en motorrijwielen; art. 10 Wet Bpm, art. 41 Handvest, art. 110 VWEU. Naheffingsaanslag niet voortvarend opgelegd; Hof mocht de voorwaardelijk gedane bewijsaanbiedingen van belanghebbende passeren; de gehanteerde berekeningswijze van de bpm is niet in
Artikel 16, lid 4, AWR. Verlengde navorderingstermijn bij beleggingsrekening buiten de EU. Arrest na prejudiciële vragen aan HvJ EU. Standstill-bepaling artikel 64 VWEU van toepassing.
Art. 16, lid 4, AWR. Navordering bij in Zwitserland aangehouden bankrekening.
Artikel 16, lid 4, AWR; is sprake van een in het buitenland opgekomen inkomstenbestanddeel
Art. 16, lid 4, AWR, art. 63 VWEU (voorheen art. 56 EG). Verlengde navorderingstermijn. Evenredigheidsbeginsel wordt niet in acht genomen door met het opleggen van een navorderingsaanslag te wachten op de afloop van een procedure over een eerder jaar.
Inkomstenbelasting. Verzwegen vermogen op Amerikaanse effectenrekeningen. Redelijke voortvarendheid. Immateriële schadevergoeding. Proceskostenvergoeding.
-
Artikel 8:29 en 8:42 Awb. Op de zaak betrekking hebbende stukken. KB-Lux rekening? Aanhouding.
Art. 16, lid 4, AWR. Via Nederlandse tussenpersoon verworven participaties in beleggingsfonds op de Britse Maagdeneilanden en beleggingsverzekering bij verzekeraar in Luxemburg; verlengde navorderingstermijn van toepassing.
De verlengde navorderingstermijn van artikel 16, vierde lid, AWR is onverkort van toepassing navordering wegens bankrekeningen in derde landen. Bh kan zich niet beroepen op de vrijheid van kapitaalverkeer door toepassing van de stand still bepaling van artkel 64 VwEU. De rechtban
Artikel 16, lid 4, AWR. Project Bank zonder naam. Verlengde navorderingstermijn. Voortvarendheid. Volgtijdelijk opgelegde navorderingsaanslagen. Tussen het motiveren van de bezwaarschriften tegen de eerste serie navorderingsaanslagen en de werkzaamheden voor het opleggen van de t
Inkomstenbelasting. Art. 6, 48 en 49 Wet IB 1964; art. 7 en 13 Verdrag Nederland-België 1970; art. 16, lid 4, en 47 AWR; art. 6, lid 2, EVRM. Betrokkenheid bij via een groot aantal lichamen verrichte transacties betreffende Nederlandse bedrijven vormt voor belanghebbende een onde
Art. 16, lid 4, AWR. Eis van voortvarend handelen. Vaststellingsovereenkomst. Moment verzending navorderingsaanslag blijft bepalend.
Artikel 16, lid 4, artikel 25, lid 3, en artikel 27e, lid 1, AWR. Omkering van de bewijslast bij verlengde navorderingstermijn
Art. 66, lid 1, aanhef en ten tweede, art. 28 en art. 46 Successiewet 1956. Voor toepassing van de verlengde navorderingstermijn wordt het doen van aangifte per schenkingshandeling beoordeeld.