Rechtbank Limburg
ECLI:NL:RBLIM:2026:7953
Inhoudsindicatie
Eiser legt aan de vordering ten grondslag dat de aan haar geleverde bus non-conform is, omdat de CNG-tanks niet zijn gecertificeerd. Daarnaast had Europe-Vans de plicht om het gebrek aan de distributieriem kosteloos te vervangen. Doordat Europe-Vans dit heeft nagelaten en haar niet goed over haar rechten heeft ingelicht, is zij – onverplicht – akkoord gegaan met betaling van deze kosten. Hierdoor is er sprake van een oneerlijke handelspraktijk en vordert eiser deze kosten terug. Ook ten aanzien van het ‘Excellent-pakket’ is sprake van een oneerlijke handelspraktijk, omdat Europe-Vans eiser misleidend heeft geïnformeerd over haar rechten als consument. Ook deze kosten vordert zij terug. Tot slot legt eiser aan de vordering ten grondslag dat Europe-Vans haar precontractuele informatieplicht heeft geschonden, doordat zij eiser niet voorafgaand aan de koop van de bus heeft geïnformeerd over de belastingtechnische gevolgen van het ombouwen van de bus naar een camper. De kern van het geschil is de vraag of eiser belang heeft bij de door haar gevorderde verklaringen voor recht, recht heeft op herstel van de CNG-tanks en op (terug)betaling van het 'Excellent-pakket', de distributieriem, bpm en aanverwante verliezen en de gevolgschade uit non-conformiteit van de CNG-tanks. De kantonrechter komt tot het oordeel dat eiser enkel aanspraak kan maken op een gedeeltelijke terugbetaling van het 'Excellent-pakket' en de kosten ter vervanging van de distributieriem. De overige vorderingen worden afgewezen.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (38.990 tekens)
LIMBURG
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer: 12042227 \ CV EXPL 26-85
Vonnis van 2 september 2026
in de zaak van
[eisende partij]
,
te [plaats] ,
eisende partij,
hierna te noemen: [eisende partij] ,
procederend in persoon,
tegen
EUROPE-VANS B.V.,
te Leerdam,
gedaagde partij,
hierna te noemen: Europe-Vans,
gemachtigde: SRM Rechtsbijstand.
1De procedure
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding met producties 1 t/m 8,- de conclusie van antwoord met producties 1 t/m 29,- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald,
- de mondelinge behandeling van 1 juli 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2De feiten
2.1.
Op 14 juli 2024 heeft [eisende partij] van Europe-Vans voor € 5.989,50 een Fiat Doblo (hierna: de bus) gekocht. De bus is op dat moment niet aangemerkt als personenauto en heeft een N1-registratie.
2.2.
[eisende partij] heeft bij de koop van de bus een ‘Excellent-pakket’ afgenomen voor
€ 1.687,95. In dit pakket zitten de volgende onderdelen:
“
Nieuwe APK-keuring incl. adviespunten;
Kleine onderhoudsbeurt;
Garantie:
3 MAANDEN GARANTIE
(max. 7.500km) op alle mechanische en elektronische onderdelen. (…)
Non-conformiteit: 12 MAANDEN (max. 30.000km)”
2.3.
Op 22 juli 2024 heeft [eisende partij] € 1.000,00 aanbetaald.
2.4.
Op 23 juli 2024 heeft Europe-Vans telefonisch aan [eisende partij] laten weten dat de distributieriem moest worden vervangen, waarna [eisende partij] akkoord is gegaan met vervanging van de distributieriem door Europe-Vans. Europe-Vans heeft hiervoor € 595,00 bij [eisende partij] in rekening gebracht.
2.5.
Op 29 juli 2024 heeft [eisende partij] het resterende deel van het totale door Europe-Vans in rekening gebrachte bedrag betaald.
2.6.
Op 7 augustus 2024 is de bus door Europe-Vans aan [eisende partij] geleverd en heeft zij de factuur ontvangen en getekend.
2.7.
Eind juni 2025 heeft [eisende partij] de bus omgebouwd tot een personenvoertuig, te weten een camper.
2.8.
Op 2 juli 2025 heeft [eisende partij] aan Europe-Vans een e-mail gestuurd met daarin onder meer het volgende:
“De zogenoemde toeslag van €1.687,95 voor het ‘Excellent-pakket’ is op geen enkel moment duidelijk gespecificeerd, en roept sterke twijfels op over de daadwerkelijke tegenprestatie.
(…) De genoemde APK, kleine onderhoudsbeurt en garantiedekking rechtvaardigen dit bedrag niet. De vermelding ‘non-conformiteit’ betreft immers een wettelijke verplichting, geen commerciële service.
