Inkomstenbelasting. Artikelen 8:15, 8:18, lid 5, 8:31 en 8:42, lid 1, Awb. Klacht over rechterlijke onpartijdigheid i.v.m. eerdere behandeling van vergelijkbare zaken (oogst-op-stamconstructies) en wegens (vermeende) betrokkenheid uit hoofde van een eerdere werkkring. Rechter kan
Algemene wet bestuursrecht
Art. 8:18 Awb
Genoemd in 233 uitspraken · Officiële wettekst
233 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Procesrecht. Beroep tegen beslissing op verzoek tot wraking. Ontvankelijk? Art. 39 lid 5 Rv; doorbrekingsleer.
De Heffingsambtenaar heeft vlak voor de zitting en daarna ter zitting pas voor het eerst gereageerd op het hoger beroepschrift van belanghebbende en daarbij een aantal stukken ingediend. De stukken en het standpunt van misbruik van recht worden door het Hof buiten beschouwing gel
Artikelen 8:18, lid 5, Awb en 6 EVRM; is sprake geweest van een eerlijke procedure bij de Rechtbank? Artikel 219, lid 2, Gemeentewet; onroerende-zaakbelasting wordt niet geheven over vermogen. Artikelen 14 EVRM, 1 EP EVRM en 3:4, lid 2, Awb; Wet WOZ en onroerende-zaakbelasting ni
A-G IJzerman heeft conclusie genomen over de vraag of een tussentijds beroep in cassatie tegen de beslissing van de geheimhoudingskamer van het Hof, ontvankelijk te achten is. Het betreft de beslissing van Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 28 april 2021, nr. 20/00569, ECLI:NL:GHA
De Heffingsambtenaar heeft vlak voor de zitting en daarna ter zitting pas voor het eerst gereageerd op het hoger beroepschrift van belanghebbende en daarbij een aantal stukken ingediend. De stukken en het standpunt van misbruik van recht worden door het Hof buiten beschouwing gel
Dit is de derde en laatste conclusie in de zogenoemde tipgeverszaak. Het gaat thans om het beroep van de Staatssecretaris tegen de Hofuitspraak. Het Hof heeft geoordeeld dat vaststaat dat er geen gewichtige redenen bestaan om de naam van de tipgever geheim te houden. De weigering
Procesrecht; doorbrekingsgronden; rechtsmiddelenverbod wrakingsbeslissingen in artikel 8:18, lid 6, Awb.
Kennelijk niet ontvankelijk. Sprake van een verkapt beroep tegen de eerdere beslissing van deze wrakingskamer en daarvoor leent zich een wrakingsverzoek en de wrakingsprocedure zich niet. Tegen de beslissing op een wrakingsverzoek staat geen zelfstandig rechtsmiddel open. Daarove
Inleiding A-G IJzerman heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 12/05832 naar aanleiding van het beroep in cassatie van belanghebbende tegen de uitspraak van het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch van 7 november 2012, nrs. 08/00229 en 08/00267. Aan belanghebbende zijn met dagte
A-G IJzerman heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 12/05865 naar aanleiding van het beroep in cassatie van belanghebbende tegen de uitspraak van het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch van 7 november 2012, nr. 08/00241. Aan belanghebbende is voor het jaar 1996 met dagtekening
Inleiding A-G IJzerman heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 12/05873 naar aanleiding van het beroep in cassatie van belanghebbende tegen de uitspraak van het Gerechtshof te 's Hertogenbosch van 7 november 2012, nr. 08/00274, niet gepubliceerd. Aan belanghebbende is met d
De motivering van het verzoek is onbegrijpelijk en het verzoek bevat om die reden geen feiten of omstandigheden waaruit vooringenomenheid van de rechter of zwaarwegende aanwijzingen voor objectief gerechtvaardigde vrees daarvoor, zijn af te leiden. Bij gebreke van gronden is het
Wrakingskamer. Het wrakingsverzoek van 18 juni 2026 is (kennelijk) ongegrond, omdat het niet is gemotiveerd. De op 22 juni 2026 ingediende (nadere) onderbouwing laat de rechtbank bij de beoordeling buiten beschouwing, omdat de feiten of omstandigheden tegelijk moeten worden voorg
Wraking. Verzoek afgewezen, omdat het verzoek zich richt op eerder onwelgevallige beslissing(en) van de rechter. Niet gebleken is van concrete feiten of omstandigheden waaruit vooringenomenheid van de rechter of de objectief gerechtvaardigde vrees daarvoor kan worden afgeleid.
WR 25/039: Wraking. Verzoek afgewezen, omdat het verzoek zich richt op eerder onwelgevallige beslissing(en) van de rechter. Niet gebleken is van concrete feiten of omstandigheden waaruit vooringenomenheid van de rechter of de objectief gerechtvaardigde vrees daarvoor kan worden a
WR 25/019: Wraking. Verzoek afgewezen, omdat het is gericht tegen een processuele beslissing.
WR 25/012: Wraking. Verzoek afgewezen, omdat het is gericht tegen een processuele beslissing. Anti-misbruikmaatregel opgelegd.
Zittingsrechter maakt gebruik van de bevoegdheid om een herhaald wrakingsverzoek buiten behandeling te laten (vgl. HR (straf) 16 maart 2021, ECLI:NL:HR:2021:370). Onmiddellijk uitspraak in hoofdzaak na verzoek voorlopige voorziening (kortsluiting). Hoger beroep ongegrond. Verzoek
WR 24/037: Wraking. Verzoek afgewezen, omdat het is gericht tegen een rechterlijke (tussen)beslissing. En omdat uit de wrakingsgrond niet kan worden afgeleid dat de rechter vooringenomen is, althans dat de dienaangaande bestaande vrees objectief gerechtvaardigd is.
WR 24/040: Wraking. Verzoek afgewezen, omdat een wraking onder voorwaarden niet mogelijk is. Ook is niet gebleken van concrete feiten of omstandigheden waaruit vooringenomenheid van de rechter of de objectief gerechtvaardigde vrees.
Wraking. Verzoek afgewezen, omdat er geen concrete feiten of omstandigheden gesteld zijn waaruit de wrakingskamer de vooringenomenheid van de rechter of de objectief gerechtvaardigde vrees daarvoor kan afleiden. Sprake van misbruik van het wrakingsinstrument.
WR 24/033 Wraking: Verzoek afwijzing, omdat het geen betrekking heeft op de met de behandeling van de zaak belaste rechter.
Wraking: Verzoek afgewezen, processuele beslissing. En omdat uit de wrakingsgrond niet kan worden afgeleid dat de rechter vooringenomen is, althans dat de dienaangaande bestaande vrees objectief gerechtvaardigd is.
WR 24/030: Wraking. Verzoek afgewezen, omdat niet gebleken is van concrete feiten of omstandigheden waaruit vooringenomenheid van de rechter of de objectief gerechtvaardigde vrees daarvoor kan afleiden. Sprake van misbruik van het wrakingsinstrument.