Art. 8:73 (art. 8:88 e.v.) Awb. Immateriële schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn. Overzichtsarrest en beslissingen over nog niet behandelde kwesties.
Burgerlijk Wetboek
Art. 6:106 BW
Genoemd in 2.894 uitspraken · Officiële wettekst
2.894 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · cache
Overzichtsarrest vordering benadeelde partij, art. 51f.1, 361.2.b en 592a Sv, art. 36f Sr en art. 6:96 en 6:106 BW. Medeplegen hennepteelt in door verdachte gehuurde woning (art. 3.B Opiumwet), medeplegen diefstal elektriciteit d.m.v. verbreking in die woning (art. 311.1 Sr) en beschadiging woning (
Onrechtmatige daad vanwege te zwaar detentieregime. Vergoeding van immateriële schade op grond van art. 6:106 lid 1, aanhef en onder b, BW. Aantasting in de persoon op andere wijze? Leidt enkele schending van fundamenteel recht tot schadeplichtigheid? Tegemoetkoming op grond van art. 68 lid 7 Penite
Medeplegen diefstal met braak en inklimming, art. 311.1.4 en 311.1.5 Sr. Vordering b.p. Vergoeding van immateriële schade aan bewoners van woning t.g.v. inbraak in woning en diefstal van sieraden uit woning, art. 6:106 BW. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2019:793 en ECLI:NL:HR:2019
Toegewezen vordering b.p. (stiefzoon van verdachte) t.z.v. shockschade n.a.v. doodslag op moeder van b.p. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2002:AD5356 m.b.t. vereisten voor vergoeding van shockschade. Het oordeel van het Hof dat de geleden immateriële schade toewijsbaar is, getuigt
9 juli 2004 Eerste Kamer Nr. C03/142HR RM/JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: DE GEMEENTE GRONINGEN, zetelende te Groningen, EISERES tot cassatie, advocaat: mr. M.W. Scheltema, t e g e n 1. [Verweerder 1], 2. [Verweerster 2], 3. [Verweerder 3], allen wonende te [woonplaats], VERWEER
Verbintenissenrecht. Shock-schade. Aantasting in de persoon als bedoeld in art. 6:106 lid 1 onder b BW? Vordering tot schadevergoeding van nabestaanden van kinderen die ten gevolge van moedwillige doodslag – waarvoor de dader is veroordeeld – om het leven zijn gekomen. Aard van de normschending – ee
Diefstal met geweld van geld uit kassalade supermarkt, art. 312.1 Sr. Vordering benadeelde partij (winkelmedewerker) tot vergoeding van immateriële schade, geestelijk letsel. Is sprake van aantasting in persoon ‘op andere wijze’ a.b.i. art. 6:106.b BW a.g.v. bewezenverklaard feit? HR herhaalt releva
18 maart 2005 Eerste Kamer Nr. C03/206HR JMH/RM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. ACADEMISCH ZIEKENHUIS LEIDEN, optredend onder de naam LEIDS UNIVERSITAIR MEDISCH CENTRUM, gevestigd te Leiden, 2. [eiseres tot cassatie sub 2], wonende te [woonplaats], EISERS tot cassatie, (voorwaard
Conclusie AG's Spronken en Lindenbergh. Veroordeling wegens moord en stalking. Middelen verdachte over afwijzing contra-expertise, horen getuige-deskundige, voorbedachte raad en schending redelijke termijn. Middel benadeelde partijen over niet-ontvankelijkverklaring van vorderingen wegens 'shockscha
Wvggz. Beroep tegen crisismaatregel (art. 7:6 Wvggz) en verzoek tot schadevergoeding i.v.m. crisismaatregel (art. 10:12 Wvggz). Wie zijn procespartij in beroep tegen crisismaatregel, respectievelijk verzoek tot schadevergoeding? Ontvankelijkheid cassatieberoep tegen beslissing op verzoek tot schadev
Gewelddadige woningoverval in IJmuiden in 2014. Medeplegen diefstal met geweld, art. 311.2.2 Sr. 1. Vordering b.p., immateriële schade. Is sprake van aantasting in persoon ‘op andere wijze’ a.b.i. art. 6:106b BW a.g.v. bewezenverklaard feit, nu hof niet heeft vastgesteld dat b.p. geestelijk letsel h
