Rechtbank Noord-Holland
ECLI:NL:RBNHO:2026:10612
2026-08-13
Civiel recht; Arbeidsrecht
K/4102/12313207
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
Kort geding. Arbeidsongeschikte uitzendkracht die sinds 9 maart 2026 in Polen verblijft, vordert primair loondoorbetaling en herstel van de arbeidsovereenkomst met de bijbehorende zorgverzekering. Naar het voorlopig oordeel van de kantonrechter is de uitzendovereenkomst fase 1-2 van rechtswege geëindigd. De uitzendkracht heeft inmiddels een voorschot op een Ziektewetuitkering ontvangen, zodat die vordering eveneens wordt afgewezen.
Citeert (1)
- ECLI:NL:HR:2007:BA1522 Hoge Raad 15-06-2007
Geciteerd door (0)
- geen
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (21.572 tekens)
RECHTBANK
NOORD-HOLLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Haarlem
Zaaknummer: 12313207 \ VV EXPL 26-106
Vonnis in kort geding van 13 augustus 2026
in de zaak van
[eiser]
,
te [plaats] (Polen),
eisende partij,
hierna te noemen: [eiser] ,
gemachtigde: mr. A.A.M. Hoogveld,
tegen
FLEXPEDIA UITZENDEN B.V.,
te Haarlem,
gedaagde partij,
hierna te noemen: Flexpedia,
gemachtigde: mr. H. Mouselli en mr. K . Pullens.
De zaak in het kort: Kort geding. Arbeidsongeschikte uitzendkracht die sinds 9 maart 2026 in Polen verblijft, vordert primair loondoorbetaling en herstel van de arbeidsovereenkomst met de bijbehorende zorgverzekering. Naar het voorlopig oordeel van de kantonrechter is de uitzendovereenkomst fase 1-2 van rechtswege geëindigd. De uitzendkracht heeft inmiddels een voorschot op een Ziektewetuitkering ontvangen, zodat die vordering eveneens wordt afgewezen.
1De procedure
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
de betekende dagvaarding van [eiser] van 22 juli 2026 met 49 producties;
de conclusie van antwoord van Flexpedia van 28 juli 2026 met 9 producties;
nadere stukken van [eiser] van 28 juli met productie 50-53;
nadere stukken van [eiser] van 29 juli met productie 54;
de mondelinge behandeling van 30 juli 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt, waar door de gemachtigden van partijen pleitnota’s zijn overgelegd en waar Flexpedia nog een aanvullende productie heeft overgelegd.
2De feiten
2.1.
[eiser] (geboren op [geboortedatum] 1974) is een uit Polen afkomstige arbeidsmigrant. Hij is op 20 november 2025 een detacheringsovereenkomst fase A (of 1-2) aangegaan met Flexpedia.
2.2.
In de detacheringsovereenkomst staat dat [bedrijf 1] (hierna: ‘ [bedrijf 1] ’) recruitmentpartner is van Flexpedia en dat [bedrijf 1] met Flexpedia samenwerkt. Gedurende het dienstverband was de heer [betrokkene] de contactpersoon van [eiser] bij [bedrijf 1] .
2.3.
In de detacheringsovereenkomst staan, voor zover relevant, de volgende artikelen:
2.4.
Op de detacheringsovereenkomst is de NBBU-CAO van toepassing. In de NBBU- CAO staan, voor zover relevant, de volgende artikelen:
2.5.
In de bijlage van de detacheringsovereenkomst ‘Zorg en Zekerheid’ staat dat [eiser] zijn werkgever Flexpedia heeft gemachtigd tot het afsluiten van een zorgverzekering met ingang van het dienstverband bij Flexpedia.
2.6.
Flexpedia is eigenrisicodrager.
2.7.
[eiser] is door Flexpedia vanaf 20 november 2025 tewerkgesteld bij Vidra Metaalproducten B.V. (hierna: ‘Vidra’). Op 18 december 2025 raakte [eiser] betrokken bij een arbeidsongeval bij Vidra met gebitsschade tot gevolg.
2.8.
Op 13 januari 2026 heeft [eiser] een ongevalsrapport ontvangen van [betrokkene] . Op 21 januari 2026 heeft [betrokkene] aan [eiser] gemeld dat niet Flexpedia, maar Vidra de kosten van de tandheelkundige behandeling zou dragen. In februari 2026 heeft [eiser] diverse tandartsbehandelingen ondergaan.
2.9.
[eiser] appte op 5 februari 2026 met [betrokkene] :
[eiser] : ‘Flexpedia said that my contract ends on February 11, 2026? I read the contract carefully and there is no such information there? I’m calling Flexpedia right away to report sick’.
[betrokkene] : ‘Ok call Flexpedia.’
[eiser] : ‘Let me know today what’s going on with my contract, best regards.’
[betrokkene] : ‘I will ask at Flexpedia, because I don’t know it now.’
[eiser] : ‘Okay, I hope I get an answer today, because my contract doesn’t have an end date, I won’t have to sign a new contract.’
[betrokkene] : ‘I think that is true, it will extend every 4 weeks automatically, till you have worked for 1 year.’
2.10.
Per 6 februari 2026 is [eiser] bij Flexpedia ziekgemeld. [eiser] heeft vanaf 19 februari 2026 nog twee dagen gewerkt bij Vidra. Per 25 februari 2026 is hij volledig ziek uitgevallen.
2.11.
