Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

ECLI:NL:RBZWB:2026:8463

2026-08-26 Civiel recht; Verbintenissenrecht 12085218 \ CV EXPL 26-749 (T)
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Uitspraakdatum
2026-08-26
Publicatiedatum
2026-09-03
Rechtsgebied
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure
Bodemzaak
Zaaknummer
12085218 \ CV EXPL 26-749 (T)
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

Huurovereenkomsten; vordering tot betaling van een huurachterstand voor de huur van woonruimte; vordering tot ontbinding van een huurovereenkomst voor de huur van een garage en tot ontruiming van de garage; onderbewindstelling huurder tijdens procedure; verhuurder wordt in de gelegenheid gesteld om de bewindvoerder als partij op te roepen in de zaak.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (6.742 tekens)
RECHTBANK
ZEELAND-WEST-BRABANT



Civiel recht
Kantonrechter



Zittingsplaats Tilburg



Zaaknummer: 12085218 \ CV EXPL 26-749




Vonnis van 26 augustus 2026




in de zaak van




STICHTING TBV, handelend onder de naam TBV WONEN,
te Tilburg,
eisende partij,
hierna te noemen: TBV Wonen,
gemachtigde: [gemachtigde],



tegen





[gedaagde]
,
te [plaats],
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde],
procederend in persoon.





1De zaak in het kort

1.1.

[gedaagde] huurt een woonruimte van TBV Wonen. TBV Wonen stelt dat [gedaagde] een deel van de huur voor september 2025 en de huur voor februari 2026 niet heeft betaald. TBV Wonen vordert betaling van die huur. [gedaagde] huurt ook een garage van TBV Wonen. TBV Wonen heeft de huurovereenkomst voor de garage opgezegd tegen 19 januari 2026, maar [gedaagde] heeft de garage niet ontruimd en opgeleverd. TBV Wonen vordert daarom ontbinding en ontruiming van de garage. Daarnaast vordert TBV Wonen dat [gedaagde] een vergoeding moet betalen voor het gebruik van de garage tot de ontruiming. De kantonrechter beslist nog niet over de vorderingen van TBV Wonen, omdat zij ambtshalve heeft vastgesteld dat [gedaagde] inmiddels onder bewind staat. TBV Wonen krijgt daarom de gelegenheid om de bewindvoerder in het geding te roepen. De kantonrechter legt dit oordeel hierna uit.





2De procedure


2.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding met de daarin genoemde stukken,- het extract audiëntieblad met een antwoord,- een akte met een eisvermeerdering,
- het e-mailbericht van TBV Wonen met een aanvulling op de akte en een eisvermeerdering,- het extract audiëntieblad met een antwoordakte.



2.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.





3De feiten


3.1.
TBV Wonen en [gedaagde] hebben op 24 november 2017 een huurovereenkomst gesloten voor de woonruimte aan [adres 1] in [plaats]. De huurprijs bedraagt op dit moment € 652,70 per maand. Op deze huurovereenkomst zijn de algemene huurvoorwaarden voor zelfstandige woonruimte van toepassing verklaard.



3.2.
Op 23 november 2018 hebben TBV Wonen en [gedaagde] ook een huurovereenkomst gesloten voor de garage aan [adres 2] in [plaats]. De huurprijs bedraagt op dit moment € 67,67 per maand. De algemene huurvoorwaarden voor een garage zijn op deze huurovereenkomst van toepassing verklaard.



3.3.

[gedaagde] heeft de huur voor september 2025 en februari 2026 niet betaald. TBV Wonen heeft [gedaagde] gesommeerd om de huurachterstand te betalen. TBV Wonen heeft ook melding gemaakt van de huurachterstand bij de gemeente. TBV Wonen heeft hierna de zaak uit handen gegeven aan haar incassogemachtigde.



3.4.
TBV Wonen heeft op 17 juli 2025 de huurovereenkomst voor de garage opgezegd tegen 19 januari 2026. [gedaagde] heeft de garage niet ontruimd en niet opgeleverd.





4Het geschil


4.1.
TBV Wonen vordert - samengevat – veroordeling van [gedaagde] tot betaling van een bedrag van € 1.173,07, ontbinding van de huurovereenkomst van de garage, ontruiming van de garage en betaling van een vergoeding voor het gebruik van de garage tot de ontruiming.



4.2.
TBV Wonen legt aan de vorderingen het volgende ten grondslag. Voor de huur van de woonruimte heeft [gedaagde] voor de maanden september 2025 en februari 2026 € 1.105,40 niet betaald. [gedaagde] heeft daarnaast voor de garage de huur van februari 2026 van € 67,67 niet betaald. Bovendien heeft TBV Wonen de huurovereenkomst voor de garage opgezegd, maar heeft [gedaagde] de sleutels van de garage niet ingeleverd.



4.3.

[gedaagde] voert verweer. [gedaagde] erkent de huurachterstand voor de woonruimte en heeft toegezegd deze huurachterstand omstreeks 20 maart 2026 te betalen. [gedaagde] betwist dat zij een huurachterstand heeft voor de garage. [gedaagde] maakt bezwaar tegen de ontbinding van de huurovereenkomst voor de garage. De garage is erg belangrijk voor haar, omdat zij die gebruikt voor de scootmobiel en rolstoel van haar dochter die reuma heeft.



4.4.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.





5De beoordeling


5.1.
De kantonrechter heeft ambtshalve geconstateerd dat de goederen van [gedaagde] vanaf 25 juli 2026 onder bewind zijn gesteld. Mevrouw [persoon] handelend onder de naam [bewindvoering] is benoemd tot bewindvoerder.



5.2.
De kantonrechter acht het van belang dat de bewindvoerder zich kan uitlaten over de vorderingen van TBV Wonen. Voordat de kantonrechter een beslissing neemt over de vorderingen van TBV Wonen, wordt TBV Wonen daarom in de gelegenheid gesteld om de bewindvoerder als partij in het geding op te roepen.



5.3.
Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.





6De beslissing


De kantonrechter



6.1.
stelt TBV Wonen in de gelegenheid om de bewindvoerder in het geding op te roepen voor de rolzitting van 23 september 2026,



6.2.
bepaalt dat met deze oproeping een afschrift van de processtukken en een kopie van dit tussenvonnis aan de bewindvoerder worden betekend,



6.3.
houdt iedere verdere beslissing aan.









Dit vonnis is gewezen door mr. Goossens en in het openbaar uitgesproken op 26 augustus 2026.
















































Artikel 118 Rv.