Tevens werd ik pas op het laatste moment geïnformeerd dat de distributieriem (‘riem’) nog vervangen moest worden – terwijl de aankoop en aflevering al vrijwel afgerond waren. Dit gaf mij destijds weinig ruimte om een afgewogen beslissing te nemen. (…)
Belangrijker nog: bij de aankoop heb ik duidelijk aangegeven dat ik het voertuig wilde ombouwen tot camper. Ik zocht specifiek naar een geschikt voertuig daarvoor. Het feit dat u mij nooit heeft geïnformeerd over de BPM-verplichting die bij deze omkeuring ontstaat, terwijl u wist dat ik een particuliere koper was, acht ik zeer kwalijk. Deze informatie had essentieel kunnen zijn voor mijn aankoopbeslissing.”
2.9.
Bij e-mail van 2 juli 2025 heeft Europe-Vans onder meer het navolgende bericht aan [eisende partij] :
“1. Verkoop aan particulieren via Excellent-pakket
Europe-Vans is een groothandel die zich hoofdzakelijk richt op de zakelijke markt. In uitzonderlijke gevallen verkopen wij ook aan particuliere klanten.
In dergelijke gevallen is het afnemen van het zogeheten Excellent-pakket een voorwaarde, omdat wij hiermee een passende aflevering en service kunnen garanderen aan consumenten.
Het bedrag van € 1.687,95 dekt in uw geval:
APK incl. adviespunten
Kleine onderhoudsbeurt
3 maanden aanvullende garantie
Bevestiging en administratieve afhandeling van wettelijke non-conformiteit (conform art. 7:17 BW)
De vermelding van ‘non-conformiteit’ betreft geen commerciële extra dienst, maar een expliciete bevestiging dat wij uitvoering geven aan de wettelijke bescherming die u als consument geniet. (…)
2. BPM
De Fiat Doblo is geleverd op grijs [kenteken] (lichte bedrijfswagen) en was op het moment van registratie ouder dan vijf jaar.
Aangezien de betreffende auto op grijs kenteken staat en ouder is dan vijf jaar, is deze vrijgesteld van BPM, wat ook betekent dat er geen BPM is betaald voor het voertuig.
Wij hebben u hierover correct geïnformeerd, aangezien voertuigen die aan deze voorwaarden voldoen wettelijk zijn vrijgesteld van BPM-heffing. Daarom bent u bij een particuliere aanschaf op grijs kenteken geen BPM verschuldigd. (…)”
2.10.
Op 3 juli 2025 heeft [eisende partij] nogmaals een e-mail aan Europe-Vans verzonden met daarin onder meer het volgende:
Na zorgvuldige lezing van uw reactie ben ik tot de conclusie gekomen dat ik
onterecht en mogelijk onwettig ben aangerekend
. Daarom verzoek ik u hierbij formeel om volledige terugbetaling van de toeslag van € 1.687,95 (…)
Bij de verkoop werd mij uitdrukkelijk verteld dat de toeslag van € 1.687,95
verplicht was voor particuliere kopers
, zogenaamd om juridische of fiscale redenen. Op basis van deze informatie – en in de veronderstelling dat ik geen keuze had – heb ik het bedrag betaald. nu begrijp ik dat dit
niet juist
was, omdat:
Er bestaat
geen wettelijke verplichting
voor particulieren om een dergelijke toeslag te betalen;
Deze praktijk kan worden beschouwd als een
oneerlijke handelspraktijk
onder Nederlands recht (met name
artikel 6:193b BW
en volgende);
Het zogeheten “Excellent-pakket” bevat diensten (APK, kleine onderhoudsbeurt, drie maanden garantie, en bevestiging van non-conformiteit) die ofwel
wettelijk verplicht zijn
, of
standaard bij een consumentenverkoop inbegrepen moeten zijn
;
Deze kosten stonden
niet vermeld in de advertentie
, en ik kreeg
geen keuzemogelijkheid, specificatie of toelichting
.
(…) om die reden verzoek ik om een
volledige terugbetaling van € 1.687,95
, aangezien deze toeslag zowel
misleidend van aard
als
buitenproportioneel in bedrag
is. (…)”
2.11.
Op 3 augustus 2025 heeft [eisende partij] aan Volkswagen een e-mail gestuurd waarin onder meer het navolgende is opgenomen:
“In verband met een geplande reis naar het buitenland heb ik nu dringend een officieel keuringsbewijs nodig voor de CNG-tanks. Volgens de Nederlandse en Europese regelgeving had deze keuring vóór verkoop moeten plaatsvinden en moest het bewijs daarvan aan mij worden overhandigd. Helaas kon ik geen enkel bewijs hiervan terugvinden in de documenten die ik bij aankoop ontving.
Dit is een ernstige non-conformiteit. Zoals u weet moeten CNG-tanks periodiek gekeurd worden (doorgaans elke 4 of 10 jaar, afhankelijk van type en installatie), en moet een geldig certificaat beschikbaar zijn op het moment van verkoop. (…)
Daarbovenop valt het mij op dat het voertuig veel CNG verbruikt voor relatief korte afstanden – wat kan wijzen op een technisch probleem. (…)
U had de wettelijke plicht om het voertuig in conforme staat te leveren. Als de tanks inmiddels gekeurd hadden moeten worden of de keuring nooit is uitgevoerd, dan ligt de volledige verantwoordelijkheid en kost bij u. (…)”
2.12.