Per mail van 2 maart 2026 liet [betrokkene] aan [eiser] weten dat vanuit Flexpedia toestemming was om naar Polen te gaan, dat van hem verwacht werd dat hij daar naar een arts ging en documenten (niet-reizenverklaring en ZUS document) per e-mail aan Flexpedia stuurde. [betrokkene] wees erop dat hij regelmatig moest laten weten hoe het ging en dat hij de telefoon moest opnemen als [bedrijf 1] of Flexpedia belde, en dat hij anders moest terugbellen.
2.12.
[eiser] is op 9 maart 2026 naar Polen gegaan wegens familieomstandigheden en voor verdere medische behandeling.
2.13.
Op 10 maart 2026 berichtte [betrokkene] aan [eiser] : “Hi [eiser] , thanks for your message and the pictures. Hope you feeling better soon and that everything is going good with your mother. You will be sick reported at Flexpedia, but keep in touch with them. Send the documents they are asking for. And pick up the phone, when Flexpedia is calling”
2.14.
Op 11 maart 2026 stuurde Flexpedia een brief naar [eiser] met het onderwerp: ‘Waarschuwing - niet nakomen controlevoorschriften bij Verzuim’. Hierin stond, voor zover relevant: “U heeft echter meermaals niet de telefoon opgenomen en niet de benodigde documenten aangeleverd. Conform de gemaakte afspraken zullen wij u met ingang van 11 maart 2026 hersteld melden, omdat u niet hebt voldaan aan de controlevoorschriften bij ziekte. (…) Wil je alsnog in aanmerking komen voor loondoorbetaling tijdens ziekte, dan adviseren wij je dringend om telefonisch contact op te nemen. Indien noodzakelijk kunnen wij jouw ziekmelding per de dag dat je je meldt weer aannemen.”
2.15.
[eiser] heeft nadien diverse malen (mail)contact met Flexpedia gehad. [eiser] heeft op diverse momenten medische stukken aan Flexpedia verstuurd.
2.16.
Op 21 mei 2026 heeft Flexpedia aan [eiser] geschreven, voor zover relevant: ‘Je hebt een arbeidsovereenkomst met Flexpedia, en niet met [bedrijf 1] . Ik snap dat dit verwarrend kan zijn, maar je arbeidsovereenkomst is vertaald in het Pools en de personeelsgids ook, deze zou je dus kunnen nalezen. Op 11 maart 2026 is je arbeidsovereenkomst van rechtswege afgelopen.’ (…) ‘De zorgverzekering welke je hebt afgesloten via Zorg en Zekerheid kunnen wij je bieden zolang je een dienstverband bij ons hebt, maar als dat dienstverband eindigt en in jouw geval met een duidelijke waarschuwing tot contact dan stopt deze zorgverzekering.’
2.17.
Op 21 mei 2026 heeft Flexpedia het UWV gevraagd om opschorting van de Ziektewetuitkering van [eiser] .
2.18.
Op 5 juni 2026 ontving [eiser] van Flexpedia een uitnodiging om op het spreekuur van de bedrijfsarts in Enschede te verschijnen op 16 juni 2026. Op 8 juni 2026 stuurde [eiser] aan Flexpedia een brief van een Poolse arts, waarin stond dat [eiser] niet naar Nederland kon komen. Op 9 juni 2026 verzocht Flexpedia om een nieuwe ZUS verklaring waaruit deze reisbeperking zou blijken.
2.19.
Op 22 juli 2026 is [eiser] (telefonisch) door een Nederlandse bedrijfsarts beoordeeld. In de beoordeling staat onder meer: ‘De arbeidsgeschiktheid is tijdelijk (ik kan nog niet inschatten tot wanneer) marginaal. Dit is gebaseerd op de van de heer [eiser] ontvangen medische informatie (betreft informatie van zijn behandelaar in Polen)’ (…) ‘Ik heb medische informatie ontvangen van de heer [eiser] die hij bij zijn behandelaars in Polen heeft opgevraagd. Het is raadzaam om zekerheidshalve de authenticiteit van deze informatie te laten onderzoeken.’
2.20.
Op 23 juli 2026 heeft het UWV een voorlopige beslissing genomen inzake de ziektewetuitkering van [eiser] . Hierin staat, voor zover relevant: ‘Er is meer tijd nodig om te beslissen. Dat komt omdat nog niet alle benodigde gegevens beschikbaar zijn. U ontvangt daarom later bericht of u de ziektewetuitkering krijgt. Vanaf 12 maart 2026 wordt daarom een voorschot betaald van € 76,44 bruto per dag.’
2.21.
Op 23 juli 2026 heeft Flexpedia een bedrag van € 6.493,95 netto aan [eiser] uitbetaald met de omschrijving: ‘Ziektewetuitkering week 11 t/m 28’.
3Het geschil
3.1.
[eiser] vordert -samengevat en na vermeerdering van eis- primair doorbetaling van het loon vanaf 11 maart 2026 vermeerderd met de maximale wettelijke verhoging en wettelijke rente. Subsidiair vordert [eiser] betaling van een voorschot op een ziektewetuitkering, althans een voorschot op de geleden inkomensschade. In beide gevallen vordert [eiser] de afgifte van correcte bruto/netto-specificaties. Verder vordert [eiser] veroordeling van Flexpedia om alle administratieve, feitelijk en juridische handelingen te verrichten die noodzakelijk zijn om de ten onrechte verrichte uitdiensttreding ongedaan te maken en Flexpedia te veroordelen om een voorschot te betalen ter zake reeds gemaakte en nog te maken medische kosten totdat de verzekeringsdekking daadwerkelijk is hersteld.
