Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D
Algemene wet bestuursrecht
Art. 8:58 Awb
Genoemd in 249 uitspraken · Officiële wettekst
249 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 5 · live
Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D
Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D
Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D
Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D
Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D
Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D
Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D
Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D
Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D
Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D
Overdrachtsbelasting. Verlaagd tarief van 2% voor woningen van toepassing op verkrijging van een woon-winkelpand? Het hof oordeelt dat niet duidelijk is geworden of het pand zoals belanghebbende stelt oorspronkelijk is ontworpen en gebouwd om in zijn geheel als woning te dienen,
Naheffingsaanslagen bpm. Tardiefverklaring nader stuk van de Inspecteur. Bruikbaarheid taxatierapport belanghebbende. Aanpassing historische nieuwprijs ter zake van één auto. Geen aanpassing handelsinkoopwaarden. Belanghebbende maakt waardeverminderingen wegens schade niet aannem
Bezwaar tegen de legesaanslag en aanmaningskosten is niet in behandeling genomen respectievelijk ongegrond verklaard. Er is sprake van een gebrek in het bestreden besluit, omdat de heffingsambtenaar de brief van eiseres van 6 januari 2025 als bezwaarschrift had moeten aanmerken.
Parkeerbelasting. Nadere stukken binnen de 10-dagentermijn van 8:58 Awb. Het hof oordeelt dat er geen sprake is van overschrijding van de kostenlimiet voor de naheffingsaanslag. Ook oordeelt het hof dat er geen sprake is van ongeoorloofd onderscheid tussen parkeren met- en zonder
IB/PVV, ZVW en OB. Diverse correcties die voortvloeien uit een boekenonderzoek. Door de inspecteur gestelde rijles-gerelateerde omzet is niet in de administratie en aangiften van belanghebbende verwerkt. Voor het eerste kwartaal van 2019 geen uitnodiging tot het doen van aangifte
Buiten termijn van artikel 8:42, lid 1, Awb ingediend “verweerschrift” wordt aangemerkt als nader stuk en is niet in strijd met goede procesorde. Artikel 17 Wet WOZ. De waarde van de woning is niet te hoog vastgesteld.
IB/AVBZ Sint Maarten; omkering en verzwaring van de bewijslast; redelijke schatting; nieuw geschilpunt ter zitting
WOZ 2022 niet-woning. Kantoor. Objectafbakening. HWK-methode.
Art. 17, lid 2, Wet WOZ. Artt. 8:42, lid 1, en 8:58 Awb. Art. 30 Wet WOZ. Artt. 27h, lid 2, en 27c AWR. Art. 6, lid 1, EVRM. Twaalfde Protocol bij het EVRM. De Heffingsambtenaar is niet niet-ontvankelijk. Belanghebbende maakt niet aannemelijk dat de heffing van OZB in strijd is m
Artt. 6.32 t/m 6.35 Wet IB 2001. Artt. 6.38 en 6.39 Wet IB 2001. Aanslag IB/PVV. Giftenaftrek terecht gecorrigeerd. Belanghebbende maakt niet aannemelijk dat sprake is van een periodieke gift of van een andere gift.
Wet WOZ, niet-woningen. De heffingsambtenaar heeft de onroerende zaak niet te hoog gewaardeerd op basis van de huurwaardekapitalisatiemethode. De gehanteerde huurwaarde en kapitalisatiefactor is niet te hoog. Hoger beroep ongegrond.
Wet WOZ. Waardevaststelling 7 winkels. De Heffingsambtenaar maakt aannemelijk dat de waarden van de onroerende zaken niet te hoog zijn vastgesteld. Geen schending van artikel 8:42 Awb. Nieuwe beroepsgrond tardief. Geen recht op vergoeding van immateriële schade omdat het financië
Art. 17 Wet WOZ, art. 8:31, 8:42, 8:58 en 8:69 Awb. iWOZ-kaarten, schending art. 8:42 Awb gepasseerd met toepassing art. 8:31 Awb, belanghebbende niet in haar belangen geschaad. Nieuwe beroepsgrond belanghebbende met betrekking tot aanslagen watersysteemheffing ingenomen binnen t
Wet WOZ. Waardevaststelling 7 winkels. De Heffingsambtenaar maakt aannemelijk dat de waarden van de onroerende zaken niet te hoog zijn vastgesteld. Geen schending van artikel 8:42 Awb. Nieuwe beroepsgrond tardief. Geen recht op vergoeding van immateriële schade omdat het financië