WR 24/029: Wraking. Verzoek afgewezen, omdat het is gericht tegen een rechterlijke (tussen)beslissing.
Algemene wet bestuursrecht
Art. 8:18 Awb
Genoemd in 233 uitspraken · Officiële wettekst
233 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Wraking. Verzoek niet-ontvankelijk, omdat uit de wrakingsgrond niet kan worden afgeleid dat de rechter vooringenomen is, althans dat de dienaangaande bestaande vrees objectief gerechtvaardigd is. Sprake van misbruik van het wrakingsinstrument
WR 24/016: Wraking. Verzoek afgewezen, omdat er geen concrete feiten of omstandigheden gesteld zijn waaruit de wrakingskamer de vooringenomenheid van de rechter of de objectief gerechtvaardigde vrees daarvoor kan afleiden.
WR 24/015: Wraking. Verzoek afgewezen, omdat er geen concrete feiten of omstandigheden gesteld zijn waaruit de wrakingskamer de vooringenomenheid van de rechter of de objectief gerechtvaardigde vrees daarvoor kan afleiden.
WR 24/007: Wraking. Verzoek niet-ontvankelijk, omdat dit tweede verzoek geen nieuwe, (het handelen van) de rechter betreffende, feiten of omstandigheden ten grondslag gelegd heeft.
WR 23/024: Wraking. Afwijzing van het wrakingsverzoek, omdat niet gebleken is van concrete feiten of omstandigheden waaruit vooringenomenheid van de rechter of de objectief gerechtvaardigde vrees daarvoor kan afleiden.
Wrakingsverzoek
Verzoek om herziening van een beslissing van de Hoge Raad op een verzoek om wraking van leden van de Hoge Raad in een belastingzaak (art. 8:18 lid 5 en 8:119 Awb in verbinding met art. 29 AWR).
Wrakingsverzoek. Tussenbeslissing waarin voormalig gemachtigde als gemachtigde is geweigerd is niet (mede) genomen door de raadsheer waartegen het verzoek tot wraking is gericht. Verzoek tot wraking afgewezen.
Wraking in een zaak op grond van de Wet Mulder (Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften, Wahv). Het wrakingsverzoek heeft de griffie van de wrakingskamer veel te laat bereikt. Maar dat onverlet dat het wrakingsverzoek is gedaan na de einduitspraak. Wrakings
HR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Wraking. Naar aanleiding eerdere, volgens verzoeker onjuiste uitspraken van de gewraakte rechter
Hoger beroep tegen beschikking van de Rechtbank waarbij het wrakingsverzoek is afgewezen. Belanghebbende stelt geen uitnodiging te hebben ontvangen voor de zitting van de wrakingskamer. Dat is in dit geval niet zwaarwegend genoeg om te spreken van het niet in acht nemen van zodan
Wraking. Wrakingsgronden niet gericht tegen behandelende rechters
wraking alle rechters, verzoek kennelijk niet-ontvankelijk
Verzoek om wraking raadsheer-plaatsvervanger wegens uitlatingen in krantenartikel afgewezen.
De omstandigheid dat een rechter eerder een uitspraak heeft gedaan waarmee degene die zijn wraking verzoekt het niet eens is, is niet een grond voor wraking.
Het door een rechter nemen van een (niet welgevallige) beslissing levert volgens vaste jurisprudentie geen grond op voor wraking. Geen sprak van een (onbegrijpelijke) beslissing die voortvloeit uit vooringenomenheid van de rechter. Verzoek afgewezen.
Verzoek niet ontvankelijk. Afdoening buiten zitting. Het verzoek is gedaan na de op 12 januari 2017 gegeven beslissing. Daarmee is de behandeling van de zaak geëindigd. De rechter heeft geen zaak meer van verzoeker in behandeling. Verzoeker kan daarom niet in het door hem ingedie
Wrakingszaak.
Verzoek afgewezen. De door verzoekster aan het verzoek ten grondslag gelegde feiten betreffen rechterlijke uitspraken die de rechter (al dan niet meervoudig) in andere procedures heeft gedaan. Rechterlijke uitspraken in andere procedures kunnen op zichzelf niet tot het oordeel le
Verzoek niet ontvankelijk verklaard. Op het door klager gedane verzoek om een voorlopige voorziening is door de rechter op 13 september 2016 mondeling uitspraak gedaan. Blijkens de schriftelijke beslissing is het dictum telefonisch aan partijen doorgegeven om circa 17:00 uur. Het
Verzoek niet-ontvankelijk verklaard. Het verzoek tot wraking, dat is ontvangen op 12 mei 2016, is gedaan nadat op 8 april 2016 uitspraak was gedaan.
Verzoek afgewezen. Aan het verzoek ligt ten grondslag dat de rechter eerder uitspraak heeft gedaan op een beroepschrift van verzoeker tegen een beslissing van de Dienst Belastingen van de Gemeente Amsterdam. De rechter heeft verzoeker toen op vier punten in het ongelijk gesteld.
Verzoek niet-ontvankelijk. Het verzoek vindt geen grond in de wet, omdat een verzoek tot wraking alleen gericht kan zijn tegen rechter(s) die een zaak van verzoekster behandelen dan wel behandelt. Het verzoek wijst niet een rechter aan die de zaak van verzoekster behandelt en oms