3.2.
[eiser] legt aan de vordering het volgende ten grondslag. De detacheringsovereenkomst is niet van rechtswege geëindigd, maar is steeds (stilzwijgend) voortgezet ingevolge artikel 1.5 van de detacheringsovereenkomst en artikel 7:668 lid 4 BW. Flexpedia heeft [eiser] ten onrechte vanaf 11 maart 2026 geen loon meer betaald en hem na 11 maart 2026 ziek uit dienst gemeld en de Nederlandse ziektekostenverzekering van [eiser] beëindigd. Dit heeft geresulteerd in een problematische, financiële situatie met hoge medische kosten. De detacheringsovereenkomst en de bijbehorende zorgverzekering moeten onmiddellijk met terugwerkende kracht worden hersteld.
3.3.
Indien de detacheringsovereenkomst wél van rechtswege is geëindigd, dan heeft [eiser] recht op een ziektewetuitkering vanaf 11 maart 2026. Ingevolge artikel 27 van de toepasselijke EG-Verordening 987/2009 hoefde [eiser] niet naar Nederland af te reizen voor een controle door de bedrijfsarts. Flexpedia heeft alle door [eiser] verstrekte medische verklaringen van [eiser] onterecht in twijfel getrokken, waardoor hij lang heeft moeten wachten op betaling van de uitkering. De subsidiaire vordering betreft een schadevergoeding van € 15.677,51 bruto op grond van wanprestatie, althans onrechtmatige daad, althans schending van verplichtingen uit artikel 7:611 BW en 7:658 BW.
3.4.
Flexpedia voert verweer. Flexpedia concludeert tot niet-ontvankelijkheid van [eiser] , dan wel tot afwijzing van de vorderingen van [eiser] , met veroordeling van [eiser] in de kosten van deze procedure.
3.5.
Volgens Flexpedia is detacheringsovereenkomst op 11 maart 2026 van rechtswege geëindigd op grond van de toepasselijke contractuele bepalingen en de NBBU-CAO. De detacheringsovereenkomst is voor de laatste keer opnieuw aangevangen na 11 februari 2026. Na 11 maart 2026 is niet meer door [eiser] gewerkt, zodat de overeenkomst vervolgens van rechtswege is geëindigd. Flexpedia betwist dat de detacheringsovereenkomst stilzwijgend is voortgezet. Bovendien geldt een (fatale) vervaltermijn van twee maanden indien [eiser] het einde van de detacheringsovereenkomst wenst te laten toetsen. Flexpedia voert verweer tegen het subsidiair gevorderde.
3.6.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.
4De beoordeling
4.1.
Krachtens artikel 21 lid 1 van EU Verordening Brussel I bis is de kantonrechter bevoegd om van de vordering van [eiser] kennis te nemen. Op de rechtsverhouding tussen partijen is het Nederlands recht van toepassing.
4.2.
Het gaat hier om een in kort geding gevorderde voorlopige voorziening. Voor toewijzing is nodig dat [eiser] daarbij een spoedeisend belang heeft. De kantonrechter vormt zich een voorlopig oordeel over de vordering aan de hand van de stukken en de mondelinge behandeling. Of de gevraagde voorziening wordt verleend, hangt ook af van de afweging van de belangen van partijen.
4.3.
De primaire vordering van [eiser] in dit kort geding betreft een vordering tot betaling van achterstallig loon vanaf 11 maart 2026. Een dergelijke vordering is op zichzelf naar haar aard spoedeisend. Op grond van de jurisprudentie van de Hoge Raad kan, indien de hoofdvordering voldoende spoedeisend is om in kort geding te worden beoordeeld, in verband met de proceseconomie in hetzelfde geding ook worden beslist over de daarmee nauw verwante (minder spoedeisende) nevenvorderingen. Ook ten aanzien van de overige vorderingen van [eiser] zal daarom het spoedeisend belang worden aangenomen.
Detacheringsovereenkomst is van rechtswege geëindigd per 11 maart 2026
4.4.
[eiser] vordert betaling van loon (en aanverwante vorderingen) vanaf 11 maart 2026. Met Flexpedia is de kantonrechter vooralsnog van oordeel dat de detacheringsovereenkomst per die datum van rechtswege is geëindigd. De kantonrechter licht dit hieronder toe.
4.5.
[eiser] stelt zich op het standpunt dat de detacheringsovereenkomst stilzwijgend is voortgezet, omdat Flexpedia zich in haar brief van 11 maart 2025 op een arbeidsrechtelijke norm (loonsanctie) heeft beroepen en dat zij die arbeidsrechtelijke norm vervolgens direct heeft toegepast. Vervolgens heeft Flexpedia zich ook in latere correspondentie op deze brief beroepen. [eiser] mocht daaruit begrijpen dat de arbeidsovereenkomst zou doorlopen en dat mogelijk een arbeidsrechtelijke loonsanctie dreigde. Flexpedia voert aan dat [eiser] na 11 maart 2026 geen werkzaamheden meer voor Flexpedia heeft verricht, dat [eiser] zich niet beschikbaar heeft gehouden om werkzaamheden op een later moment te verrichten en dat hem ook geen werkzaamheden zijn aangeboden. Er is aldus geen feitelijke uitvoering gegeven aan de gestelde stilzwijgende voortzetting. De brief van 11 maart 2025 is een automatisch gegeneerde verzuimbrief, omdat het dienstverband op die dag nog bestond. Alle correspondentie ná 11 maart 2026 voerde Flexpedia in het kader van het eigenrisicodragerschap en niet als werkgever, aldus Flexpedia.
