WOZ-waarde bedrijfsruimte. De heffingsambtenaar heeft aan de op hem rustende bewijslast voldaan. De heffingsambtenaar heeft aannemelijk gemaakt dat bij het bepalen van de in het kader van de huurwaardekapitalisatiemethode toe te passen huurwaarde niet uitgegaan kan worden van het
Algemene wet bestuursrecht
Art. 7:4 Awb
Genoemd in 470 uitspraken · Officiële wettekst
470 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 5 · live
Douanerecht. - is het beginsel van eerbiediging van de rechten van de verdediging geschonden en zo ja, dient dit te leiden tot vernietiging van de utb’s? - heeft de inspecteur voldaan aan de op de voet van artikel 7:4 Awb en artikel 8:42 Awb op hem rustende verplichting om alle o
Conclusie van staatsraad advocaat-generaal Widdershoven over de bestuurlijke boete die de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) heeft opgelegd aan een Litouwse transportonderneming. Uit onderzoek van FNV blijkt dat dit bedrijf de regels over de rusttijden niet altijd volgt. D
Wet Woz. Toezendplicht gegevens.
Artt. 6:17, 7:4, lid 4, 8:42 en 8:115, lid, letter b, Awb, artt. 17, lid 2, 30a, lid 2 en 4, 40, lid 2, Wet WOZ, art. 19, lid 1, VEU en artt. 6 en 13 EVRM. Art. 19, lid 1, VEU niet van toepassing. Belangenafweging bij afwijzing van het verzoek om uitstel van de zitting bij de Rec
Art. 15.33 Wet Milieubeheer. Art. 216 Gemeentewet. Art. 15.33 Wbm eist geen recht evenredig verband tussen de lasten en de hoeveelheid afvalaanbod van 1, 2 en 3 of meerpersoonshuishoudens. Tarieven afvalstoffenheffing 2022 Zoetermeer voor 1 persoons-, 2 persoons- en 3 persoons- o
Art. 17, lid 2 en art. 40, lid 2, Wet WOZ. De Heffingsambtenaar heeft de waarde van de woning niet te hoog vastgesteld. Het gevraagde inzicht in de indexeringspercentages van de vergelijkingsobjecten en de onderbouwing daarvan is tijdens het hoorgesprek gegeven door middel van he
WOZ. Woning. Eigen verkoopprijs.
Wet WOZ. Pro-forma hoger beroep. Ontvankelijkheid. Geen concrete gronden geformuleerd. Waarde woning. Schending art. 40, lid 2, Wet WOZ? De overig verzochte gegevens betreft enkel informatie over de cijfermatige invloed van verschillen tussen de woning en de vergelijkingsobjecten
Wet WOZ. Schending art. 40, lid 2, Wet WOZ? De overig verzochte gegevens betreft enkel informatie over de cijfermatige invloed van verschillen tussen de woning en de vergelijkingsobjecten op de waarde van de woning. Voldoende gegevens verstrekt. Waarderen is geen exacte wetenscha
Wet WOZ. Proceskostenvergoeding. Het is niet aan het Hof om de toekenning van proceskosten door de Rechtbank te toetsen aan zijn eigen richtsnoer. Toezendplicht. De Heffingsambtenaar handelt in strijd met artikel 40, lid 2, Wet WOZ door de onderbouwing van het toegepaste indexeri
Wet WOZ; artikel 40, lid 2; gegevens die niet in het taxatieverslag zijn opgenomen.
Artikel 40, lid 2, Wet WOZ; Heffingsambtenaar heeft toezendplicht geschonden. Artikel 17 Wet WOZ; ter zitting van het Hof overeenstemming over waarde van woning. Artikel 4:103 Awb; wettelijke rente. Artikel 8:88 Awb; verzoek om schadevergoeding. Redelijke termijn is in bezwaar- e
Toepassing artikel 40 Wet waardering onroerende zaken in geval een afspraak is gemaakt tussen gemachtigde van belanghebbende en de heffingsambtenaar over welke stukken wanneer toe moeten worden gezonden. Verwarring over een mogelijke correctie voor de ligging van de woning had vo
Wet Woz. Waardevaststelling woning.
Geen schending hoor- en inzagerecht; WOZ-waarde woning niet te hoog vastgesteld.
Artikel 6:17 en 7:4 Awb. Artikel 17 en 40 Wet WOZ. Toezendplicht op de zaak betrekking hebbende stukken. Hoorplicht. Heroverweging primair besluit. Algemene beginselen van behoorlijk bestuur. De Heffingsambtenaar heeft aan de hand van vergelijkingsobjecten aannemelijk gemaakt dat
Watersysteemheffing gebouwd. Anders dan in ECLI:NL:HR:2009:BI1968 en ECLI:NL:HR:2014:777 is aangenomen was eiser in dit geval niet van informatievoorziening vanuit de heffingsambtenaar afhankelijk om zijn beroep op de limietoverschrijding feitelijk te onderbouwen. Gezien de inhou
WOZ 2020. Het hof oordeelt dat de heffingsambtenaar aannemelijk heeft gemaakt dat de WOZ-waarde niet te hoog is vastgesteld. De gebruikte indexeringspercentages zijn in het licht van de stijgende huizenprijzen niet zodanig uiteenlopend dat een nadere onderbouwing had moeten worde
Art. 16 AWR; is de inspecteur bevoegd om navorderingsaanslagen voor de jaren 2012, 2013 en 2014 op te leggen? Voor de jaren 2013 en 2014 oordeelt het Hof dat de inspecteur een ambtelijk verzuim heeft begaan, maar is de inspecteur toch bevoegd om navorderingsaanslagen op te leggen
Wet WOZ. Objectafbakening woning. Artikel 16 aanhef, letter c en d, Wet WOZ. Geen schending artikel 1 van het EP bij het EVRM of artikel 14 EVRM, artikel 3:4, lid 2, Awb, art. 40 Wet WOZ en art. 7:4 Awb. Algemene verordening gegevensbescherming. Afwijzing vergoeding van immaterië
Reikwijdte volmacht. Belang bij het instellen van hoger beroep. De tussen de Heffingsambtenaar en de gemachtigde gemaakte werkafspraken resulteren in het afzien van het aan de hoorzitting gekoppelde inzagerecht. Geen schending van art. 7:4 Awb. Geen schending van art. 40 Wet WOZ.
Reikwijdte volmacht. Belang bij het instellen van hoger beroep. De tussen de Heffingsambtenaar en de gemachtigde gemaakte werkafspraken resulteren in het afzien van het aan de hoorzitting gekoppelde inzagerecht. Geen schending van art. 7:4 Awb. Geen schending van art. 40 Wet WOZ.
Ondanks het niet verstrekken van de secundaire objectgegevens in de bezwaarfase leidt dit, vanwege de gemaakte werkafspraken tussen belanghebbende en de heffingsambtenaar, niet tot een proceskostenvergoeding.
Artikel 5.19, lid 1, Wet IB 2001, waarde in het economische verkeer; artikel 16, lid 1, AWR, nieuw feit; artikel 11, lid 3, AWR, tijdigheid aanslag; artikel 8:42 Awb, op de zaak betrekking hebbende stukken; de hoorplicht; algemene beginselen van behoorlijk bestuur; dwangsom; scha