Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Midden-Nederland

ECLI:NL:RBMNE:2017:5054

2017-10-18 Civiel recht; Verbintenissenrecht 5765606 UC EXPL 17-3389
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Uitspraakdatum
2017-10-18
Publicatiedatum
2017-10-09
Rechtsgebied
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer
5765606 UC EXPL 17-3389
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Huurrecht; 7:236 BW. Verhuur van een perceel op een recreatiepark. Vervolg op ECLI:NL:RBMNE:2017:3784

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (3.415 tekens)
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND


Civiel recht
kantonrechter
locatie Utrecht



zaaknummer: 5765606 UC EXPL 17-3389 nig/1449




Vonnis van 18 oktober 2017




inzake



de besloten vennootschap


[eiseres] B.V.,
gevestigd in [vestigingsplaats] ,
verder ook te noemen [eiseres] ,
eisende partij in conventie,
verwerende partij in reconventie,
gemachtigde: mr. O.P. van der Linden,



tegen:





[gedaagde]
,
wonend in [woonplaats] ,
verder ook te noemen [gedaagde] ,
gedaagde partij in conventie,
eisende partij in reconventie,
gemachtigde: mr. L.M. van Rooij-Houweling.




1De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:


het tussenvonnis van 26 juli 2017;


de akte van [gedaagde] ;


de antwoordakte van [eiseres] .




1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.




2De beoordeling

2.1.
Deze zaak gaat over een stukje grond op een recreatiepark, dat [gedaagde] huurt van [eiseres] . Hij heeft daar een chalet, waar hij ook woont. [eiseres] vordert in conventie betaling van een huurachterstand en ontbinding van de huurovereenkomst wegens slecht huurderschap, namelijk de huurachterstand, en wegens het niet aanvaarden van een redelijke nieuwe overeenkomst.


2.2.
In het tussenvonnis heeft [gedaagde] de gelegenheid gekregen om alsnog zijn huurachterstand te betalen en om de nieuwe huurovereenkomst te tekenen. Uit de nadien toegezonden stukken blijkt, dat hij dat gedaan heeft. Er is daarom geen grond meer voor ontbinding (of opzegging) van de huurovereenkomst en evenmin voor een veroordeling tot betaling van de huurachterstand.


2.3.

[gedaagde] heeft in voorwaardelijke reconventie schadevergoeding gevorderd, voor het geval de huurovereenkomst zou worden beëindigd. Omdat dat niet gebeurt, hoeft daarover niet beslist te worden.


2.4.
De vordering in conventie wordt dus alleen afgewezen omdat [gedaagde] alsnog aan zijn verplichtingen voldaan heeft. Daarom ook is de vordering in reconventie niet toewijsbaar. Daarmee is [gedaagde] de materieel in het ongelijk gestelde partij: als hij meteen aan zijn verplichtingen voldaan had, was de hele procedure niet nodig geweest. Daarom zal hij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van [eiseres] worden (in conventie en reconventie samen) begroot op:
- dagvaarding € 99,21
- griffierecht € 470,00
- salaris gemachtigde € 450,00 (3 punten x tarief € 150,00)
Totaal € 1.019,21




3De beslissing

De kantonrechter:
wijst de vordering in conventie af;
veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de proceskosten aan de zijde van [eiseres] , tot de uitspraak van dit vonnis begroot op € 1.019,21, waarin begrepen € 450,00 aan salaris gemachtigde;
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. J.M. Willems, kantonrechter, en is in aanwezigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 18 oktober 2017.