4.6.
De kantonrechter overweegt dat tussen partijen niet (meer) in geschil is dat de detacheringsovereenkomst in beginsel op 11 maart 2026 van rechtswege afliep, zonder dat voor Flexpedia een verplichting tot aanzegging gold. Ook staat vast dat [eiser] na 11 maart 2026 niet meer voor Flexpedia heeft gewerkt. [eiser] beroept zich aldus op het algemene beginsel dat ook op grond van de gedragingen van partijen toetreding tot een overeenkomst mag worden aangenomen. Naar het voorlopig oordeel van de kantonrechter kan de brief van 11 maart 2026 van Flexpedia niet als aanbod tot verlenging van de detacheringsovereenkomst worden aangemerkt noch heeft Flexpedia daarmee redelijkerwijs de verwachting gewekt dat de detacheringsovereenkomst zou worden voortgezet. Het is ongelukkig dat de brief op de laatste dag van de arbeidsovereenkomst aan [eiser] is verzonden, maar dit leidt niet tot de conclusie dat de arbeidsovereenkomst is voortgezet. Het is onzorgvuldig van Flexpedia dat zij niet eerder dan 21 mei 2026 aan [eiser] heeft meegedeeld dat zijn detacheringsovereenkomst per 11 maart 2026 was geëindigd.
4.7.
Ter zitting heeft [eiser] nog aan de orde gesteld dat Flexpedia bij monde van [bedrijf 1] op 5 februari 2026 (r.o. 2.9), de dag voordat hij zich heeft ziekgemeld, uitdrukkelijk en schriftelijk heeft bevestigd dat [eiser] geen nieuwe overeenkomst hoefde te tekenen en dat de detacheringsovereenkomst automatisch iedere vier weken zou worden verlengd. De kantonrechter volgt dit standpunt niet. Nog daargelaten dat uit het bericht volgt dat [eiser] kennelijk zelf andere informatie van Flexpedia had ontvangen, blijkt uit het antwoord van [bedrijf 1] dat dit gold als door [eiser] werd gewerkt. [eiser] heeft zich de volgende dag ziekgemeld, waarna hij nog enkele dagen heeft gewerkt en hij op 25 februari 2026 volledig is uitgevallen. Van een toezegging tot verlenging van de detacheringsovereenkomst tijdens ziekte, is niet gebleken.
4.8.
De voorlopige conclusie is dat de detacheringsovereenkomst tussen [eiser] en Flexpedia van rechtswege is geëindigd per 11 maart 2026. De primaire vordering met nevenvorderingen zullen daarom worden afgewezen.
Voorschot op de ziektewetuitkering vanaf 11 maart 2026 is reeds aan [eiser] uitbetaald
4.9.
Subsidiair vordert [eiser] betaling van een voorschot op een ziektewetuitkering, althans een voorschot op de door hem geleden inkomensschade. Flexpedia voert onder meer aan dat zij met de betaling op 23 juli 2026 al aan deze vordering heeft voldaan.
4.10.
De kantonrechter overweegt als volgt. Flexpedia is tijdens arbeidsongeschiktheid van een uitzendkracht gehouden 90% van het dagloon uit te keren in het eerste ziektejaar. Flexpedia is als eigenrisicodrager verantwoordelijk voor de correcte uitbetaling van het ziekengeld. Op 21 mei 2026 heeft Flexpedia het UWV verzocht te beslissen op haar verzoek tot opschorting van de ziektewetuitkering van [eiser] . Dit verzoek is door het UWV in behandeling genomen. Het UWV heeft meegedeeld dat meer tijd nodig was om te beslissen, omdat nog niet alle benodigde gegevens beschikbaar zijn. Het UWV heeft verder besloten tot toekenning van een voorschot op de ziektewetuitkering vanaf 12 maart 2026.
4.11.
[eiser] heeft niet weersproken dat dit door het UWV vastgestelde voorschot, vermeerderd met de aanvulling ex artikel 29 lid 4 NBBU-CAO, door Flexpedia -na het uitbrengen van de dagvaarding- aan [eiser] is voldaan. De kantonrechter kan [eiser] volgen in zijn stelling dat de aanleiding en de door Flexpedia aan het UWV verstrekte informatie ter zake de opschorting van de ziektewetuitkering vragen opwerpt. Nu de beoordeling hiervan echter bij het UWV voorligt en Flexpedia conform de voorlopige beslissing van het UWV aan [eiser] het door het UWV vastgestelde voorschot op de ziektewetuitkering heeft betaald, is thans onvoldoende aanleiding voor toekenning van een aanvullend voorschot op de ziektewetuitkering.
4.12.
De kantonrechter wijst daarom ook de subsidiaire vordering af.
Overige vorderingen
4.13.
De overige vorderingen van [eiser] hebben directe samenhang met de primaire en subsidiaire vordering. De kantonrechter ziet derhalve geen aanleiding om deze overige vorderingen van [eiser] toe te wijzen.
