Eisers hebben verweerder verzocht om onder toepassing van artikel 19, derde lid, Wro medewerking te verlenen tot wijziging van het bestemmingsplan voor het huis aan de [adres]. Fictieve weigering vernietigd, nieuw primair besluit.
Algemene wet bestuursrecht
Art. 6:15 Awb
Genoemd in 349 uitspraken · Officiële wettekst
349 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 12 · live
Beëindiging COA-verstrekkingen wegens niet gebruik en statusverlening. Het COA beëindigt in mei 2004 de inschrijving in het asielzoekerscentrum wegens handelen in strijd met de huisregels, namelijk geen gebruik maken van de voorzieningen. Nadien wordt eiser een verblijfsvergunnin
Inrit- of uitwegvergunning. Na eerdere weigering alsnog toegekend, maar onvoldoende gemotiveerd waarom. Beroep gegrond.
Mensenhandel / niet tijdig beslissen. Bezwaarschrift tegen het niet tijdig beslissen op aanvraag. De gegeven beslissing op bezwaar beslist daarop niet, doch bevat de primaire beslissing op de aanvraag. Toepassing IND-werkinstructie 44a van 19 juni 1997. Beslistermijn van 24 uur o
Hoger beroep / bevoegdheid rechtbank. De rechtbank heeft eerder het beroep van verzoeker tegen de afwijzing van zijn aanvraag om een verblijfsvergunning reeds gegrond verklaard. Hij vraagt thans alsnog als voorlopige voorziening een verbod op uitzetting totdat opnieuw op het open
Appellant heeft bij brief aan verweerder van 15 januari 2004, bij de gemeente Culemborg ingekomen op 19 januari 2004, bezwaar gemaakt tegen een besluit van verweerder van 11 december 2003. Bij dit besluit heeft verweerder geweigerd appellant een vergunning te verlenen voor de exp
Afghanistan / artikel 1F VSV / ongewenstverklaring / artikel 3 EVRM. Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit tot ongewenstverklaring en tegen verweerders ambtshalve besluit dat er, gelet op de gewijzigde situatie in Afghanistan, ten aanzien van verzoeker bij terugkeer
Schadevergoeding / relativiteits- en causaliteitsvereiste. De rechtbank oordeelt dat is voldaan aan het relativiteitsvereiste en causaliteitsvereiste. Gelet op de specifieke bescherming die is beoogd slachtoffers van mensenhandel te bieden, valt niet in te zien dat de in dit geva
De rechtbank is, anders dan verweerder, met eiseres van oordeel dat in dit geval, gelet op de specifieke regeling van de hier aan de orde zijnde verblijfsvergunning, aan het relativiteitsvereiste is voldaan. De onderhavige voor mensenhandel opgestelde regeling als is vastgelegd i
[appellanten] c.s. hebben bij inleidende dagvaarding, op grond van een tweetal arresten van de Hoge Raad(...) gevorderd dat Noorderzijlvest wordt veroordeeld tot vergoeding van de kosten van rechtsbijstand in de bezwaarfase, welke zij na vermeerdering van eis hebben gesteld op €
Uitlegging door het Hof van een nadere verklaring omtrent het voorwerp van beroep. Een begeleidende brief bij de uitnodigingen tot betaling bevat in dit geval geen zelfstandige beschikking. Geen behandeling door de Hoge Raad van de vraag of tegen een uitnodiging tot betaling van
Voor een beschrijving van het verloop van de procedures tot 4 juni 2002 verwijst het College naar rubriek 1 van zijn uitspraak van die datum (01/368; www.rechtspraak.nl, LJN-nummer AE5147). Op 4 oktober 2002 heeft het College van appellant een beroepschrift ontvangen, waarbij ber
Fiscaal procesrecht. Tweede bezwaarschrift.
Belanghebbende, die in Duitsland heeft gewerkt en gewoond maar daarna in Nederland is gaan wonen en geen werkzaamheden meer heeft verricht ontving in de jaren 1994 en 1995 een Duitse sociale verzekeringsuitkering (Erwerbsunfähigkeitsrente). Het geschil betreft het antwoord op de
Opvang / minderjarigen. Het opvangbeleid zoals beschreven in de Vc 2000, TBV 2002/59 en TBV 2003/26 dient in onderlinge samenhang te worden bezien. In het beleid met betrekking tot minderjarige asielzoekers zoals neergelegd in de Vc 2000 geldt als uitgangspunt dat uitsluitend opv
De griffier van de sector bestuursrecht van de rechtbank te Utrecht heeft het bij die sector ingediende beroepschrift van AML doorgezonden naar de sector handels- en familierecht van diezelfde rechtbank. Vervolgens heeft de burgerlijke kamer de zaak in behandeling genomen. Een ge
Op 27 december 2001 heeft het College van appellante een beroepschrift ontvangen - na doorzending door de arrondissementsrechtbank te Utrecht met toepassing van artikel 6:15 Awb, waar het op 11 december 2001 is binnengekomen - waarbij beroep wordt ingesteld tegen een besluit van
Belanghebbende, een stichting die in het kader van een rijkssubsidieregeling tolk- en vertaalwerkzaamheden doet verrichten is naar het oordeel van het Hof niet belastingplichtig voor de Wet Vpb '69. Voorzover al in beperkte mate sprake is van 'in concurrentie treden' staat in het
Bouwvergunning plus vrijstelling op grond van artikel 19 lid 1 WRO. Zelfstandige projectprocedure voor appartementengebouwen in beschermd stadsgezicht IJlst. Ruimtelijke onderbouwing bestaat uit vastgesteld stadsvernieuwingsplan met een aanvullend standpunt over de afwijkingen va
Bouwvergunning plus vrijstelling op grond van artikel 19 lid 1 WRO. Zelfstandige projectprocedure voor appartementengebouwen in beschermd stadsgezicht IJlst. Ruimtelijke onderbouwing bestaat uit vastgesteld stadsvernieuwingsplan met een aanvullend standpunt over de afwijkingen va
Bouwvergunning plus vrijstelling op grond van artikel 19 lid 1 WRO. Zelfstandige projectprocedure voor appartementengebouwen in beschermd stadsgezicht IJlst. Ruimtelijke onderbouwing bestaat uit vastgesteld stadsvernieuwingsplan met een aanvullend standpunt over de afwijkingen va
Brief van de betrokkene is ten onrechte aangemerkt als beroepschrift tegen de inleidende beschikking. Gelet op de expliciete inhoud van die brief kon deze niet anders worden verstaan dan als een verzetschrift. De officier van justitie had het ten onrechte bij hem ingediende verze
De gemachtigde van belanghebbende heeft op 7 maart 2002 een bezwaarschrift ingediend tegen de onjuiste verrekeningen in de op 15 februari 2002 gedagtekende tweede nadere voorlopige aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen 2000. Als reactie op dit bezwaarschrift heeft
art. 26 WAHV; art. 26a WAHV; Verzetschrift ingekomen bij het CJIB. Awb niet van toepassing op Hoofdstuk VIII van de WAHV, waarin de verzetprocedure is geregeld. In casu aansluiting gezocht bij art. 6:15 Awb, waarin de doorzendplicht is geregeld voor bij niet bevoegd instanties i
Opvang / beëindiging verstrekkingen / vrijheidsbeperkende maatregel. Eisers, staatloze Palestijnen afkomstig uit Libanon, zijn uitgeprocedeerde asielzoekers aan wie een vrijheidsontnemende maatregel ex artikel 6 Vw 2000 was opgelegd. Na opheffing van de maatregel wordt eisers een