CONCLUSIE: Op woensdag 4 april 2018 neemt staatsraad-advocaat generaal Wattel een conclusie over bijzondere omstandigheden bij de invordering van een dwangsom of het verhalen van kosten bij bestuursdwang. De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak heeft de staatsraad-advoc
Algemene wet bestuursrecht
Art. 5:35 Awb
Genoemd in 77 uitspraken · Officiële wettekst
77 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Bestuursrechtelijke geldschuld; last onder dwangsom; verjaring van verbeurde dwangsommen (art. 5:35 Awb). Stuiting van verjaring (art. 4:105 Awb en 4:106 Awb); aanmaning en invorderingsbeschikking door bestuursorgaan (art. 4:112 en 5:37 lid 1 Awb). ABRvS 24 december 2013, ECLI:NL
Bij afzonderlijke besluiten van 22 november 2018 heeft het college zowel [appellant A] als [appellant B] onder oplegging van een dwangsom gelast om de gestelde strijdigheden met artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a en c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en arti
Bij besluit van 17 juli 2015 heeft het college besloten tot invordering van een verbeurde dwangsom met een bedrag van € 6.000,00.
Kort geding. Last onder dwangsom. Executiegeschil in verband met uitgevaardigd dwangbevel. Beroep op verjaring. Art. 4:123 Awb, art. 438 Rv.
-
Verzet tegen dwangbevel (voor invordering dwangsommen). Aanvang verjaringstermijn als bedoeld in art. 5:35 lid 1 (oud) Awb indien dwangsom is vastgesteld op een bedrag per maand dat de last niet is uitgevoerd. Art. 5:32 lid 4 (oud) Awb, voor zover hier van belang, moet aldus word
“Bevoegdheid tot invordering bestuurlijke dwangsommen verjaard. Aanmaning bevat niet de waarschuwing als bedoeld in artikel 4:112 lid 3 Awb. Dwangbevel onbevoegd uitgevaardigd”.
Verzet tegen dwangbevel. Leer van de formele rechtskracht. Dat appellant zich in de bestuursrechtelijke procedure niet had voorzien van rechtsbijstand speelt geen rol. Onduidelijkheid in het primaire dwangsombesluit kan niet worden opgeheven door brief ambtenaar. Dit moet het bes
Betreft de invordering van verbeurde dwangsommen. Partijen hebben een betalingsregeling afgesproken. Elke betaling moet worden aangemerkt als een erkenning van de rechtsvordering als bedoeld in art. 3: 318 BW. Derhalve is de vordering niet verjaard.
Bevoegdheid tot invordering van bestuursrechtelijke dwangsom verjaard op het moment van beslaglegging. Het verzet tegen een dwangbevel tot invordering van verbeurde dwangsommen schorst de verjaringstermijn. Na de beslissing op verzet tegen dwangbevel tot invordeing van verbeurde
18 februari 2005 Eerste Kamer Nr. C03/279HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. [Eiseres 1], gevestigd te [vestigingsplaats], 2. [Eiser 2], wonende te [woonplaats], 3. [Eiseres 3], wonende te [woonplaats], 4. [Eiseres 4], wonende te [woonplaats], 5. [Eiser 5]
Eiser vordert ontheffing van het dwangbevel op grond van verjaring, artikel 5:35 lid 1 Awb. Van een stuiting is volgens eiser niet gebleken. Gedaagde daarentegen betwist dat sprake is van verjaring, omdat 1) beslag is gelegd en 2) er per e-mail duidelijk is gecommuniceerd over he
Opheffen executoriaal derdenbeslag onder de Belastingdienst, last onder dwangsom, invorderingsbesluiten en aanmaningen, geen verjaring, opheffen executoriaal beslag op woning: eiseres niet-ontvankelijk want deelgenoten geen procespartij. Eiseres is samen met haar twee broers eig
Zes lasten onder dwangsom. Besluitonderdelen. Rechtbank is niet bevoegd met betrekking tot twee lasten, welke zijn gebaseerd op het Besluit bodemkwaliteit en de Wet milieubeheer, en de op grond van deze lasten genomen invorderingsbesluiten.
Bij besluit van 22 juli 2013 heeft het college [partij] gelast binnen een maand na de dag van verzending van het besluit de champignonkwekerij op het perceel aan de [locatie] te Velddriel (hierna: het perceel) in overeenstemming te (laten) brengen met de bouwvergunning met kenmer
Geschil over dwangbevel met betrekking tot verwijdering dierenverblijf uit weiland. Vordering tot staking tenuitvoerlegging dwangbevel en opheffing derdenbeslag. Beroep op verjaring bevoegdheid tot invordering wordt verworpen. Onvoldoende aannemelijk geworden dat met gemeente ove
Geschil over dwangbevel met betrekking tot verwijdering dierenverblijf uit weiland. Vordering tot staking tenuitvoerlegging dwangbevel en opheffing derdenbeslag. Beroep op verjaring bevoegdheid tot invordering wordt verworpen. Onvoldoende aannemelijk geworden dat met gemeente ove
Vordering tot opheffen executoriaal beslag opgeheven. Verjaring dwangbevel.
Kort geding. Afwijzing vordering tot staking executie dwangbevelen. Eiseres wordt niet gevolgd in haar standpunt dat de vordering van de Gemeente (betreffende verbeurde dwangsommen) intussen is verjaard.
Executie dwangbevel. Verjaringstermijn van 1 jaar ogv art. 5:35 Awb. Invorderingsbeschikking geen stuitingshandeling. In casu invorderingsbevoegheid verjaard.
Verzetprocedure tegen dwangbevel. Formele rechtskracht last onder dwangsom. Dwangsommen verbeurd? Bijzondere omstandigheden om af te zien van invordering?
Bestuursrechtelijke geldschuld; last onder dwangsom; verjaring van verbeurde dwangsommen (art. 5:35 Awb). Stuiting van verjaring (art. 4:105 Awb en 4:106 Awb); aanmaning en invorderingsbeschikking door bestuursorgaan (art. 4:112 en 5:37 lid 1 Awb). ABRvS 24 december 2013, ECLI:NL
Vordering verbod executie bestuurlijke dwangsommen. Verjaring van bevoegdheid tot invordering van dwangsommen. Bereidheid van gemeente vergunningen te verlenen. Geen verjaring. Geen misslag of noodtoestand. Vordering afgewezen.
Invordering verbeurde dwangsom wegens niet-tijdig voldoen aan last. Invorderingsbeschikking op grond van artikel 5:37 Awb en beslissing op daartegen gericht bezwaar allebei genomen binnen de termijn van één jaar genoemd in artikel 5:35 Awb. De vraag of het inmiddels aan eisers be