Proceskosten
4.14.
Op grond van artikel 7:629a lid 6 BW zullen de proceskosten worden gecompenseerd, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.
5De beslissing
De kantonrechter
5.1.
wijst de vorderingen van [eiser] af,
5.2.
compenseert de kosten van de procedure, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,
5.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. R.I.V. Scherpenhuijsen Rom en in het openbaar uitgesproken op 13 augustus 2026.
Hoge Raad 15 juni 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA1522
NOORD-HOLLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Haarlem
Zaaknummer: 12313207 \ VV EXPL 26-106
Vonnis in kort geding van 13 augustus 2026
in de zaak van
[eiser]
,
te [plaats] (Polen),
eisende partij,
hierna te noemen: [eiser] ,
gemachtigde: mr. A.A.M. Hoogveld,
tegen
FLEXPEDIA UITZENDEN B.V.,
te Haarlem,
gedaagde partij,
hierna te noemen: Flexpedia,
gemachtigde: mr. H. Mouselli en mr. K . Pullens.
De zaak in het kort: Kort geding. Arbeidsongeschikte uitzendkracht die sinds 9 maart 2026 in Polen verblijft, vordert primair loondoorbetaling en herstel van de arbeidsovereenkomst met de bijbehorende zorgverzekering. Naar het voorlopig oordeel van de kantonrechter is de uitzendovereenkomst fase 1-2 van rechtswege geëindigd. De uitzendkracht heeft inmiddels een voorschot op een Ziektewetuitkering ontvangen, zodat die vordering eveneens wordt afgewezen.
1De procedure
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
de betekende dagvaarding van [eiser] van 22 juli 2026 met 49 producties;
de conclusie van antwoord van Flexpedia van 28 juli 2026 met 9 producties;
nadere stukken van [eiser] van 28 juli met productie 50-53;
nadere stukken van [eiser] van 29 juli met productie 54;
de mondelinge behandeling van 30 juli 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt, waar door de gemachtigden van partijen pleitnota’s zijn overgelegd en waar Flexpedia nog een aanvullende productie heeft overgelegd.
2De feiten
2.1.
[eiser] (geboren op [geboortedatum] 1974) is een uit Polen afkomstige arbeidsmigrant. Hij is op 20 november 2025 een detacheringsovereenkomst fase A (of 1-2) aangegaan met Flexpedia.
2.2.
In de detacheringsovereenkomst staat dat [bedrijf 1] (hierna: ‘ [bedrijf 1] ’) recruitmentpartner is van Flexpedia en dat [bedrijf 1] met Flexpedia samenwerkt. Gedurende het dienstverband was de heer [betrokkene] de contactpersoon van [eiser] bij [bedrijf 1] .
2.3.
In de detacheringsovereenkomst staan, voor zover relevant, de volgende artikelen:
2.4.
Op de detacheringsovereenkomst is de NBBU-CAO van toepassing. In de NBBU- CAO staan, voor zover relevant, de volgende artikelen:
2.5.
In de bijlage van de detacheringsovereenkomst ‘Zorg en Zekerheid’ staat dat [eiser] zijn werkgever Flexpedia heeft gemachtigd tot het afsluiten van een zorgverzekering met ingang van het dienstverband bij Flexpedia.
2.6.
Flexpedia is eigenrisicodrager.
2.7.
[eiser] is door Flexpedia vanaf 20 november 2025 tewerkgesteld bij Vidra Metaalproducten B.V. (hierna: ‘Vidra’). Op 18 december 2025 raakte [eiser] betrokken bij een arbeidsongeval bij Vidra met gebitsschade tot gevolg.
2.8.
Op 13 januari 2026 heeft [eiser] een ongevalsrapport ontvangen van [betrokkene] . Op 21 januari 2026 heeft [betrokkene] aan [eiser] gemeld dat niet Flexpedia, maar Vidra de kosten van de tandheelkundige behandeling zou dragen. In februari 2026 heeft [eiser] diverse tandartsbehandelingen ondergaan.
2.9.
[eiser] appte op 5 februari 2026 met [betrokkene] :
[eiser] : ‘Flexpedia said that my contract ends on February 11, 2026? I read the contract carefully and there is no such information there? I’m calling Flexpedia right away to report sick’.
[betrokkene] : ‘Ok call Flexpedia.’
[eiser] : ‘Let me know today what’s going on with my contract, best regards.’
[betrokkene] : ‘I will ask at Flexpedia, because I don’t know it now.’
[eiser] : ‘Okay, I hope I get an answer today, because my contract doesn’t have an end date, I won’t have to sign a new contract.’
[betrokkene] : ‘I think that is true, it will extend every 4 weeks automatically, till you have worked for 1 year.’
2.10.
Per 6 februari 2026 is [eiser] bij Flexpedia ziekgemeld. [eiser] heeft vanaf 19 februari 2026 nog twee dagen gewerkt bij Vidra. Per 25 februari 2026 is hij volledig ziek uitgevallen.
2.11.
Per mail van 2 maart 2026 liet [betrokkene] aan [eiser] weten dat vanuit Flexpedia toestemming was om naar Polen te gaan, dat van hem verwacht werd dat hij daar naar een arts ging en documenten (niet-reizenverklaring en ZUS document) per e-mail aan Flexpedia stuurde. [betrokkene] wees erop dat hij regelmatig moest laten weten hoe het ging en dat hij de telefoon moest opnemen als [bedrijf 1] of Flexpedia belde, en dat hij anders moest terugbellen.
