Dividendbelasting. Heffingsrente. Europees recht. Art. 25a, lid 2, Wet Vpb 1969, art. 15 en 30f AWR. Teruggaaf van dividendbelasting en vergoeding van heffingsrente m.b.t. door een Nederlandse deelneming aan haar Spaanse moedermaatschappij uitgekeerde dividenden. Beschikking waar
Algemene wet bestuursrecht
Art. 6:7 Awb
Genoemd in 517 uitspraken · Officiële wettekst
517 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 14 · live
gemiddelde waarde toeslagrechten, bedrijfstoeslag
Nu op 21 maart 2011 door de toenmalige gemachtigde van verzoekster bezwaar is ingesteld tegen het besluit in primo en hierop door verweerder bij besluit van 15 juli 2011 is beslist, had verweerder het bezwaar van 12 november 2011 op grond van artikel 6:15, eerste en tweede lid, A
Ontkenning ontvangst bestreden besluit in beroepsfase. Verzending en ontvangst dor verweerder voldoende aannemelijk gemaakt.
Bezwaar tegen Beleidsregels "Extra middelen verpleeghuiszorg 2008" ten onrechte niet ook gericht geacht tegen tariefbeschikking.
Aanvraag restitutie ingediend door X in opdracht van appellante; X heeft daarna nog een aantal malen (schriftelijk en telefonisch) contact gehad met het Productschap over deze aanvraag. X is terecht als gemachtigde van appellante aangemerkt. Besluit is dus terecht naar X verzonde
Buiten de termijn ingediend bezwaarschrift. Beroep op verschoonbare termijnoverschrijding. Juistheid bezwaarclausule.
Art. 6:11 Awb en 6:17 Awb. Bezwaar gemaakt door belastingadviseur en door advocaat. Motivering van bezwaar op verzoek van advocaat door belastingadviseur ingediend. Uitspraak op bezwaar door inspecteur vervolgens naar belastingadviseur gezonden. Geen reden voor verschoonbaarheid
Belanghebbende heeft geen recht op zelfstandigenaftrek en investeringsaftrek Belanghebbende drijft in de vorm van een eenmanszaak een onderneming waarvan de activiteiten hoofdzakelijk bestaan uit het geven van financiële en logistieke adviezen. Hij voert de werkzaamheden voorname
Winkeltijdenwet
Cassatie. Wet griffierechten burgerlijke zaken. Beroep op ‘hardheidsclausule’ art. 282a lid 4 in verbinding met art. 427b Rv. Cassatieadvocaat wordt geacht op de hoogte te zijn van aan de orde zijnde termijn en verstrekkende gevolgen van overschrijding daarvan. Nochtans toepassin
Het hoger beroep is wegens overschrijding van de daarvoor gestelde indieningstermijn niet-ontvankelijk.
Het hoger beroep is wegens overschrijding van de daarvoor gestelde indieningstermijn niet-ontvankelijk.
Het betoog van raadsman dat de toepassing op Unieburgers van de in de Vw neergelegde bezwaar- en beroepstermijn van 4 weken (in plaats van de 6 weken uit de Awb) in strijd is met Unierecht wordt door de rechtbank niet gevolgd: Het beroep op Richtlijn 64/221/EEG van 25 februari 19
Inspecteur had schrijven als beroepschrift moeten doorzenden aan de rechtbank (6:15 Awb). Berekening heffingsrente vanaf 1 juli 2008 terwijl bate pas op 24 november 2008 is genoten: geoorloofd.
Het Hof toetst ambtshalve of belanghebbende ontvankelijk is in zijn beroep bij de rechtbank. Belanghebbende heeft zijn beroepschrift niet tijdig ter post bezorgd. Geen sprake van een verschoonbare termijnoverschrijding. Het Hof verklaart het beroep bij de rechtbank alsnog niet-on
Gesteld noch gebleken is dat het ooit (eerder of later) is voorgekomen dat voor belanghebbende bestemde post hem in het geheel niet heeft bereikt. Ook indien dit anders ligt geldt dat belanghebbende blijkens de brief van TNT Post alle voor hem bestemde post liet bewaren. De aard
Belanghebbende heeft ten tijde van het indienen van zijn bezwaarschrift nog geen Minas-heffing voldaan, maar de Inspecteur heeft er vanaf gezien om belanghebbende daarom niet-ontvankelijk te verklaren. De inspecteur komt in een brief aan het Hof op dit standpunt terug. Het Hof oo
Ontvankelijkheid. Artikelen 6:9 en 6:11 Awb. Het door de Rechtbank doorgezonden stuk dat als een hoger beroepschrift onderscheidenlijk een beroepschrift in cassatie moet worden aangemerkt, is niet tijdig ingediend. Omtrent verschoonbaarheid van de termijnoverschrijding is niets g
Elektriciteitswet 1998 Wijzigingsregeling Regeling subsidiebedragen milieukwaliteit van de electriciteitsproductie 2007
Projectontwikkelaar Buytenhof spreekt de gemeente aan. De gemeente zou onrechtmatig hebben gehandeld ten eerste omdat ze omwonenden heeft opgeroepen bezwaar te maken tegen een door haar zelf aan Buytenhof verleende bouwvergunning voor de bouw van twee woningen, ten tweede door te
AFM is een bestuursorgaan als bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De door AFM aan gedaagden toegezonden facturen moeten als een besluit in de zin van de Awb worden opgevat, waartegen op grond van artikel 6:7 Awb bezwaar kon worden aangetekend binnen een termijn van ze
Ruilverkaveling; geschil betreffende lijst der geldelijke regelingen; art. 131 e.v., 174 e.v., 212 e.v. Landinrichtingswet (oud); overgangsbepaling art. 95 lid 2 Wet inrichting landelijk gebied. Indien rechtbank niet beschikt over afschrift volledige lijst der geldelijke regeling
Belanghebbendes vergissing bij het bepalen van de indieningstermijn leidt niet tot het oordeel dat belanghebbende niet in verzuim is. Het niet zoeken van een belangenbehartiger komt voor rekening van belanghebbende. Het verzet is ongegrond.
De inspecteur heeft in de bezwaarfase ten onrechte belanghebbende niet gehoord. Inspecteur en gemachtigde van belanghebbende komen in de beroepsfase overeen dat belanghebbende alsnog wordt gehoord en dat hij zijn beroep bij de rechtbank zal intrekken. Na het hoorgesprek doet de i