Eiser heeft de Srilankaanse nationaliteit en heeft een visum kort verblijf gevraagd voor verblijf bij zijn achterneef. Verweerder heeft de aanvraag afgewezen, omdat getwijfeld wordt aan eisers voornemen om Nederland voor het verstrijken van de geldigheidsduur van het visum te ver
Algemene wet bestuursrecht
Art. 8:74 Awb
Genoemd in 896 uitspraken · Officiële wettekst
896 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 9 · live
Het besluit tot afwijzing van de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd voor voortgezet verblijf en een inreisverbod van tien jaar, wegens gevaar voor de openbare orde, is in strijd met artikel 8 EVRM. De rechtbank toetst het bestreden b
Einduitspraak na tussenuitspraak. Inreisverbod voor de duur van drie jaren. Belangen van het kind. Verweerder heeft het in de tussenuitspraak vermelde gebrek niet hersteld. Verweerder heeft immers nog steeds niet gemotiveerd waarom een inreisverbod voor een periode van tien jaren
Aan eiser is onherroepelijk artikel 1(F) Vluchtelingenverdrag tegengeworpen. Voorts is eiser ongewenst verklaard. Hij heeft zich samen met zijn Nederlandse echtgenote in België gevestigd. Eiser wenst met zijn echtgenote terug te keren naar Nederland en heeft verweerder verzocht o
glb-inkomenssteun
Regeling GLB-inkomenssteun 2006
B9, toerekenen gedrag moeder aan dochter. Aanvraag van moeder voor wijziging van de beperking van de aan haar verleende verblijfsvergunning regulier onder de beperking “als genoemd in B (Vc oud” in “voortgezet verblijf” en aanvraag van de dochter tot verlenging van de aan haar ve
beëindiging verblijf als Unieburger wegens openbare orde en ongewenstverklaring. Richtlijn 2004/38 De rechtbank stelt vast dat verweerder noch in het bestreden besluit, noch ter zitting beoordeeld heeft of sprake is van een duurzaam verblijfsrecht, dat op grond van artikel 28, tw
Intrekking verblijfsvergunning asiel. Afwijzing verzoek om verlenging van deze verblijfsvergunning. Ongewenstverklaring. Beroep tegen de intrekking van de verblijfsvergunning asiel van eiser en tegen een afzonderlijk besluit op bezwaar inhoudende een ongewenstverklaring. Eiser is
Afwijzing aanvraag tewerkstellingsvergunning in de functie van souschef Chinese keuken. Beroep is gegrond omdat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd dat voor de functie souschef prioriteitgenietend aanbod beschikbaar is op de arbeidsmarkt. Verweerders redenering en zijn onder
Verweerder heeft de verblijfsvergunning ingetrokken met terugwerkende kracht tot datum verlening, omdat eiseres er van wordt verdacht valse aangifte van mensenhandel te hebben gedaan. Verweerder benadrukt daarbij dat eiseres is gedagvaard wegens het doen van valse aangifte en dat
Belanghebbende is na de indiening van het hoger beroep failliet verklaard. De curator neemt het geding niet over. De ontvanger verzoekt ontslag van instantie. Na afweging van de belangen van beide partijen wijst het Hof dit verzoek toe: het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk ve
intrekking verblijfsvergunning regulier voor verblijf bij partner. Inreisverbod voor 10 jaar. Belang beroep tegen intrekking. Eiser heeft, zolang het uitgevaardigde inreisverbod voortduurt, geen belang bij de beoordeling van zijn beroep tegen de intrekking van de aan hem verleend
Visum kort verblijf voor moeder van een minderjarig Nederlands kind (eiseres) met wie zij samen in Marokko verblijft. De vader is uit beeld en het kind komt volledig ten laste van de moeder. Eiseres heeft een visum voor kort verblijf aangevraagd met als doel om zich met haar Nede
In de uitspraak van de Afdeling van 21 december 2012, die ziet op de zaak van eiser, is overwogen dat het vernietigde besluit van 9 november 2011 (waarin de ongewenstverklaring is gehandhaafd) is genomen in strijd met artikel 11, tweede lid, van de Terugkeerrichtlijn. Ten tijde v
gegrond, deskundige, resistentietesten HIV-patienten, BMA-advies, hoorplicht Eiseres heeft in beroep gewezen op een drietal uitspraken van deze rechtbank, zittingsplaats Amsterdam, van 20 juni 2013 en 24 juni 2013 (AWB 12/798, AWB 12/326 en AWB 12/17661) en gesteld dat die uitspr
Kern: De Visumcode bevat thans de wettelijke grondslag voor het verlenen van visa voor kort verblijf. De werking van de Wet dwangsom en beroep bij niet tijdig beslissen is op grond van het overgangsrecht daarom niet opgeschort ten aanzien van visa voor kort verblijf. Verweerder h
Kern: bezwaar tegen feitelijke uitzetting, reeds uitgezet, procesbelang, limitatieve opsomming artikel 6:6 Awb. Samenvatting: Uit verweerders brief van 5 juni 2013, met als bijlage een formulier model M114, blijkt dat eiser op 5 juni 2013 is uitgezet naar Guinee. De Afdeling best
Verweerder heeft bij besluit van 12 april 2013 (het bestreden besluit) tegen eiser een inreisverbod uitgevaardigd. In het bestreden besluit is niet naar een terugkeerbesluit verwezen, maar verweerder stelt zich op het standpunt dat het besluit op bezwaar van 7 februari 2001, waar
A-G IJzerman heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 12/03888 naar aanleiding van het beroep in cassatie van de Staatssecretaris van Financiën tegen de uitspraak van het gerechtshof te Amsterdam van 5 juli 2012, nr. 11/00917, ECLI:NL:GHAMS:2012:BX0724. De uitspraak van het
De rechtbank heeft op 17 mei 2013 in onderhavige zaak een tussenuitspraak gedaan waarin verweerder, conform artikel 8:51a, eerste lid, Algemene wet bestuursrecht in de gelegenheid is gesteld het in de tussenuitspraak geconstateerde gebrek te herstellen. Nu verweerder het geconst
Het geschil betreft de stelling van eiser dat sprake is van een onevenredige beperking in de zin van artikel 13 Besluit nr. 1/80 als gevolg van de cumulatie van leges en andere inspanningen ten behoeve van jaarlijkse verlenging van zijn vergunning wegens de geldigheidsduur van de
In een eerdere procedure heeft de voorzieningenrechter bij uitspraak van 6 juli 2011 de voorlopige voorziening hangende bezwaar toegewezen, omdat de BMA-adviseur zich nog zal moeten uitlaten over het oordeel van de behandelaar van verzoekster dat een veilige behandelomgeving een
Verweerder heeft eiser vervolgens ongewenst verklaard zonder aan de ongewenstverklaring een termijn te verbinden. Volgens de Nederlandse wet- en regelgeving (de implementatiewetgeving van de Terugkeerrichtlijn) wordt een inreisverbod steeds uitgevaardigd voor een bepaalde duur. V
gegrond, mvv, nareis, gezinsband verbroken Mvv-aanvraag in het kader van nareis. Eiser (11 jaar oud) vraagt verblijf bij referente, zijn moeder. Een eerdere aanvraag om een mvv in verband met nareis, is afgewezen, het beroep daartegen ongegrond verklaard. De aanvraag is als herha