Europe-Vans heeft in haar e-mail van 12 augustus 2025 aan [eisende partij] medegedeeld dat her-certificering van de CNG-tanks mogelijk is voor € 187,55 (inclusief btw) per tank en dat zij, zonder aansprakelijkheid te erkennen, bereid is om deze kosten aan [eisende partij] te vergoeden. Daarnaast biedt zij [eisende partij] een kilometervergoeding van € 100,00 (inclusief btw) aan.
2.13.
Na het uitblijven van een door [eisende partij] gewenste oplossing heeft zij Europe-Vans gedagvaard.
3Het geschil
3.1.
[eisende partij] vordert uitvoerbaar bij voorraad:
te verklaren voor recht dat de bus niet voldeed aan de koopovereenkomst in de zin van artikel 7:17 BW wegens gebreken met betrekking tot de distributieriem, het ontbreken van geldige CNG-certificering en de fiscale misregistratie;
primair: Europe-Vans te veroordelen tot herstel van de CNG-tanks;
subsidiair: ontbinding van de koopovereenkomst;
te verklaren voor recht dat dat het handelen van Europe-Vans, waaronder misleidende omissies, het aanbieden van € 1.000,00 voor het verwijderen van recensies en het opleggen van onrechtmatige toeslagen, een oneerlijke handelspraktijk vormt.
Europe-Vans te veroordelen tot betaling van:
€ 1.687,00 voor het ‘Excellent-pakket’;
€ 595,00 voor de distributieriem;
€ 1.789,00 aan belasting van personenauto’s en motorrijwielen (hierna: bpm) en aanverwante verliezen;
€ 5.208,58 aan kosten ter vaststelling aansprakelijkheid;
€ 11.724,00 aan gevolgschade voortvloeiend uit non-conformiteit;
€ 3.000,00 aan immateriële schade;
de proceskosten.
3.2.
[eisende partij] legt aan de vordering ten grondslag – kort weergegeven – dat de aan haar geleverde bus niet de eigenschappen bezit die zij op basis van de koopovereenkomst mocht verwachten, omdat de CNG-tanks niet zijn gecertificeerd. Daarnaast had Europe-Vans de plicht om het gebrek aan de distributieriem kosteloos te vervangen. Doordat Europe-Vans dit heeft nagelaten en haar niet goed over haar rechten heeft ingelicht, beschikte [eisende partij] niet over de noodzakelijke informatie om een geïnformeerde beslissing te nemen, en is zij – onverplicht – akkoord gegaan met betaling van deze kosten. Hierdoor is er sprake van een oneerlijke handelspraktijk en vordert [eisende partij] deze kosten terug. Ook ten aanzien van het ‘Excellent-pakket’ is sprake van een oneerlijke handelspraktijk, omdat Europe-Vans [eisende partij] misleidend heeft geïnformeerd over haar rechten als consument. Zo heeft Europe-Vans non-conformiteit opgenomen in het verplicht gestelde ‘Excellent-pakket’, terwijl dit een consumentenrecht betreft dat [eisende partij] al kan ontlenen aan de wet, waardoor zij daarvoor nodeloos extra heeft betaald. Ook deze kosten vordert [eisende partij] terug. Tot slot legt [eisende partij] aan de vordering ten grondslag dat Europe-Vans haar precontractuele informatieplicht heeft geschonden, doordat zij [eisende partij] niet voorafgaand aan de koop van de bus heeft geïnformeerd over de belastingtechnische gevolgen van het ombouwen van de bus naar een camper.
3.3.
Europe-Vans voert verweer. Europe-Vans concludeert tot niet-ontvankelijkheid van [eisende partij] , dan wel tot afwijzing van de vorderingen van [eisende partij] , met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van [eisende partij] in de kosten van deze procedure.
3.4.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.
4De beoordeling
4.1.
De kern van het geschil is de vraag of [eisende partij] belang heeft bij de door haar gevorderde verklaringen voor recht, recht heeft op herstel van de CNG-tanks en op (terug)betaling van het ‘Excellent-pakket’, de distributieriem, de bpm en aanverwante verliezen, de gevolgschade uit non-conformiteit van de CNG-tanks, de kosten ter vaststelling van de aansprakelijkheid, de immateriële schade en de proceskosten. De kantonrechter is van oordeel dat [eisende partij] enkel aanspraak kan maken op terugbetaling van € 1.368,00 voor een gedeelte van het ‘Excellent-pakket’ en € 595,00 voor de kosten ter vervanging van de distributieriem. De overige vorderingen worden afgewezen. Hieronder wordt uiteengezet hoe de kantonrechter tot haar oordeel is gekomen.
[eisende partij] is een consument en diverse consumentenrechtelijke bepalingen zijn daarom van toepassing
4.2.