-
Sextortion. Klachtdelict. OM toch ontvankelijk wanneer een slachtoffer buiten de klachttermijn een klacht heeft gedaan doordat hij bedreigd/geïntimideerd werd. Verdachte heeft gedurende enkele jaren jongens gedwongen tot het maken van seksueel beeldmateriaal en heeft hen daarbij zeer vergaande, perv
Moord op zijn 10-jarige zoon, art. 289 Sr. 1. Overschrijding redelijke termijn in hoger beroep. Beroep op overschrijding redelijke termijn niet voor het eerst in cassatie. 2. Schriftuur benadeelde partij (moeder). Is voldaan aan voorwaarden voor toekenning van schadevergoeding wegens shockschade? Ad
B.p. die is overleden na toewijzing van de vordering in 1e aanleg. 1. Vordering. 2. Schadevergoedingsmaatregel (s.v.m.). Ad 1. I.c. duurde de voeging ex art. 421.2 Sv van rechtswege voort zodat het Hof ex art. 361 Sv op de vordering diende te beslissen. De omstandigheid dat de b.p. inmiddels was ove
Belaging van ex- vriend gedurende een periode van meer dan een jaar (art. 285 Sr) en opzettelijk in strijd handelen met een in dat kader opgelegde gedragsaanwijzing (art. 184a Sr). 1. Vordering b.p., immateriële schade. Is sprake van aantasting in persoon ‘op andere wijze’ a.b.i. art. 6:106b BW a.g.
Poging zware mishandeling (meermalen gepleegd) door tijdens politieachtervolging met zijn auto opzettelijk in te rijden op resp. aan te rijden tegen politievoertuig met daarin telkens 2 verbalisanten, art. 302 Sr. Vorderingen b.p. ‘s en in verband daarmee opgelegde schadevergoedingsmaatregelen i.v.m
Medeplegen moord op echtgenoot, art. 289 Sr. 1. Redengevendheid voor bewijs van overeenkomst in samenstelling van verfdeeltjes in letsel van slachtoffer en in auto van verdachte waaraan NFI geen bewijskracht kon toekennen. 2. Kennelijke leugenachtigheid. Is sprake van kennelijk leugenachtige verklar
Schade door aardgaswinning. Vordering tot vergoeding van vermogensschade wegens gemist woongenot en tot vergoeding van immateriële schade.
De Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM) moet aan een deel van de inwoners van het Groningenveld de immateriële schade vergoeden, zo oordeelt de rechtbank Noord-Nederland. De NAM is aansprakelijk voor de door inwoners van het Groningenveld geleden en/of nog te lijden immateriële schade, als gevo
Art. 35 Wet Bopz; toekenning van schadevergoeding naar billijkheid; immateriële schade; art. 6:106 BW.
Belaging ex-partner en haar nieuwe vriend (art. 285b.1 Sr). Vordering benadeelde partijen. Heeft hof, mede gelet op hetgeen namens verdachte ttz. in hoger beroep is aangevoerd, beslissing om aan b.p.’s vergoeding van immateriële schade toe te kennen toereikend gemotiveerd? Hof heeft vorderingen tot
Geschil tussen een asbestverwerkend bedrijf dat van 1964 tot 1979 werkgever was van een fabrieksarbeider die minstens 28 jaar heeft gerookt en in 2000 aan longkanker zonder voorafgaande asbestose is overleden, en zijn erfgenamen over werkgeversaansprakelijkheid op de voet van art. 7:658 BW; longkank
Medeplichtigheid aan het in brand steken van personenauto op oprit van huis van b.p. (art. 48 jo. art. 157 Sr). Vordering b.p., immateriële schade. Is sprake van aantasting in persoon ‘op andere wijze’ a.b.i. art. 6:106b BW a.g.v. bewezenverklaard feit, nu hof niets heeft vastgesteld over aard en er
Art. 6 EVRM. Art. 8:73 Awb. Redelijke termijn. Immateriële schadevergoeding bij voortzetting procedure door erfgenamen.
