Rechtbank Overijssel
ECLI:NL:RBOVE:2019:4959
2019-06-04
Civiel recht
7604350 \ CV EXPL 19-879
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
Energieovereenkomst. Ambtshalve toetsing. Overeenkomst gesloten via een deur-tot-deur-actie. Niet voldaan aan de wettelijke informatieverplichtingen van artikel 6:230m BW en artikel 6:230t BW. De vordering wordt afgewezen.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (3.547 tekens)
RECHTBANK OVERIJSSEL
Team kanton en handelsrecht
Zittingsplaats Almelo
Zaaknummer : 7604350 \ CV EXPL 19-879
Vonnis van 4 juni 2019
in de zaak van
de besloten vennootschap
ENECO SERVICES B.V.,gevestigd te Rotterdam,
eisende partij, hierna te noemen Eneco,
gemachtigde: Syncasso Gerechtsdeurwaarders,
tegen
[gedaagde]
,wonende te [woonplaats] ,
gedaagde partij, hierna te noemen [gedaagde] ,
niet verschenen.
1De procedure
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het vonnis van 9 april 2019
- de akte uitlaten van Eneco.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2De verdere beoordeling
2.1.
De kantonrechter blijft bij hetgeen in voormeld vonnis is overwogen en beslist.
2.2.
Bij tussenvonnis van 9 april 2019 heeft de kantonrechter Eneco in de gelegenheid gesteld de overeenkomst en algemene voorwaarden te overleggen en zich uit te laten over de vraag of zij heeft voldaan aan haar informatieverplichtingen genoemd in artikel 6:230m BW.
2.3.
Bij akte heeft Eneco gesteld dat zij niet (meer) beschikt over de overeenkomst die zij in juni 2017 met [gedaagde] heeft gesloten. Zij heeft gesteld dat de overeenkomst is gesloten via een zogenaamde deur-tot-deur-actie. Verder heeft zij gesteld dat de verkopers van Eneco tijdens dit gesprek de informatie van artikel 6:230m BW aan de klant ter beschikking moet stellen.
2.4.
Nu de overeenkomst via een deur-tot-deur-actie is gesloten, ziet dit op een overeenkomst buiten verkoopruimte. Ingevolge artikel 6:230t BW dient de handelaar bij dit soort overeenkomsten de in artikel 6:230m lid 1 BW genoemde informatie te verstrekken op papier of andere duurzame drager.
2.5.
Ingevolge artikel 6:230n lid 4 BW zal Eneco voldoende onderbouwd moeten stellen dat de hiervoor genoemde informatie tijdig en op juiste wijze heeft verstrekt. Eneco heeft gesteld dat zij de overeenkomst niet meer kan overleggen en ook niet de in artikel 6:230m BW bedoelde informatie. Derhalve is niet komen vast te staan dat de bedoelde informatie is verstrekt.
2.6.
De kantonrechter is dan ook van oordeel dat Eneco niet heeft voldaan aan haar informatieverplichtingen als bedoeld in artikel 6:230m BW. Deze informatieverplichtingen zijn in het leven geroepen om de consument te beschermen. Nu niet ten nadele van de consument mag worden afgeweken van afdeling 2B van Boek 6 BW, zal de overeenkomst ambtshalve worden vernietigd (artikel 6:230i jo. artikel 3:40 lid 2 BW). Hiermee vervalt de grondslag van de vordering en zal de vordering worden afgewezen.
2.7.
Eneco wordt als de in het ongelijk gestelde partij belast met de proceskosten, aan de zijde van [gedaagde] tot op heden begroot op nihil.
3Beslissing
De kantonrechter:
3.1.
wijst de vordering af,
3.2.
veroordeeld Eneco in de kosten van het geding, begroot aan de zijde van [gedaagde] begroot op nihil.
Dit vonnis is gewezen door mr. F.E.J. Goffin, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 4 juni 2019. (SK)
Team kanton en handelsrecht
Zittingsplaats Almelo
Zaaknummer : 7604350 \ CV EXPL 19-879
Vonnis van 4 juni 2019
in de zaak van
de besloten vennootschap
ENECO SERVICES B.V.,gevestigd te Rotterdam,
eisende partij, hierna te noemen Eneco,
gemachtigde: Syncasso Gerechtsdeurwaarders,
tegen
[gedaagde]
,wonende te [woonplaats] ,
gedaagde partij, hierna te noemen [gedaagde] ,
niet verschenen.
1De procedure
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het vonnis van 9 april 2019
- de akte uitlaten van Eneco.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2De verdere beoordeling
2.1.
De kantonrechter blijft bij hetgeen in voormeld vonnis is overwogen en beslist.
2.2.
Bij tussenvonnis van 9 april 2019 heeft de kantonrechter Eneco in de gelegenheid gesteld de overeenkomst en algemene voorwaarden te overleggen en zich uit te laten over de vraag of zij heeft voldaan aan haar informatieverplichtingen genoemd in artikel 6:230m BW.
2.3.
Bij akte heeft Eneco gesteld dat zij niet (meer) beschikt over de overeenkomst die zij in juni 2017 met [gedaagde] heeft gesloten. Zij heeft gesteld dat de overeenkomst is gesloten via een zogenaamde deur-tot-deur-actie. Verder heeft zij gesteld dat de verkopers van Eneco tijdens dit gesprek de informatie van artikel 6:230m BW aan de klant ter beschikking moet stellen.
2.4.
Nu de overeenkomst via een deur-tot-deur-actie is gesloten, ziet dit op een overeenkomst buiten verkoopruimte. Ingevolge artikel 6:230t BW dient de handelaar bij dit soort overeenkomsten de in artikel 6:230m lid 1 BW genoemde informatie te verstrekken op papier of andere duurzame drager.
2.5.
Ingevolge artikel 6:230n lid 4 BW zal Eneco voldoende onderbouwd moeten stellen dat de hiervoor genoemde informatie tijdig en op juiste wijze heeft verstrekt. Eneco heeft gesteld dat zij de overeenkomst niet meer kan overleggen en ook niet de in artikel 6:230m BW bedoelde informatie. Derhalve is niet komen vast te staan dat de bedoelde informatie is verstrekt.
2.6.
De kantonrechter is dan ook van oordeel dat Eneco niet heeft voldaan aan haar informatieverplichtingen als bedoeld in artikel 6:230m BW. Deze informatieverplichtingen zijn in het leven geroepen om de consument te beschermen. Nu niet ten nadele van de consument mag worden afgeweken van afdeling 2B van Boek 6 BW, zal de overeenkomst ambtshalve worden vernietigd (artikel 6:230i jo. artikel 3:40 lid 2 BW). Hiermee vervalt de grondslag van de vordering en zal de vordering worden afgewezen.
2.7.
Eneco wordt als de in het ongelijk gestelde partij belast met de proceskosten, aan de zijde van [gedaagde] tot op heden begroot op nihil.
3Beslissing
De kantonrechter:
3.1.
wijst de vordering af,
3.2.
veroordeeld Eneco in de kosten van het geding, begroot aan de zijde van [gedaagde] begroot op nihil.
Dit vonnis is gewezen door mr. F.E.J. Goffin, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 4 juni 2019. (SK)