Voorop staat dat [eisende partij] heeft gehandeld als consument en Europe-Vans in het kader van de uitoefening van haar bedrijf. Dat maakt dat de overeenkomst tussen partijen aan te merken is als een consumentenkoop. Ook dient de kantonrechter (ambtshalve) na te gaan of aan de regels van het consumentenrecht, waaronder de in het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW) geïmplementeerde Richtlijn oneerlijke handelspraktijken en de bepalingen uit titel 1 van boek 7 BW, is voldaan.
Non-conformiteit CNG-tanks?
4.3.
Van non-conformiteit kan worden gesproken als een zaak, in dit geval de bus, niet
aan de overeenkomst beantwoordt. Een zaak beantwoordt niet aan de overeenkomst als zij,
mede gelet op de aard van de zaak en de mededelingen die de verkoper over de zaak heeft
gedaan, niet de eigenschappen bezit die de koper op grond van de overeenkomst mocht
verwachten. De koper mag verwachten dat de zaak de eigenschappen bezit die voor een
normaal gebruik daarvan nodig zijn en waarvan hij de aanwezigheid niet behoefde te
betwijfelen, alsmede de eigenschappen die nodig zijn voor een bijzonder gebruik dat bij de
overeenkomst is voorzien. Bij een consumentenkoop wordt in principe vermoed dat de zaak
bij aflevering niet aan de overeenkomst beantwoordt indien de afwijking van hetgeen is
overeengekomen zich binnen een jaar na aflevering openbaart.
4.4.
[eisende partij] stelt dat de bus is afgeleverd zonder geldige certificering van de CNG-tanks en dat zij deze certificaten binnen het eerste jaar na levering bij Europe-Vans heeft opgevraagd, maar nooit heeft ontvangen. CNG-tanks moeten volgens [eisende partij] periodiek gekeurd worden (doorgaans elke 4 of 10 jaar, afhankelijk van type en installatie), en er moet een geldig certificaat beschikbaar zijn op het moment van verkoop, aldus [eisende partij] , die ook stelt dat – als een geldig certificaat ontbreekt – de bus de weg niet op mag. Omdat aan haar geen certificaten zijn verstrekt, is de bus, volgens [eisende partij] , door Europe-Vans non-conform aan haar geleverd. Europe-Vans betwist de stellingen van [eisende partij] .
4.5.
Omdat [eisende partij] zich op non-conformiteit van de bus beroept, ligt het op haar weg om feiten en/of omstandigheden te stellen, en bij gemotiveerde betwisting te bewijzen, op grond waarvan kan worden geconcludeerd dat de bus non-conform is. Naar het oordeel van de kantonrechter heeft [eisende partij] haar stellingen, tegenover de gemotiveerde betwisting door Europe-Vans, onvoldoende onderbouwd. Daartoe overweegt de kantonrechter als volgt.
4.6.
De kantonrechter is van oordeel dat de gestelde gebreken het normale gebruik van de bus naar hun aard niet in de weg staan. Zo verhindert het ontbreken van de CGN-certificaten niet dat feitelijk met de bus gereden kan worden zoals bij normaal gebruik van de bus mag worden verwacht. [eisende partij] heeft immers erkend dat zij ongeveer een jaar lang de CGN-tanks heeft gebruikt en de bus dan ook daadwerkelijk functioneerde. Inmiddels rijdt [eisende partij] de bus op benzine en niet meer op de CNG-tanks, maar ook nu is niet aangetoond dat de CNG-tanks niet naar behoren functioneren. Zij heeft dan ook onvoldoende gesteld en onderbouwd dat sprake is van een gebrek aan de tanks zelf. [eisende partij] stelt wel dat de tanks roesten en dat sprake is van een verminderde prestatie, maar dit wordt door Europe-Vans betwist. Een nadere onderbouwing van [eisende partij] ontbreekt.
4.7.
Dat geldt ook ten aanzien van de stelling van [eisende partij] dat de tanks periodiek hadden moeten zijn herkeurd en dat bij gebreke van certificaten waaruit die keuring blijkt, de bus de weg niet op mag. [eisende partij] heeft alleen AI-gegeneerde informatie in het geding gebracht, op basis waarvan de juistheid van haar stelling niet kan worden vastgesteld. Verder heeft zij zeer veel e-mails overgelegd van verschillende bedrijven die zij heeft benaderd met vragen over de keuringsvereisten van CNG-tanks, maar op die mails zijn zoveel verschillende antwoorden gekomen, dat die evenmin een deugdelijke onderbouwing geven voor haar stelling dat de tanks ten tijde van de verkoop voorzien hadden moeten zijn van een “geldig certificaat” en dat de bus bij gebreke daarvan de weg niet op zou mogen. Integendeel, uit de e-mail van de heer [persoon] van KIWA van 12 september 2025 volgt juist dat er geen sprake is van verplichte certificaten of van verplichte herkeuringen iedere tien jaar. Wel merkt [persoon] op dat tanks waarvan de productiedatum of de “do not use after datum” niet meer leesbaar is, worden afgekeurd. [eisende partij] heeft echter niet gesteld dat dat in de door haar gekochte bus het geval is. De kantonrechter komt dan ook tot de conclusie dat [eisende partij] onvoldoende heeft onderbouwd dat de bus ten tijde van de levering door het ontbreken van vereiste certificaten “de weg niet op mocht”. Naar het oordeel van de kantonrechter had [eisende partij] de tanks – nadat zij eigenaar was geworden – eenvoudig zelf kunnen laten keuren. Dat heeft zij echter niet gedaan. Ook is zij om haar moverende redenen niet ingegaan op het aanbod van Europe-Vans om een dergelijke keuring op kosten van Europe-Vans te laten uitvoeren. Dit alles moet voor haar rekening blijven.
