Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Algemene wet bestuursrecht

Art. 8:45 Awb

Genoemd in 138 uitspraken · Officiële wettekst

138 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live

ECLI:NL:PHR:2007:BA0582 1 × geciteerd
Parket bij de Hoge Raad · 10-08-2007 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Art. 8:29 Awb. Weigering inspecteur stukken over te leggen. Tussenuitspraak door andere kamer.

ECLI:NL:CRVB:1998:AA8628 1 × geciteerd
Centrale Raad van Beroep · 27-11-1998 · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht

-

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D