Inleiding A-G IJzerman heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 12/05857 naar aanleiding van het beroep in cassatie van belanghebbende tegen de uitspraak van het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch van 7 november 2012, nr. 08/00236. Aan belanghebbende is met dagtekening 30 novem
Algemene wet bestuursrecht
Art. 8:69 Awb
Genoemd in 347 uitspraken · Officiële wettekst
347 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 10 · live
A-G IJzerman heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 13/03180 naar aanleiding van het beroep in cassatie van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oldebroek, tegen de uitspraak van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 22 mei 2013, nr. 12/00681 en 12/00
Planschade. Verzoek heeft betrekking op 6 besluiten. Geen aanknopingspunt voor de opvatting van verweerder dat geringe planschade niet voor vergoeding in aanmerking komt, met name niet op verzoeken waarop artikel 6.2 Wro nog niet van toepassing is. Betekenis van bebouwing die op
boetes kinderopvang, aanwijzing op grond van de wet kinderopvang rechtens onaantastbaar
Schorsing hangende bezwaarprocedure van dwangsom opgelegd aan Odfjell. Besluit berust op ondeugdelijke juridische grondslag. De lastgeving strekt verder dan de voorschriften mogelijk maken. Verweerder verbiedt Odfjell (alle) opslagtanks te gebruiken tenzij Odfjell heeft aangetoon
In geschil is het antwoord op de vraag of de Inspecteur in het onderhavige jaar terecht een bedrag van € 771.675 in de heffing heeft betrokken in verband met de beëindiging van de terbeschikkingstelling van de landerijen ex artikel 3.90 Wet IB ‘01.
A-G IJzerman heeft conclusie genomen naar aanleiding van het beroep in cassatie van [X], tegen de uitspraak van het gerechtshof te Arnhem van 22 mei 2012, nr. 10/00286, LJN BW7837, NTFR 2012/1744. De staatssecretaris van Financiën heeft incidenteel beroep in cassatie ingesteld. B
Art. 6:6 Awb. Beroep door rechtbank niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdig vermelden van de gronden. Beroep in cassatie afgedaan met toepassing van artikel 81, lid 1, Wet RO.
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie gegrond onder verwijzing naar het arrest in de zaak met nummer 11/05101.
CONCLUSIE PG A-G IJzerman heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 11/05660 naar aanleiding van het beroep in cassatie van B&W gemeente Baarn en het incidentele beroep in cassatie van N.V. X, belanghebbende, tegen de uitspraak van het gerechtshof te Arnhem van 22 november 20
Inkomstenbelasting; art. 16 AWR; navordering. Oordeel van het Hof dat de Inspecteur een ambtelijk verzuim heeft begaan blijft in stand. Art. 8:73 Awb; vergoeding van immateriële schade in geval van overschrijding redelijke termijn bezwaar- en beroepsfase. Verdeling van de schadev
Consumentenrecht. Richtlijn 93/13 EEG (oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten). Contractuele rente. Richtlijnconforme uitleg. Grievenstelsel. Rechtsstrijd in appel. Openbare orde. HvJEU 14 juni 2012, ECLI:NL:XX:2012:BW9433, NJ 2012/512, HvJEU 9 november 2010, ECLI:NL:XX
Art. 6 Algemene Kinderbijslagwet. Art. 8 en 14 EVRM. Art. 26 IVBPR. Koppelingswet. Kinderbijslag. Verblijfstitel. Gelijkheidsbeginsel.
Art. 81 lid 1 RO. WSNP. Tussentijdse beëindiging; art. 350 lid 3 onder f, Fw. Omstandigheid die bij toelatingsverzoek onbekend was. Gelegenheid tot uitlating over door rechter ingewonnen informatie, art. 19 Rv.
Procesrecht. Art. 8:58 en 8:69 Awb. Klacht dat Hof geen acht heeft geslagen op een nader stuk faalt bij gebrek aan feitelijke grondslag.
CONCLUSIE PG A-G IJzerman heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 11/04625 naar aanleiding van het beroep in cassatie van X, belanghebbende, tegen de uitspraak van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 21 september 2011, nr. BK-09/00330, LJN BW3605. Belanghebbende was lid va
Dividendbelasting. Heffingsrente. Europees recht. Art. 25a, lid 2, Wet Vpb 1969, art. 15 en 30f AWR. Teruggaaf van dividendbelasting en vergoeding van heffingsrente m.b.t. door een Nederlandse deelneming aan haar Spaanse moedermaatschappij uitgekeerde dividenden. Beschikking waar
Kapitaalsbelasting. Belastingverdrag Nederland – Zwitserland. Was de vennootschap die kapitaal inbracht, gevestigd in Zwitserland? Tweede cassatie. Klachten over beoordelingsmaatstaf.
Artt. 22 en 25 Wet WOZ (tekst 2003); art. 18a AWR. Herstel foute objectafbakening.
De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie ongegrond verklaard, zie ook het arrest 11/02789
Art. 229b Gemeentewet. Overschrijding opbrengstlimiet. Bouwleges. BNB 2009/159: heffingsambtenaar voldoet niet aan inlichtingenplicht. Algehele onverbindendheid. Hof mocht bewijsaanbod passeren.
De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie ongegrond verklaard, zie ook het arrest 11/02789
Regeling GLB-inkomenssteun 2006, aangegeven oppervlakte versus geconstateerde oppervlakte, gewasgroep
Vennootschapsbelasting. Bedrijfsfusiefaciliteit. Art. 14 Wet Vpb 1969.
voorschotbesluit bedrijfstoeslag marginale toetsing