4.8.
Gelet op alle omstandigheden kan alles wat [eisende partij] over de CNG-tanks heeft aangevoerd niet leiden tot het oordeel dat sprake is van een gebrek, waardoor de bus niet aan de overeenkomst beantwoordt. [eisende partij] heeft dan ook geen recht op herstel en ook is er geen grond om de koopovereenkomst te ontbinden. Dat leidt ertoe dat de vorderingen van [eisende partij] om Europe-Vans te veroordelen om tot herstel over te gaan of (een gedeelte van) de koopsom terug te betalen en € 11.724,00 aan gevolgschade te vergoeden worden afgewezen.
Terugbetaling ‘Excellent-pakket’
4.9.
[eisende partij] stelt dat Europe-Vans onrechtmatig jegens haar heeft gehandeld omdat Europe-Vans haar verplicht heeft om tegen betaling het ‘Excellent-pakket’ af te nemen, maar niet duidelijk is geweest over de inhoud van dit pakket en haar er ook niet over heeft geïnformeerd dat een onderdeel van het pakket (de 12 maanden non-conformiteit) reeds op grond van de wet voor haar gold. Daarmee heeft Europe-Vans haar onjuist geïnformeerd over haar wettelijke rechten ten aanzien van herstel of vervanging van een non-conforme zaak, hetgeen een oneerlijke handelspraktijk is. Europe-Vans betwist dat sprake is van een oneerlijke handelspraktijk, maar erkent wel dat het onjuist was om [eisende partij] op deze manier (niet) te wijzen op haar rechten als consument. De kantonrechter oordeelt ten aanzien van deze stellingen als volgt.
4.10.
In artikel 6:193b lid 1 BW is bepaald dat een handelaar onrechtmatig jegens een consument handelt indien hij een handelspraktijk verricht die oneerlijk is. Een handelspraktijk is oneerlijk als een handelaar handelt in strijd met de vereisten van professionele toewijding en het vermogen van de gemiddelde consument om een geïnformeerd besluit te nemen merkbaar is beperkt of kan worden beperkt, waardoor de gemiddelde consument een besluit over een overeenkomst neemt of kan nemen, dat hij anders niet had genomen. Een handelspraktijk is, onder andere, oneerlijk indien een handelaar een misleidende handelspraktijk verricht als bedoeld in artikel 6:193c BW.
4.11.
In artikel 6:193c lid 1 onder g BW is, onder meer, bepaald dat een handelspraktijk misleidend is indien informatie wordt verstrekt die de gemiddelde consument misleidt of kan misleiden, zoals ten aanzien van de rechten van de consument waaronder het recht van herstel of vervanging van de afgeleverde zaak. Onder deze consumentenrechten valt volgens de Memorie van Toelichting in ieder geval het recht op correcte nakoming bij non-conformiteit (artikel 7:21 BW) en de overige bevoegdheden bij non-conformiteit (artikel 7:22 BW).
4.12.
Naar het oordeel van de kantonrechter heeft Europe-Vans door “Non-conformiteit: 12 MAANDEN (max. 30.000km)” in het door haar – tegen extra betaling – verplicht gestelde ‘Excellent-pakket’ op te nemen, misleidende informatie verstrekt ten aanzien van de wettelijke rechten van [eisende partij] als consument. Europe-Vans heeft het op die manier immers doen voorkomen alsof het recht van [eisende partij] op vervanging of herstel bij non-conformiteit van de gekochte zaak, die zich binnen eerste jaar na levering openbaart, een extra dienst was, die zij tegen bijbetaling kon kopen, terwijl dit recht reeds in de wet is verankerd en [eisende partij] dus al van rechtswege toekwam. Europe-Vans had [eisende partij] moeten inlichten over dit wettelijk recht. Nu zij dat niet heeft gedaan, heeft zij gehandeld in strijd met het bepaald in artikel 6:193c lid 1 onder g BW én met het verbod om een wettelijk recht van de consument voor te stellen als een onderscheidend kenmerk van het aanbod van de handelaar.
4.13.