Aansprakelijkheidsrecht. Afwikkeling aardbevingsschade. Onrechtmatigheid van hinder en overlast jegens bewoners. Vraag wanneer aanspraak bestaat op vergoeding van vermogensschade wegens gederfd woongenot, en op vergoeding van immateriële schade. Belang van de omstandigheid hoe vaak de bewoner fysiek
Jeugdzaak. Smaadschrift door deel van politieverklaring van aangeefster over betrokkenheid van verdachte bij brandstichting op Snapchat te plaatsen met daarbij tekst “snitch van Parkwijk” (art. 261.2 Sr) en medeplegen brandstichting boot (art. 157.1 Sr). 1. Smaadschrift. Kan uit bewijsvoering worden
Medeplegen poging tot diefstal met (bedreiging met) geweld van horloge, art. 312.2.2 Sr. Vordering benadeelde partij t.z.v. immateriële schade, art. 6:106.b BW. Hoe moeten algemene regels over stellen en betwisten van feiten worden toegepast in elk van de in HR:2019:793 weergegeven 3 categorieën van
Diefstal uit woning, art. 311.1.3 Sr. Vordering b.p. Immateriële schade door diefstal trouwringen uit woning. Is sprake van aantasting in persoon ‘op andere wijze’ a.b.i. art. 6:106.b BW? HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2019:793 en ECLI:NL:HR:2019:376 m.b.t. gevallen waarin sprake
-
Mallorcazaak. Uitgaansgeweld, o.m. openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen (art. 141 Sr) waardoor een slachtoffer (A) is overleden. Vordering benadeelde partij. 1. Groepsaansprakelijkheid, art. 6:166.1 BW. Is verdachte aansprakelijk voor schade die verband houdt met letsel van A? 2. Vord
11 maart 2005 Eerste Kamer Nr. C03/289HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: ABN AMRO BANK N.V., gevestigd te Amsterdam, EISERES tot cassatie, incidenteel verweerster, advocaat: mr. E. Grabandt, t e g e n [Verweerder], wonende te [woonplaats], VERWEERDER in cassatie, incidenteel eis
Moord op ex-vriendin (art. 289 Sr). Schriftuur benadeelde partij. Shockschade/schokschade. Levert vordering b.p. (moeder van slachtoffer die het levenloze lichaam van haar dochter in de woning heeft aangetroffen) t.z.v. immateriële schade onevenredige belasting van strafgeding op? HR herhaalt releva
Bedreiging van 2 politieagenten door op snelweg in zijn auto met hoge snelheid politieauto van weg te drukken, art. 285.1 Sr. Vorderingen benadeelde partijen t.z.v. immateriële schade. Is sprake van aantasting in persoon ‘op andere wijze’ a.b.i. art. 6:106.b BW? HR herhaalt relevante overwegingen ui
Bij uitspraak van 28 mei 2019 heeft de rechtbank het college van burgemeester en wethouders van Deventer op grond van artikel 8:88, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van € 500,00 aan [appellant sub 2]. De rechtbank heeft daarnaast het ber
Poging tot zware mishandeling van politieambtenaren, meermalen gepleegd (art. 302.1 jo. 304.1.3 Sr). Vorderingen benadeelde partijen t.z.v. immateriële schade (art. 6:106 BW) en oplegging schadevergoedingsmaatregelen. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR:2019:793 m.b.t. aantasting in persoon ‘o
