-
Algemene wet bestuursrecht
Art. 6:8 Awb
Genoemd in 340 uitspraken · Officiële wettekst
340 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Conclusie Regeling subsidie vaste lasten financiering COVID-19
-
CONCLUSIE: Op woensdag 12 november 2014 neemt staatsraad advocaat-generaal Widdershoven een conclusie in twee zaken over gemeentelijk uitwegbeleid. Een zaak gaat om de acceptatie van een melding door het college van burgemeester en wethouders van Leeuwarden voor de aanleg van een
Gezondheids- en welzijnswet voor dieren Regeling RVV-tarieven Gezondheids- en welzijnswet voor dieren 1994
ISDE-subsidie. Verweerder heeft het bezwaar van appellante terecht niet-ontvankelijk verklaard, omdat het bezwaar te laat is ingediend en er geen sprake is van een verschoonbare termijnoverschrijding. Het enkele feit dat het personeel van de afdeling administratie in de zomer van
Bij besluit van 18 maart 2010 heeft het college aan [vergunninghouder] een vergunning als bedoeld in artikel 8.1 van de Wet milieubeheer verleend voor het veranderen van een pluimveehouderij aan de [locatie] te Lopik.
-
Art. 2:14 Awb. Kenbaarheidsvereiste. Impliciete kenbaarmaking? Heeft belanghebbende kenbaar gemaakt langs elektronische weg bereikbaar te zijn door op een verplicht invulveld zijn e-mailadres in te vullen in een onlineformulier waarmee bezwaar is gemaakt? Is schermprint van e-mai
Tijdig bezwaar. Schriftelijke weergave van telefonisch contact moet als bezwaarschrift worden aangemerkt. Het college heeft het bezwaar tegen de buitenbehandelingstelling niet-ontvankelijk verklaard omdat appellante dit te laat zou hebben ingediend. Echter, de schriftelijke weerg
De Svb heeft ten onrechte het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard. Opdracht tot het nemen van een nieuw besluit op bezwaar.
Wob. Beroep richt zicht ook tegen door de (gemeente-)raad opgelegde geheimhouding als bedoeld in artikel 25 van de gemeentewet, en zal om die reden door de rechtbank worden doorgezonden ter verdere behandeling als bezwaar tegen oplegging van die geheimhouding. Daarnaast is het be
Verzetrechter weigert scheldende gemachtigde wegens ernstige bezwaren (art. 8:25 Awb); Is cassatieberoep tegen (alleen) die weigering een cassatieberoep bedoeld in art. 28(2) AWR? Klachten over schending van art. 47 EU-Handvest, art. 267 VwEU en het vrije dienstenverkeer; schelde
Omzetbelasting. Op aangifte is een bedrag van nihil voldaan. Bij suppletieaangifte wordt alsnog een teruggaaf gevraagd.
Art. 26 AWR. Art. 7:1, lid 2, Awb. Nadere beslissing op bezwaar geen beslissing waartegen beroep kan worden ingesteld.
-
De termijnoverschrijding in beroep wordt appellante niet tegengeworpen. Omdat op grond van de artikelen 28 en 29 van de Lar de beroepstermijn gaat lopen vanaf de dagtekening van een besluit, had appellante vanaf de uitreiking van het besluit nog 17 dagen om beroep in te stellen.
Is een verzoek om vergoeding van de bezwaarkosten een beschikking op aanvraag zodat de dwangsomregeling van toepassing is? Bevat de uitspraak op bezwaar een impliciete afwijzing van het verzoek? Deze zaak gaat over de vraag of een verzoek om een proceskostenvergoeding in de bezwa
Parkeerbelasting ¬– invordering – digitale verzendadministratie – bevoegdheid
Artikel 3:41 Awb, artikel 6:7 Awb en artikel 6:8 Awb. Ontvankelijkheid. Bekendmaking op de voorgeschreven wijze. Termijnoverschrijding. Artikel 4:17 Awb en artikel 6:12 Awb. Ontvankelijkheid. Onredelijk laat beroep na ingebrekestelling.
Belanghebbende doet aangifte IB/PVV 1997 naar een inkomen van nihil. De Inspecteur stelt de aanslag 1997 vast met een aanzienlijke correctie. Het na verloop van de termijn daartegen gemaakte bezwaar, acht het Hof ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard. Hoewel het aanslagbiljet
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten, veertiendagenbrief (art. 6:96 lid 6 BW). Aanvang veertiendagentermijn. Stelplicht en bewijslast. Gevolgen van onjuiste vermelding van de termijn. Rol van de rechter; verstek en tegenspraak. Gevolg
Belanghebbende betaalt per vergissing - via Parkline - de parkeerbelasting aan Rotterdam in plaats van Amsterdam. Naheffingsaanslag parkeerbelasting terecht opgelegd.
verlenging verblijfsvergunning regulier met arbeidsmarktaantekening “arbeid toegestaan, mits twv vereist”; overgangsrecht; Wav (nieuw); artikel 3.103 Vb; vertrouwens- en rechtszekerheidsbeginsel; gelijkheidsbeginsel; artikelen 8, 13 en 14 van het EVRM en artikel 26 IVBPR; hoorpli
Ontvankelijkheid bezwaar. Belanghebbende woont tot 11 november 2002 in Nederland, vervolgens in Groot-Brittannië en vanaf 6 juli 2007 weer in Nederland. Met dagtekening 25 juli 2005 heeft de inspecteur hem een aanslag IB/PVV voor het jaar 2002 opgelegd. Het aanslagbiljet is verzo