De stelling van Europe-Vans dat het de vermelding van non-conformiteit geen commerciële extra dienst betrof, maar een expliciete bevestiging was dat zij uitvoering geeft aan de wettelijke bescherming van een consument, acht de kantonrechter ongeloofwaardig en maakt bovenstaand oordeel niet anders.
4.14.
Het behoeft geen betoog dat een gemiddelde consument er niet voor zou kiezen om te betalen voor de “12 maanden conformiteit” uit het ‘Excellent-pakket’ als Europe-Vans had verteld dat dit al een wettelijk recht was. Er is dan ook sprake van een misleidende handelspraktijk en daarmee van een oneerlijke handelspraktijk. Een overeenkomst die als gevolg van een oneerlijke handelspraktijk tot stand is gekomen is (gedeeltelijk) vernietigbaar. Uit de stellingen van [eisende partij] (zij vordert de terugbetaling van de waarde van het ‘Excellent-pakket’) volgt dat zij op deze vernietiging een beroep heeft gedaan. De kantonrechter zal niet de overeenkomst ten aanzien van het gehele pakket vernietigen. Niet alle onderdelen van dit pakket zijn aantastbaar met een beroep op oneerlijke handelspraktijken. In het pakket zaten immers ook inbegrepen 1) een APK-beurt inclusief adviespunten, 2) een kleine onderhoudsbeurt, en 3) drie maanden garantie op alle mechanische en elektronische onderdelen. [eisende partij] heeft in het lichaam van de dagvaarding gesteld dat deze onderdelen uit het door Europe-Vans aangeboden ‘Excellent-pakket’ een marktwaarde van € 319,00 rechtvaardigen, waardoor zij hooguit dat bedrag dient te betalen. Europe-Vans heeft aangevoerd dat [eisende partij] deze “marktwaarde” onvoldoende heeft onderbouwd, maar is vervolgens niet zelf met een ander bedrag gekomen, waardoor Europe-Vans de door [eisende partij] gestelde marktwaarde onvoldoende gemotiveerd heeft betwist. De overeenkomst zal daarom op grond van artikel 6:193j lid 3 BW gedeeltelijk worden vernietigd, in die zin dat de prijs voor het ‘Excellent-pakket’ wordt teruggebracht tot € 319,00.
4.15.
De gedeeltelijke vernietiging van de overeenkomst heeft terugwerkende kracht. Dit betekent dat € 1.368,00 door [eisende partij] onverschuldigd is betaald aan Europe-Vans en daarom op grond van artikel 6:203 lid 1 en 2 BW toewijsbaar. De kantonrechter zal dan ook Europe-Vans veroordelen tot terugbetaling van € 1.368,00 aan [eisende partij] .
Kosten vervanging distributieriem
4.16.
[eisende partij] vordert terugbetaling van € 595,00 voor vervanging van de distributieriem. Volgens [eisende partij] had Europe-Vans deze vóór de levering kosteloos moeten vervangen, omdat de bus kennelijk – vanwege deze versleten distributieriem – non-conform was en zij daarom recht had op kosteloos herstel. Doordat Europe-Vans heeft nagelaten om haar op dat recht te wijzen, beschikte zij niet over de noodzakelijk informatie om een geïnformeerde beslissing te nemen, aldus [eisende partij] . Europe-Vans heeft niet betwist dat de distributieriem bij de koop gebrekkig was, maar geeft aan dat [eisende partij] vrijwillig toestemming heeft gegeven voor vervanging van de distributieriem, waardoor zij terecht € 595,00 bij [eisende partij] in rekening heeft gebracht. De kantonrechter oordeelt ten aanzien van deze stellingen als volgt.
4.17.
Omdat Europe-Vans niet heeft betwist dat ten aanzien van de distributieriem sprake was van een gebrek, staat vast dat de bus ten tijde van het sluiten koop een gebrek had. Als Europe-Vans de bus met dit gebrek (dus zonder vervanging van de distributieriem) had geleverd, had [eisende partij] met een beroep op non-conformiteit recht gehad op kosteloos herstel.
Dat geldt temeer nu Europe-Vans ook nog eens middels het ‘Excellent-pakket’ drie maanden garantie op alle mechanische en elektronische onderdelen heeft gegeven. Europe-Vans heeft weliswaar betoogd dat de distributieriem daar weer niet onder viel, maar dat kan haar niet baten. Een distributieriem is een (cruciaal) mechanisch onderdeel van een voertuig en gelet op de omschrijving van de garantie mocht de gemiddelde consument verwachten dat de garantie daarop zag.
4.18.
[eisende partij] had dus recht op kosteloos herstel, maar in plaats daarvan heeft Europe-Vans [eisende partij] gebeld en aan haar medegedeeld dat zij de distributieriem tegen kostprijs kan herstellen, waardoor zij het gebrek voor rekening van [eisende partij] heeft laten komen. Hiermee heeft Europe-Vans misleidende informatie verschaft ten aanzien van de rechten van de consument, namelijk het recht op kosteloos herstel bij non-conformiteit. Dat [eisende partij] uiteindelijk akkoord heeft gegeven, doet hieraan niet af. Door in deze procedure terugbetaling te verzoeken van het door haar betaalde bedrag, doet [eisende partij] kennelijk een beroep op vernietiging van deze goedkeuring.