Conclusie AG. Moord op broer van kroongetuige in Marengo-proces. Enige middel verdachte betreft omzetting vervangende hechtenis in gijzeling bij schadevergoedingsmaatregel, art. 36f Sr. Vier middelen b.p's. Middel 1 klaagt over oordeel hof dat bp’s n-o zijn in hun vordering v.zv. die betrekking heef
Verkrachting van 16-jarig meisje (art. 242 (oud) Sr) na heimelijk toebrengen van GHB. 1. Schriftuur benadeelde partij. Kan b.p. zich met vordering tot vergoeding van immateriële schade in strafproces voegen zonder opgave van concreet bedrag? 2. Kon hof schadevergoedingsmaatregel opleggen voor de doo
-
Bedreiging van politieambtenaren met enig misdrijf tegen leven gericht (art. 285.1 Sr) en belaging van buurman (art. 285b.1 Sr). Vorderingen benadeelde partijen (politieambtenaar en buurman) t.z.v. immateriële schade. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR:2019:793 m.b.t. aantasting in persoon ‘o
Ontvoering van tweejarig meisje in opdracht van haar vader naar India in 2016. Hof verklaart medeplegen van onttrekking aan wettig gezag en opzicht en van wederrechtelijke vrijheidsberoving bewezen. Hof wijdt overwegingen aan het verweer dat het proces als geheel niet eerlijk is geweest doordat getu
Oplichting (art. 326.1 Sr) en diefstal m.b.v. valse sleutel (art. 311.1.5 Sr) van hoogbejaarde slachtoffers door via babbeltrucs hun pincode te ontfutselen, hun pinpas te ontvreemden en geld op te nemen van hun bankrekeningen. 1. Vordering benadeelde partij t.a.v. immateriële schade. Is sprake van a
Medeplegen belaging (meermalen gepleegd) van volstrekt willekeurig gekozen personen door gedurende periode van aantal maanden bedreigende telefoontjes te plegen, groot aantal bezorgdiensten te laten langskomen op woonadressen van slachtoffers en op naam van 1 van hen meerdere abonnementen af te slui
WAMCA-zaak. Toetsing van de ontvankelijkheid van de belangenorganisaties en de door hen ingestelde vorderingen. Uitgangspunten voor de vergoeding voor procesfinanciers.
Onrechtmatige daad; schadevergoeding. Aansprakelijkheid makelaar voor onjuiste informatie over woonoppervlakte van de woning. Bepalen van de omvang van de schade.
Aansprakelijkheidsrecht. Aansprakelijkheid voor Roemeense strafrechtelijke aangifte. HR 21 november 2003, ECLI:NL:HR:2003:AJ0498, NJ 2004/130. Zorgplicht aangever die de Roemeense taal niet machtig is en die niet wist dat de aangifte een ongegronde beschuldiging bevatte? Onbegrijpelijk oordeel? Vrij
-
Belaging (art. 285b.1 Sr). Vordering benadeelde partij t.z.v. immateriële schade (art. 6:106 BW) en oplegging schadevergoedingsmaatregel. Hof heeft vordering tot vergoeding van immateriële schade van b.p. toegewezen tot bedrag van € 1.000, vermeerderd met wettelijke rente. Dat oordeel is ontoereiken
Moord op broer kroongetuige: 28 jaar gevangenisstraf. Vorderingen benadeelde partijen ter zake van materiële schade, waaronder gederfd levensonderhoud, grotendeels toegewezen. Vorderingen benadeelde partijen ter zake van shockschade grotendeels niet-ontvankelijk verklaard: betekenis confrontatievere
Art. 81 lid 1 RO. Contractenrecht. Koopovereenkomst registergoed met boetebeding. Matiging boete; art. 6:94 BW.
