Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Midden-Nederland

ECLI:NL:RBMNE:2026:4944

2026-08-05 Civiel recht 12160129 \ UC EXPL 26-2611
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Uitspraakdatum
2026-08-05
Publicatiedatum
2026-07-30
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer
12160129 \ UC EXPL 26-2611
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

Infomedics vraagt betaling van facturen voor twee behandelingen door de tandarts. Gedaagde was in die tijd onder bewind gesteld en dat bewind was gepubliceerd. Omdat er voor de behandeling door de tandarts geen toestemming van de bewindvoerder was, mag Infomedics haar vordering niet op de goederen van gedaagde verhalen. De vordering wordt daarom afgewezen. Kort voor de zitting heeft Infomedics een vaststellingsovereenkomst gesloten met gedaagde, terwijl Infomedics moet hebben geweten dat haar vordering zou worden afgewezen. De kantonrechter vindt dat zo onfatsoenlijk dat die overeenkomst nietig is omdat die in strijd is met de goede zeden.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (7.064 tekens)
RECHTBANK
MIDDEN-NEDERLAND



Civiel recht
Kantonrechter



Zittingsplaats Utrecht



Zaaknummer: 12160129 \ UC EXPL 26-2611




Vonnis van 5 augustus 2026




in de zaak van



de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

INFOMEDICS B.V.,
gevestigd in Almere,
eisende partij,
hierna te noemen: Infomedics,
gemachtigde: Bosveld Gerechtsdeurwaarders B.V.,



tegen





[gedaagde]
,
wonend in [woonplaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
procederend in persoon.






1De procedure


1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding;- de conclusie van antwoord;
- het bericht van 22 juli 2026 van Infomedics;- de mondelinge behandeling van 23 juli 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.



1.2.
Op basis hiervan doet de kantonrechter deze uitspraak.






2De kern van de zaak


2.1.
In december 2023 heeft [gedaagde] twee keer een tandartsbehandeling gehad, waarvoor in totaal € 88,44 is gefactureerd. De tandarts heeft de vordering op [gedaagde] verkocht aan Infomedics. Infomedics vraagt nu betaling van de factuurbedragen met rente en kosten. [gedaagde] schrijft dat zij in die tijd geen zeggenschap over haar financiën omdat zij toen onder bewind stond. De kantonrechter wijst de vordering van Infomedics af. De tandarts had het bewind horen te kennen en nergens blijkt uit dat de bewindvoerder toestemming heeft gegeven voor het sluiten van de behandelovereenkomst. Dat heeft tot gevolg dat het geld en de spullen van [gedaagde] worden beschermd en Infomedics de schuld niet mag opeisen. Dat Infomedics desondanks kort voor de zitting met [gedaagde] een schikking heeft getroffen is zo onfatsoenlijk dat die overeenkomst nietig is. Ook op grond van die schikking, hoeft [gedaagde] dus niets te betalen.






3De beoordeling



De vordering van Infomedics wordt afgewezen




3.1.
Op het moment dat [gedaagde] de behandelovereenkomst sloot met de tandarts waren haar goederen nog onder bewind gesteld. Het is de kantonrechter ambtshalve bekend dat het bewind was gepubliceerd in het bewind- en curateleregister vanaf de instelling in 2017 tot de opheffing daarvan per 1 november 2024. De tandarts had het bewind dus behoren te kennen. Er blijkt nergens uit dat de bewindvoerder destijds toestemming heeft gegeven voor het sluiten van de behandelovereenkomst. Onderbewindstelling is een maatregel die is bedoeld om mensen te beschermen die tijdelijk zelf hun zaken niet goed kunnen regelen. Die bescherming werkt door nadat het bewind is opgeheven. De uit de behandelovereenkomst voortvloeiende schuld mag niet op de goederen van [gedaagde] worden verhaald, ook niet na opheffing van het bewind. De vordering van Infomedics wordt daarom afgewezen.



De buitengerechtelijke incassokosten en wettelijke rente worden ook afgewezen





3.2.
Omdat de vordering van Infomedics wordt afgewezen, worden ook de wettelijke rente en de buitengerechtelijke incassokosten afgewezen.



De vaststellingsovereenkomst is nietig





3.3.
Infomedics heeft in haar bericht van 22 juli 2026 aan de kantonrechter laten weten dat zij met [gedaagde] een schikking is overeengekomen inhoudende dat [gedaagde] in twee termijnen € 224,22 aan Infomedics zal betalen. Infomedics heeft daarbij aan de kantonrechter gevraagd om de afspraken vast te leggen in een vonnis. Dat zal de kantonrechter niet doen, omdat de overeenkomst tussen Infomedics en [gedaagde] nietig is. Infomedics moet hebben geweten dat haar vordering zou worden afgewezen. Er zijn immers door verschillende rechtbanken, waaronder deze rechtbank, al meerdere vonnissen gewezen waarin vorderingen van Infomedics zijn afgewezen omdat de schuldenaar (zoals in dit geval [gedaagde] ) onder bewind stond ten tijde van het sluiten van de behandelovereenkomst. Dat heeft Infomedics er niet van weerhouden om met [gedaagde] - die dat kennelijk niet wist - een vaststellingsovereenkomst te sluiten. De kantonrechter is van oordeel dat dat zo onfatsoenlijk is dat deze overeenkomst in strijd is met de goede zeden en daarmee nietig is.



3.4.
Tijdens de mondelinge behandeling heeft Infomedics verklaard dat [gedaagde] de eerste afgesproken termijn al heeft betaald. Omdat de overeenkomst op grond waarvan [gedaagde] heeft betaald nietig is, was die betaling onverschuldigd. Infomedics heeft tijdens de mondelinge behandeling toegezegd dat zij dit bedrag aan [gedaagde] zal terugbetalen.



Een extra opmerking van de kantonrechter





3.5.
De gemachtigde van Infomedics heeft tijdens de mondelinge behandeling verteld dat er in twee andere dossiers van [gedaagde] beslag is gelegd. De kantonrechter gaat ervan uit dat de gemachtigde nog eens kritisch gaat kijken of deze beslissing reden geeft om die beslagen op te heffen en af te zien van invordering.



De proceskosten





3.6.
Infomedics is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten betalen. [gedaagde] heeft geprocedeerd zonder gemachtigde en was niet bij de mondelinge behandeling, zodat zij geen kosten heeft gemaakt die voor vergoeding in aanmerking komen.






4De beslissing


De kantonrechter



4.1.
wijst de vorderingen van Infomedics af,



4.2.
veroordeelt Infomedics in de proceskosten, die aan de zijde van [gedaagde] worden begroot op nihil.









Dit vonnis is gewezen door mr. I.L. Rijnbout en in het openbaar uitgesproken op 5 augustus 2026.
















































Artikel 1:436 lid 3 BW


Artikel 1:440 BW


Artikel 3:40 BW