2.12.
[eiser] is op 9 maart 2026 naar Polen gegaan wegens familieomstandigheden en voor verdere medische behandeling.
2.13.
Op 10 maart 2026 berichtte [betrokkene] aan [eiser] : “Hi [eiser] , thanks for your message and the pictures. Hope you feeling better soon and that everything is going good with your mother. You will be sick reported at Flexpedia, but keep in touch with them. Send the documents they are asking for. And pick up the phone, when Flexpedia is calling”
2.14.
Op 11 maart 2026 stuurde Flexpedia een brief naar [eiser] met het onderwerp: ‘Waarschuwing - niet nakomen controlevoorschriften bij Verzuim’. Hierin stond, voor zover relevant: “U heeft echter meermaals niet de telefoon opgenomen en niet de benodigde documenten aangeleverd. Conform de gemaakte afspraken zullen wij u met ingang van 11 maart 2026 hersteld melden, omdat u niet hebt voldaan aan de controlevoorschriften bij ziekte. (…) Wil je alsnog in aanmerking komen voor loondoorbetaling tijdens ziekte, dan adviseren wij je dringend om telefonisch contact op te nemen. Indien noodzakelijk kunnen wij jouw ziekmelding per de dag dat je je meldt weer aannemen.”
2.15.
[eiser] heeft nadien diverse malen (mail)contact met Flexpedia gehad. [eiser] heeft op diverse momenten medische stukken aan Flexpedia verstuurd.
2.16.
Op 21 mei 2026 heeft Flexpedia aan [eiser] geschreven, voor zover relevant: ‘Je hebt een arbeidsovereenkomst met Flexpedia, en niet met [bedrijf 1] . Ik snap dat dit verwarrend kan zijn, maar je arbeidsovereenkomst is vertaald in het Pools en de personeelsgids ook, deze zou je dus kunnen nalezen. Op 11 maart 2026 is je arbeidsovereenkomst van rechtswege afgelopen.’ (…) ‘De zorgverzekering welke je hebt afgesloten via Zorg en Zekerheid kunnen wij je bieden zolang je een dienstverband bij ons hebt, maar als dat dienstverband eindigt en in jouw geval met een duidelijke waarschuwing tot contact dan stopt deze zorgverzekering.’
2.17.
Op 21 mei 2026 heeft Flexpedia het UWV gevraagd om opschorting van de Ziektewetuitkering van [eiser] .
2.18.
Op 5 juni 2026 ontving [eiser] van Flexpedia een uitnodiging om op het spreekuur van de bedrijfsarts in Enschede te verschijnen op 16 juni 2026. Op 8 juni 2026 stuurde [eiser] aan Flexpedia een brief van een Poolse arts, waarin stond dat [eiser] niet naar Nederland kon komen. Op 9 juni 2026 verzocht Flexpedia om een nieuwe ZUS verklaring waaruit deze reisbeperking zou blijken.
2.19.
Op 22 juli 2026 is [eiser] (telefonisch) door een Nederlandse bedrijfsarts beoordeeld. In de beoordeling staat onder meer: ‘De arbeidsgeschiktheid is tijdelijk (ik kan nog niet inschatten tot wanneer) marginaal. Dit is gebaseerd op de van de heer [eiser] ontvangen medische informatie (betreft informatie van zijn behandelaar in Polen)’ (…) ‘Ik heb medische informatie ontvangen van de heer [eiser] die hij bij zijn behandelaars in Polen heeft opgevraagd. Het is raadzaam om zekerheidshalve de authenticiteit van deze informatie te laten onderzoeken.’
2.20.
Op 23 juli 2026 heeft het UWV een voorlopige beslissing genomen inzake de ziektewetuitkering van [eiser] . Hierin staat, voor zover relevant: ‘Er is meer tijd nodig om te beslissen. Dat komt omdat nog niet alle benodigde gegevens beschikbaar zijn. U ontvangt daarom later bericht of u de ziektewetuitkering krijgt. Vanaf 12 maart 2026 wordt daarom een voorschot betaald van € 76,44 bruto per dag.’
2.21.
Op 23 juli 2026 heeft Flexpedia een bedrag van € 6.493,95 netto aan [eiser] uitbetaald met de omschrijving: ‘Ziektewetuitkering week 11 t/m 28’.
3Het geschil
3.1.
[eiser] vordert -samengevat en na vermeerdering van eis- primair doorbetaling van het loon vanaf 11 maart 2026 vermeerderd met de maximale wettelijke verhoging en wettelijke rente. Subsidiair vordert [eiser] betaling van een voorschot op een ziektewetuitkering, althans een voorschot op de geleden inkomensschade. In beide gevallen vordert [eiser] de afgifte van correcte bruto/netto-specificaties. Verder vordert [eiser] veroordeling van Flexpedia om alle administratieve, feitelijk en juridische handelingen te verrichten die noodzakelijk zijn om de ten onrechte verrichte uitdiensttreding ongedaan te maken en Flexpedia te veroordelen om een voorschot te betalen ter zake reeds gemaakte en nog te maken medische kosten totdat de verzekeringsdekking daadwerkelijk is hersteld.
3.2.