4.19.
Ook ten aanzien van de distributieriem geldt dat sprake is van een oneerlijke handelspraktijk. Een overeenkomst die als gevolg van een oneerlijke handelspraktijk tot stand is gekomen is (gedeeltelijk) vernietigbaar. De vernietiging van de overeenkomst heeft terugwerkende kracht. Dit betekent dat € 595,00 door [eisende partij] onverschuldigd is betaald aan Europe-Vans en daarom op grond van artikel 6:203 lid 1 en 2 BW toewijsbaar. De kantonrechter zal dan ook Europe-Vans veroordelen tot terugbetaling van € 595,00 aan [eisende partij] .
Kosten bpm
4.20.
[eisende partij] doet een beroep op de precontractuele informatieplichten. Zij stelt dat Europe-Vans niet aan haar informatieplicht heeft voldaan doordat zij [eisende partij] ten tijde van de koop niet heeft geïnformeerd over de fiscale gevolgen van het ombouwen van de bus naar een camper. Volgens [eisende partij] had Europe-Vans de plicht om haar erover te informeren dat zij na het ombouwen van de bus bpm zou moeten betalen. Europe-Vans betwist de stelling van [eisende partij] en voert aan dat de bus op het moment van de koop N1-geregistreerd stond en ouder was dan vijf jaar, waardoor deze was vrijgesteld van bpm. Dit heeft zij ook kenbaar gemaakt in de advertentie van de bus. Hiermee stelt Europe-Vans aan haar informatieplicht te hebben voldaan. De kantonrechter oordeelt ten aanzien van deze standpunten als volgt.
4.21.
De kantonrechter stelt voorop dat er geen sprake is van een overeenkomst op afstand of buiten de verkoopruimte, zodat de informatieverplichtingen als bedoeld in artikel 6:230l BW gelden. In dit artikel onder c, staat dat de verkoper de consument moet informeren over de totale prijs, inclusief alle belastingen.
4.22.
Door [eisende partij] is niet betwist dat de bus op het moment van levering vrijgesteld was van bpm. Europe-Vans heeft op dat moment dus geen onjuiste informatie verstrekt met haar mededeling dat de bus vrijgesteld was van bpm. [eisende partij] heeft zelf de keuze heeft gemaakt om de bus om te bouwen naar een camper, waardoor deze vanaf dat moment een M1-registratie kreeg en niet meer was vrijgesteld van bpm. De informatieverplichting van Europe-Vans strekt niet zo ver dat zij [eisende partij] had moeten inlichten over de belastingtechnische consequenties van het ombouwen van de bus naar een camper. Dat de informatieplicht van een verkoper zo ver gaat vindt immers geen steun in de wet en wordt door de kantonrechter dan ook niet gevolgd. Dat [eisende partij] haar plannen ten tijde van de koop kenbaar heeft gemaakt aan Europe-Vans maakt dat niet anders. Het lag op de weg van [eisende partij] om zelf onderzoek te doen naar de (fiscale) gevolgen die gepaard gaan met het ombouwen van de bus.
4.23.
Omdat Europe-Vans heeft voldaan aan haar informatieplicht, zal de kantonrechter door [eisende partij] gevorderde betaling van € 1.789,00 aan bpm en aanverwante verliezen afwijzen.
Verklaringen voor recht
4.24.
[eisende partij] vordert (onder 6.1. van de dagvaarding) een verklaring voor recht dat de bus non-conform is geleverd wegens verborgen gebreken met betrekking tot de distributieriem, het ontbreken van geldige CNG-certificering en de fiscale misregistratie.
4.25.
Uit het voorgaande volgt dat deze vordering wordt afgewezen.
4.26.
[eisende partij] vordert (onder 6.8. van de dagvaarding) een verklaring voor recht dat het handelen van Europe-Vans, waaronder misleidende omissies, het aanbieden van € 1.000,00 voor het verwijderen van recensies en het opleggen van onrechtmatige toeslagen, een oneerlijke handelspraktijk vormt.
4.27.
Uit het voorgaande volgt dat de kantonrechter heeft geoordeeld dat het handelen van Europe-Vans rondom het verplicht stellen van het ‘Excellent-pakket’ en het verkrijgen van toestemming voor vervanging van de distributieriem op kosten van [eisende partij] kwalificeert als een oneerlijke handelspraktijk. Dit zijn andere redenen dan [eisende partij] noemt in haar petitum. Om die reden zal dit onderdeel van de vordering – waarvan door [eisende partij] ook niet duidelijk is gemaakt welk belang zij daarbij heeft – wordt afgewezen.
Gemaakte kosten voor het vaststellen van aansprakelijkheid ex artikel 6:96 BW
4.28.
