Niet aannemelijk dat kosten voor rechtsbijstand zijn gemaakt.
Algemene wet bestuursrecht
Art. 7:10 Awb
Genoemd in 292 uitspraken · Officiële wettekst
292 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
Verzekeringsplicht voor de Nederlandse volksverzekeringen Rijnvarende. Belanghebbende woont in Nederland, werkt op een schip dat, voorzien van een rijnvaarcertificaat van 2010 t/m 2014 vaart in de Rijnoeverstaten. De exploitant van het schip is in Nederland gevestigd, de werkgeve
Hoogte kostenvergoeding bezwaarfase en dwangsom. Het hof oordeelt, onder verwijzing naar arresten van de Hoge Raad ECLI:NL:HR:2013:BZ6822 en ECLI:NL:HR:2015:19, dat ook tegen op één aanslagbiljet vermelde WOZ-beschikkingen van onroerende zaken gelegen binnen twee verschillende ge
Art. 30, lid 9, Wet WOZ, art. 236, lid 2, Gemeentewet, art. 7:10, leden 3 en 4 Awb. Verdaging termijn voor uitspraak op bezwaar. Dwangsom. Art. 6:20, lid 3, Awb, prematuur beroep wegens niet tijdig beslissen heeft mede betrekking op de alsnog gedane uitspraak op bezwaar. Immateri
Art. 30, lid 9, Wet WOZ, art. 236, lid 2, Gemeentewet, art. 7:10, leden 3 en 4 Awb. Verdaging termijn voor uitspraak op bezwaar. Dwangsom. Art. 6:20, lid 3, Awb, prematuur beroep wegens niet tijdig beslissen heeft mede betrekking op de alsnog gedane uitspraak op bezwaar. Immateri
Art. 30, lid 9, Wet WOZ, art. 236, lid 2, Gemeentewet, art. 7:10, leden 3 en 4 Awb. Verdaging termijn voor uitspraak op bezwaar. Dwangsom. Art. 6:20, lid 3, Awb, prematuur beroep wegens niet tijdig beslissen heeft mede betrekking op de alsnog gedane uitspraak op bezwaar. Immateri
Art. 30, lid 9, Wet WOZ, art. 236, lid 2, Gemeentewet, art. 7:10, leden 3 en 4 Awb. Verdaging termijn voor uitspraak op bezwaar. Dwangsom. Art 6:20, lid 3, Awb, prematuur beroep wegens niet tijdig beslissen heeft mede betrekking op de alsnog gedane uitspraak op bezwaar. Immaterië
Art. 30, lid 9, Wet WOZ, art. 236, lid 2, Gemeentewet, art. 7:10, leden 3 en 4 Awb. Verdaging termijn voor uitspraak op bezwaar. Dwangsom. Art. 6:20, lid 3, Awb, prematuur beroep wegens niet tijdig beslissen heeft mede betrekking op de alsnog gedane uitspraak op bezwaar. Immateri
Art. 30, lid 9, Wet WOZ, art. 236, lid 2, Gemeentewet, art. 7:10, leden 3 en 4 Awb. Verdaging termijn voor uitspraak op bezwaar. Dwangsom. Art. 6:20, lid 3, Awb, prematuur beroep wegens niet tijdig beslissen heeft mede betrekking op de alsnog gedane uitspraak op bezwaar. Immateri
Art. 30, lid 9, Wet WOZ, art. 236, lid 2, Gemeentewet, art. 7:10, leden 3 en 4 Awb. Verdaging termijn voor uitspraak op bezwaar. Dwangsom. Art. 6:20, lid 3, Awb, prematuur beroep wegens niet tijdig beslissen heeft mede betrekking op de alsnog gedane uitspraak op bezwaar. Immateri
Art. 30, lid 9, Wet WOZ, art. 236, lid 2, Gemeentewet, art. 7:10, leden 3 en 4 Awb. Verdaging termijn voor uitspraak op bezwaar. Dwangsom. Art. 6:20, lid 3, Awb, prematuur beroep wegens niet tijdig beslissen heeft mede betrekking op de alsnog gedane uitspraak op bezwaar. Immateri
Art. 30, lid 9, Wet WOZ, art. 236, lid 2, Gemeentewet, art. 7:10, leden 3 en 4 Awb. Verdaging termijn voor uitspraak op bezwaar. Dwangsom. Art. 6:20, lid 3, Awb, prematuur beroep wegens niet tijdig beslissen heeft mede betrekking op de alsnog gedane uitspraak op bezwaar. Immateri
Art. 30, lid 9, Wet WOZ, art. 236, lid 2, Gemeentewet, art. 7:10, leden 3 en 4, Awb. Verdaging termijn voor uitspraak op bezwaar. Dwangsom. Art. 6:20, lid 3, Awb, prematuur beroep wegens niet tijdig beslissen heeft mede betrekking op de alsnog gedane uitspraak op bezwaar. Immater
A-G IJzerman heeft conclusie genomen naar aanleiding van het beroep in cassatie van belanghebbende, tegen de uitspraak van de rechtbank Gelderland van 24 november 2017, nr. 17/3177, op het verzet van belanghebbende tegen de eerdere uitspraak van de Rechtbank van 24 augustus 2017.
beroep niet tijdig; toerismevrijstelling; bezwaar gegrond; resterend belang
In geschil is of de heffingsambtenaar tijdig uitspraak heeft gedaan op de tegen de legesnota’s ingediende bezwaarschriften. Voorts is in geschil of het belastbare feit zich ten aanzien van de legesnota van 9 augustus 2010 heeft voorgedaan.
OT2010 Afwijzing verzoek om voorlopige voorziening wegens vermeende overtreding van de bij het marktanalysebesluit Vaste Telefonie aan KPN opgelegde gedragsregel 5.
Artikel 6:2, aanhef en letter b, Awb; artikel 11, lid 3, AWR. Van het niet tijdig vaststellen van de aanslag als bedoeld in artikel 6:2, aanhef en letter b, Awb is geen sprake als de aanslag binnen de wettelijke driejaarstermijn in de zin van artikel 11, lid 3, AWR is opgelegd.
Belanghebbende heeft in de jaren 2001, 2002 en 2003 in haar aangiften een bedrag in aanmerking genomen voor extra gezinshulp. Bij de aangiften zijn telkens bijlagen gevoegd waarbij een opstelling is gegeven van de ziektekosten alsmede een nadere toelichting voor de in aanmerking
Artikel 6, lid 1 EVRM. Overschrijding redelijke termijn? Vermindering boete bij overschrijding redelijke termijn? Artikel 29, lid 2, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen. Omkering bewijslast. Redelijke schatting verzwegen omzet / loon.
-
Verzet ongegrond; woz; igs te vroeg ingediend;
Verzet gegrond; WOZ; standaardbeslistermijn; artikel 7:10 Awb;
Parkeerbelasting. Het beroep is ongegrond.
Art. 7:10 Awb. Art. 16, lid 4, AWR. Navorderingsaanslagen IB/PVV 2009, 2010, 2012, 2015, 2016, 2017 en 2019. Aanslag IB/PVV 2018. Art. 67e, lid 1, AWR. Vergrijpboetes 2010, 2012, 2015, 2016, 2017 en 2019. Art. 2.17, lid 3, Wet IB 2001. Overschrijding termijn voor uitspraak op be