Artikel 8:119, lid 1, letter c, Awb. Belanghebbende verzoekt om herziening van een uitspraak uit 1998. Het hof wijst het herzieningsverzoek af omdat hetgeen dat verzoeker nu naar voren brengt feiten en omstandigheden zijn die destijds ook bekend waren. De mogelijkheid tot herzien
Algemene wet bestuursrecht
Art. 8:119 Awb
Genoemd in 101 uitspraken · Officiële wettekst
101 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
Verwijzingszaak (HR 7 maart 2025, ECLI:NL:HR:2025:360). Inkomstenbelasting. Art. 9.6 Wet IB 2001; verzoek om ambtshalve vermindering; fictieve weigering. Art. 6:20, lid 3, Awb juncto art. 6:24 Awb; hoger beroep wordt mede geacht te zijn gericht tegen het inmiddels genomen besluit
Verzoek om herziening niet-ontvankelijk. Onredelijk laat ingediend. Het herzieningsverzoek is ingediend meer dan een jaar na het bekend worden van de gestelde nova. Geen sprake van een nieuw feit of nieuwe omstandigheid als bedoeld in artikel 8:119, eerste lid, Awb.
Bij uitspraak van 19 februari 2025, in zaak nr. 202406070/3/A2, heeft de Afdeling het verzet van [verzoeker] tegen de uitspraak van de Afdeling van 24 oktober 2024, in zaak nr. 202406070/2/A2, ongegrond verklaard. [verzoeker] heeft de Afdeling verzocht die uitspraak te herzien. I
Herzieningsverzoek. Het hof wijst het herzieningsverzoek af, omdat verzoeker geen nieuwe gegevens heeft overgelegd en ook geen feiten en omstandigheden heeft aangevoerd die hij nog niet eerder kende.
HR verklaart het verzoek om herziening n-o.
Bij uitspraak van 9 april 2025 in zaken nrs. 202406985/1/A2, 202500574/1/A2 en 202500574/2/A2, ECLI:NL:RVS:2025:1534, heeft de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak met toepassing van artikel 8:86 van de Awb de beroepen van [verzoeker] tegen het niet-tijdig nem
Verzet. Verzoek om herziening uitspraak Raad niet-ontvankelijk. Niet tijdige betaling griffierecht. Geen beroep op betalingsonmacht. Uit artikel 8:119 Awb volgt dat er griffierecht moet worden betaald voor een verzoek om herziening. De verzetprocedure maakt deel uit van het hoger
Artikel 8:119, lid 1, Awb. Hof wijst het herzieningsverzoek af omdat er geen novum is.
Vrijheidsontnemende maatregel heeft, in retrospectief, als feitelijk onrechtmatig te gelden. Eiser had feitelijk nog steeds als asielzoeker te gelden, derhalve had hem niet op grond van artikel 6 eerste en tweede juncto zesde lid Vw de vrijheidsontnemende maatregel kunnen worden
Het verzoek om herziening van een eerder door de rechtbank gedane onherroepelijke uitspraak wijst de rechtbank af. Van nieuw gebleken feiten en omstandigheden als bedoeld in artikel 8:119 van de Awb is geen sprake.
Het wrakingsverzoek is kennelijk niet-ontvankelijk omdat het is gedaan nadat reeds een eindbeslissing was genomen.
Verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Brief m.b.t. toepassing bestuursdwang is geen besluit maar feitelijk handelen. Bezwaar geen kans van slagen. Belang van handhaving weegt ook zwaarder.
Artikel 8:119, lid 1, letter c, Awb. Het hof wijst het herzieningsverzoek af omdat hetgeen dat verzoekster nu naar voren brengt geen onderdeel uit maakte van het geschil in de eerdere hogere beroepsprocedure. Gelet hierop is geen sprake van feiten en omstandigheden die tot een an
Burenrecht. Muur die tussen de achtertuinen van partijen staat is mandelig. Geïntimeerde heeft bij verbouwing niet onrechtmatig jegens appellanten gehandeld door geluidsoverlast te veroorzaken, geen overleg te voeren en/of geen vooropname toe te staan. Ook heeft geïntimeerde geen
Rijnvarende. Rijnvarendenverdrag (Verdrag betreffende de sociale zekerheid van rijnvarenden; Trb. 1981, 43) en Verordening EEG nr. 1408/71). Belanghebbende vraagt om herziening van de uitspraak van het hof van 21 december 2017, ECLI:NL:GHSHE:2017:5843. In die uitspraak is belangh
Verzoek om herziening nadat een eerder herzieningsverzoek niet-ontvankelijk is verklaard. Artikel 8:119, lid 1 Awb.
Verzoek om herziening nadat een eerder herzieningsverzoek niet-ontvankelijk is verklaard. Artikel 8:119, lid 1 Awb.
Tweede verzoek tot herziening van beslissing wrakingskamer op wrakingsverzoek. Verzoek kennelijk niet-ontvankelijk.
BRE 22/2394, 8:55 verzet ongegrond
Herzieningsverzoek. Niet voldaan aan vereisten van artikel 8:119, lid 1, Awb. Verzoeker doet het verzoek om herziening slechts steunen op informatie die reeds vóór de uitspraak van het hof bij verzoeker bekend was.
Art. 8:119 Awb. PVV 2010 en 2011. Rijnvarende. Eerder oordeelden Hof, CRvB en Hoge Raad dat belanghebbende verzekerd en premieplichtig is in Nederland. SVB sluit daarna overeenkomst met Luxemburg waarbij belanghebbende alsnog sociaal verzekerd is in Luxemburg van 1 januari 2010 t
Art. 8:119, lid 1, onderdeel c, Awb. Afwijzing verzoek om schadevergoeding door Inspecteur is geen besluit ingevolge art. 26 AWR. Wet nadeelcompensatie is niet van toepassing. De Rechtbank heeft zich destijds terecht onbevoegd verklaard. Het verzoek kan tot geen andere beslissing
Herzieningsverzoek. Geen novum. Toewijzing op grond van overeenkomstige toepassing herzieningsregeling.
HR verklaart het verzoek om herziening n-o.