[eiser] legt aan de vordering het volgende ten grondslag. De detacheringsovereenkomst is niet van rechtswege geëindigd, maar is steeds (stilzwijgend) voortgezet ingevolge artikel 1.5 van de detacheringsovereenkomst en artikel 7:668 lid 4 BW. Flexpedia heeft [eiser] ten onrechte vanaf 11 maart 2026 geen loon meer betaald en hem na 11 maart 2026 ziek uit dienst gemeld en de Nederlandse ziektekostenverzekering van [eiser] beëindigd. Dit heeft geresulteerd in een problematische, financiële situatie met hoge medische kosten. De detacheringsovereenkomst en de bijbehorende zorgverzekering moeten onmiddellijk met terugwerkende kracht worden hersteld.
3.3.
Indien de detacheringsovereenkomst wél van rechtswege is geëindigd, dan heeft [eiser] recht op een ziektewetuitkering vanaf 11 maart 2026. Ingevolge artikel 27 van de toepasselijke EG-Verordening 987/2009 hoefde [eiser] niet naar Nederland af te reizen voor een controle door de bedrijfsarts. Flexpedia heeft alle door [eiser] verstrekte medische verklaringen van [eiser] onterecht in twijfel getrokken, waardoor hij lang heeft moeten wachten op betaling van de uitkering. De subsidiaire vordering betreft een schadevergoeding van € 15.677,51 bruto op grond van wanprestatie, althans onrechtmatige daad, althans schending van verplichtingen uit artikel 7:611 BW en 7:658 BW.
3.4.
Flexpedia voert verweer. Flexpedia concludeert tot niet-ontvankelijkheid van [eiser] , dan wel tot afwijzing van de vorderingen van [eiser] , met veroordeling van [eiser] in de kosten van deze procedure.
3.5.
Volgens Flexpedia is detacheringsovereenkomst op 11 maart 2026 van rechtswege geëindigd op grond van de toepasselijke contractuele bepalingen en de NBBU-CAO. De detacheringsovereenkomst is voor de laatste keer opnieuw aangevangen na 11 februari 2026. Na 11 maart 2026 is niet meer door [eiser] gewerkt, zodat de overeenkomst vervolgens van rechtswege is geëindigd. Flexpedia betwist dat de detacheringsovereenkomst stilzwijgend is voortgezet. Bovendien geldt een (fatale) vervaltermijn van twee maanden indien [eiser] het einde van de detacheringsovereenkomst wenst te laten toetsen. Flexpedia voert verweer tegen het subsidiair gevorderde.
3.6.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.
4De beoordeling
4.1.
Krachtens artikel 21 lid 1 van EU Verordening Brussel I bis is de kantonrechter bevoegd om van de vordering van [eiser] kennis te nemen. Op de rechtsverhouding tussen partijen is het Nederlands recht van toepassing.
4.2.
Het gaat hier om een in kort geding gevorderde voorlopige voorziening. Voor toewijzing is nodig dat [eiser] daarbij een spoedeisend belang heeft. De kantonrechter vormt zich een voorlopig oordeel over de vordering aan de hand van de stukken en de mondelinge behandeling. Of de gevraagde voorziening wordt verleend, hangt ook af van de afweging van de belangen van partijen.
4.3.
De primaire vordering van [eiser] in dit kort geding betreft een vordering tot betaling van achterstallig loon vanaf 11 maart 2026. Een dergelijke vordering is op zichzelf naar haar aard spoedeisend. Op grond van de jurisprudentie van de Hoge Raad kan, indien de hoofdvordering voldoende spoedeisend is om in kort geding te worden beoordeeld, in verband met de proceseconomie in hetzelfde geding ook worden beslist over de daarmee nauw verwante (minder spoedeisende) nevenvorderingen. Ook ten aanzien van de overige vorderingen van [eiser] zal daarom het spoedeisend belang worden aangenomen.
Detacheringsovereenkomst is van rechtswege geëindigd per 11 maart 2026
4.4.
[eiser] vordert betaling van loon (en aanverwante vorderingen) vanaf 11 maart 2026. Met Flexpedia is de kantonrechter vooralsnog van oordeel dat de detacheringsovereenkomst per die datum van rechtswege is geëindigd. De kantonrechter licht dit hieronder toe.
4.5.
[eiser] stelt zich op het standpunt dat de detacheringsovereenkomst stilzwijgend is voortgezet, omdat Flexpedia zich in haar brief van 11 maart 2025 op een arbeidsrechtelijke norm (loonsanctie) heeft beroepen en dat zij die arbeidsrechtelijke norm vervolgens direct heeft toegepast. Vervolgens heeft Flexpedia zich ook in latere correspondentie op deze brief beroepen. [eiser] mocht daaruit begrijpen dat de arbeidsovereenkomst zou doorlopen en dat mogelijk een arbeidsrechtelijke loonsanctie dreigde. Flexpedia voert aan dat [eiser] na 11 maart 2026 geen werkzaamheden meer voor Flexpedia heeft verricht, dat [eiser] zich niet beschikbaar heeft gehouden om werkzaamheden op een later moment te verrichten en dat hem ook geen werkzaamheden zijn aangeboden. Er is aldus geen feitelijke uitvoering gegeven aan de gestelde stilzwijgende voortzetting. De brief van 11 maart 2025 is een automatisch gegeneerde verzuimbrief, omdat het dienstverband op die dag nog bestond. Alle correspondentie ná 11 maart 2026 voerde Flexpedia in het kader van het eigenrisicodragerschap en niet als werkgever, aldus Flexpedia.