[eisende partij] vordert een bedrag van € 5.208,58 als vergoeding van de door haar bestede uren (299) ter vaststelling van de aansprakelijkheid. De grondslag voor een dergelijke vordering is het bepaalde in artikel 6:96 lid 2 onder b BW. Het betreft een vorm van schadevergoeding en dat betekent dat er voor toekenning pas aanleiding is, als de aansprakelijkheid vast staat. Daarnaast moet bij de beoordeling van een dergelijke vordering worden onderzocht of die voldoet aan de dubbele redelijkheidstoets. Dat wil zeggen dat beoordeeld moet worden of de door [eisende partij] verrichte werkzaamheden in de gegeven omstandigheden redelijkerwijs noodzakelijk waren én of de omvang van de door [eisende partij] voor die werkzaamheden in rekening gebrachte kosten redelijk zijn. Europe-Vans heeft betwist dat aan die toets is voldaan.
4.29.
Uit de beoordeling van de diverse vorderingen van [eisende partij] hierboven volgt dat de kantonrechter Europe-Vans aansprakelijk heeft geacht uit onrechtmatige daad, omdat zij zich heeft bediend van oneerlijke handelspraktijken. Aansprakelijkheid wegens non-conformiteit vanwege de vermeende gebreken aan de CNG-tanks is niet aangenomen. Ook is geen aansprakelijkheid aangenomen wegens schending van de informatieverplichtingen betreffende de bpm. Dat betekent dat alle kosten die [eisende partij] heeft gemaakt om die aansprakelijkheid te onderzoeken en te onderbouwen niet bij Europe-Vans in rekening kunnen worden gebracht.
4.30.
Wat betreft de oneerlijke handelspraktijken bestonden de werkzaamheden die [eisende partij] heeft verricht ter vaststelling van de aansprakelijkheid met name uit het raadplegen van internet. Zij heeft dit in haar vrije tijd gedaan en het was haar eigen keuze om dit te doen. De kantonrechter wil graag geloven dat [eisende partij] hier zeer veel tijd aan heeft besteed, maar dat maakt die tijdsbesteding nog niet redelijk en de daarvoor door [eisende partij] verzochte vergoeding evenmin. Uit de omvang van de dagvaarding en de grote hoeveelheid producties die daarbij zijn gevoegd, volgt dat het meeste werk van [eisende partij] is gaan zitten in het opstellen van dit stuk. Maar dit zijn weer werkzaamheden die beschouwd dienen te worden als werkzaamheden ter voorbereiding van deze procedure en daarvoor gelden de regels omtrent de wettelijke proceskostenveroordeling in artikel 237-240 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Dit onderdeel van de vordering wordt dan ook afgewezen.
Immateriële schadevergoeding
4.31.
Ook vordert [eisende partij] een bedrag van € 3.000,00 aan immateriële schadevergoeding. wegens stress, angst en het verlies van vertrouwen in de veiligheid en staat van de bus. De kantonrechter is echter van oordeel dat op grond van artikel 6:106 BW slechts in uitzonderlijke gevallen sprake kan zijn van vergoeding van ander nadeel dan vermogensschade. Er moet sprake zijn van lichamelijk letsel, aantasting in de eer of goede naam of aantasting in de persoon op andere wijze. Volgens vaste rechtspraak zijn de eisen voor het toekennen van een dergelijke vergoeding streng. De enkele stelling dat sprake was stress, angst en het verlies van vertrouwen in de veiligheid en staat van de bus is daarvoor onvoldoende. De vordering tot betaling van immateriële schadevergoeding wordt daarom afgewezen.
Proceskosten
4.32.
Omdat beide partijen gedeeltelijk ongelijk krijgen, zullen de proceskosten tussen hen worden gecompenseerd, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.
5De beslissing
De kantonrechter
5.1.
veroordeelt Europe-Vans tot betaling van € 1.368,00 aan [eisende partij] ,
5.2.
veroordeelt Europe-Vans tot betaling van € 595,00 aan [eisende partij] ,
5.3.
compenseert de kosten van de procedure tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,
5.4.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,
5.5.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. Bisscheroux en in het openbaar uitgesproken op 2 september 2026.
Artikel 7:5 lid 1 sub a BW.
Artikel 7:17 lid 1 BW.
Artikel 7:17 lid 2 BW.
Artikel 7:18a lid 2 BW.
Artikel 150 Rv.
Artikel 6:193b lid 2 BW.
Artikel 6:193b lid 3 onder a BW.
Kamerstukken II 2007/08, 30928, nr. 10.
Punt 10 van Bijlage 1 bij Richtlijn 2005/29/EG van het Europees Parlement en de Raad van 11 mei 2005 betreffende oneerlijke handelspraktijken van ondernemingen jegens consumenten op de interne markt.
Artikel 6:193j lid 3 BW.
Artikel 6:193b lid 1 BW.
Artikel 6:193j lid 3 BW.
Zij verwijst naar de artikelen 6:230m-v BW.