4.6.
De kantonrechter overweegt dat tussen partijen niet (meer) in geschil is dat de detacheringsovereenkomst in beginsel op 11 maart 2026 van rechtswege afliep, zonder dat voor Flexpedia een verplichting tot aanzegging gold. Ook staat vast dat [eiser] na 11 maart 2026 niet meer voor Flexpedia heeft gewerkt. [eiser] beroept zich aldus op het algemene beginsel dat ook op grond van de gedragingen van partijen toetreding tot een overeenkomst mag worden aangenomen. Naar het voorlopig oordeel van de kantonrechter kan de brief van 11 maart 2026 van Flexpedia niet als aanbod tot verlenging van de detacheringsovereenkomst worden aangemerkt noch heeft Flexpedia daarmee redelijkerwijs de verwachting gewekt dat de detacheringsovereenkomst zou worden voortgezet. Het is ongelukkig dat de brief op de laatste dag van de arbeidsovereenkomst aan [eiser] is verzonden, maar dit leidt niet tot de conclusie dat de arbeidsovereenkomst is voortgezet. Het is onzorgvuldig van Flexpedia dat zij niet eerder dan 21 mei 2026 aan [eiser] heeft meegedeeld dat zijn detacheringsovereenkomst per 11 maart 2026 was geëindigd.
4.7.
Ter zitting heeft [eiser] nog aan de orde gesteld dat Flexpedia bij monde van [bedrijf 1] op 5 februari 2026 (r.o. 2.9), de dag voordat hij zich heeft ziekgemeld, uitdrukkelijk en schriftelijk heeft bevestigd dat [eiser] geen nieuwe overeenkomst hoefde te tekenen en dat de detacheringsovereenkomst automatisch iedere vier weken zou worden verlengd. De kantonrechter volgt dit standpunt niet. Nog daargelaten dat uit het bericht volgt dat [eiser] kennelijk zelf andere informatie van Flexpedia had ontvangen, blijkt uit het antwoord van [bedrijf 1] dat dit gold als door [eiser] werd gewerkt. [eiser] heeft zich de volgende dag ziekgemeld, waarna hij nog enkele dagen heeft gewerkt en hij op 25 februari 2026 volledig is uitgevallen. Van een toezegging tot verlenging van de detacheringsovereenkomst tijdens ziekte, is niet gebleken.
4.8.
De voorlopige conclusie is dat de detacheringsovereenkomst tussen [eiser] en Flexpedia van rechtswege is geëindigd per 11 maart 2026. De primaire vordering met nevenvorderingen zullen daarom worden afgewezen.
Voorschot op de ziektewetuitkering vanaf 11 maart 2026 is reeds aan [eiser] uitbetaald
4.9.
Subsidiair vordert [eiser] betaling van een voorschot op een ziektewetuitkering, althans een voorschot op de door hem geleden inkomensschade. Flexpedia voert onder meer aan dat zij met de betaling op 23 juli 2026 al aan deze vordering heeft voldaan.
4.10.
De kantonrechter overweegt als volgt. Flexpedia is tijdens arbeidsongeschiktheid van een uitzendkracht gehouden 90% van het dagloon uit te keren in het eerste ziektejaar. Flexpedia is als eigenrisicodrager verantwoordelijk voor de correcte uitbetaling van het ziekengeld. Op 21 mei 2026 heeft Flexpedia het UWV verzocht te beslissen op haar verzoek tot opschorting van de ziektewetuitkering van [eiser] . Dit verzoek is door het UWV in behandeling genomen. Het UWV heeft meegedeeld dat meer tijd nodig was om te beslissen, omdat nog niet alle benodigde gegevens beschikbaar zijn. Het UWV heeft verder besloten tot toekenning van een voorschot op de ziektewetuitkering vanaf 12 maart 2026.
4.11.
[eiser] heeft niet weersproken dat dit door het UWV vastgestelde voorschot, vermeerderd met de aanvulling ex artikel 29 lid 4 NBBU-CAO, door Flexpedia -na het uitbrengen van de dagvaarding- aan [eiser] is voldaan. De kantonrechter kan [eiser] volgen in zijn stelling dat de aanleiding en de door Flexpedia aan het UWV verstrekte informatie ter zake de opschorting van de ziektewetuitkering vragen opwerpt. Nu de beoordeling hiervan echter bij het UWV voorligt en Flexpedia conform de voorlopige beslissing van het UWV aan [eiser] het door het UWV vastgestelde voorschot op de ziektewetuitkering heeft betaald, is thans onvoldoende aanleiding voor toekenning van een aanvullend voorschot op de ziektewetuitkering.
4.12.
De kantonrechter wijst daarom ook de subsidiaire vordering af.
Overige vorderingen
4.13.
De overige vorderingen van [eiser] hebben directe samenhang met de primaire en subsidiaire vordering. De kantonrechter ziet derhalve geen aanleiding om deze overige vorderingen van [eiser] toe te wijzen.
Proceskosten
4.14.
Op grond van artikel 7:629a lid 6 BW zullen de proceskosten worden gecompenseerd, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.
5De beslissing
De kantonrechter
5.1.
wijst de vorderingen van [eiser] af,
5.2.
compenseert de kosten van de procedure, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,
5.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. R.I.V. Scherpenhuijsen Rom en in het openbaar uitgesproken op 13 augustus 2026.
Hoge Raad 15 juni 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA1522