Onrechtmatige daad vanwege te zwaar detentieregime. Vergoeding van immateriële schade op grond van art. 6:106 lid 1, aanhef en onder b, BW. Aantasting in de persoon op andere wijze? Leidt enkele schending van fundamenteel recht tot schadeplichtigheid? Tegemoetkoming op grond van art. 68 lid 7 Penite
[verzoeker] heeft de rechtbank op 24 juli 2020 verzocht om de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, op grond van art. 8:88, eerste lid, van de Awb, te veroordelen tot vergoeding van schade. [verzoeker] stelt te zijn geboren op [geboortedatum] 2002 en de Guinese nationaliteit te hebben. [verzo
WSNP; tijdens toepassing van schuldsaneringsregeling ontvangen letselschade-uitkering ingevolge een vaststellingsovereenkomst ter compensatie van materiële en immateriële schade als gevolg van verkeersongevallen valt in de boedel (art. 295 F.); smartengeld, overeenkomstige toepassing van HR 22 novem
Vandros | Strafzaak Willem Holleeder
Aanslag Utrechtse tramschutter. Procesverloop: perikelen rechtsbijstand. Terroristisch oogmerk. Straftoemeting: verweren oplegging levenslange gevangenisstraf. Beoordeling vorderingen benadeelde partijen (o.m. shock- en affectieschade) en beoordelingskader.
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Aardbevingsschade in Groningen. Gronden voor aansprakelijkheid. Verband tussen aansprakelijkheidsgrond en omvang schadevergoedingsverplichting (art. 6:177 BW; art. 6:162 BW; art. 6:98 BW). Exploitant als bedoeld in art. 6:177 lid 2 BW. Aansprakelijkheid overheid. Fo
Mishandeling door in woning van zijn voormalige partner een ander meermalen tegen zijn gezicht te stompen, art. 300.1 Sr. Vordering benadeelde partij t.z.v. immateriële schade en oplegging schadevergoedingsmaatregel. Is sprake van aantasting in persoon ‘op andere wijze’ a.b.i. art. 6:106.b BW? HR he
Bedreiging met zware mishandeling door buitengewoon opsporingsambtenaar op korte afstand in gezicht te blazen en daarbij “corona” te roepen (art. 285.1 Sr). Vrijspraak in eerste aanleg. 1. Bewijsklacht opzet. Kan uit bewijsmiddelen volgen dat verdachte haar mond afgeschermd hield met mondkapje? 2. V
Vervolg op het tussenarrest van 7 mei 2019 (ECLI:NL:GHSHE:2019:1683). In de zaken van de vier voormalige ambtenaren van Defensie oordeelt het hof dat zij ontvankelijk zijn in hun vorderingen. Op grond van het RIVM-rapport van 4 juni 2018 staat namelijk vast dat deze vier personen tijdens hun werkzaa
Conclusie AG. Toewijzing vordering b.p. wegens immateriële schade t.z.v. belaging, art. 285b Sr. Aantasting in de persoon op andere wijze (art. 6:106.b BW) in de vorm van geestelijk letsel of door de aard en de ernst van de normschending en van de gevolgen voor de benadeelde? Conclusie gaat voorts i
Geschil tussen de advocaat van een inmiddels overleden patiënt en aansprakelijkheidsverzekeraar van het ziekenhuis over de vraag of het recht van de patiënt op vergoeding van immateriële schade (smartengeld) is overgegaan op diens erven; vraag of de advocaat een mededeling in de zin van art. 6:106 l
-
Nijmeegse scooterzaak. Veroordeling ter zake van medeplegen van dood door schuld in het verkeer. Gevangenisstraf 3 jaar en 9 maanden. Medeverdachte: ECLI:NL:GHSHE:2016:2428.
Omvang schadevergoeding bejaarde gelaedeerde na medische fout. Kosten verzorging thuis en kosten verbouwing woningen. Hoogte smartengeld.
Aanvullende conclusie AG. Het betreft een middel van een benadeelde partij dat per abuis niet eerder was gesignaleerd. De AG stelt zich op het standpunt dat de namens de benadeelde partij voorgestelde klachten over het oordeel van het hof over door de benadeelde partij gemaakte kosten, waaronder rei
Poging tot doodslag op vriend van zus van verdachte (art. 287 Sr) en poging tot moord op zijn zus, art. 289 Sr. 1. Afwijzing van bij appelschriftuur gedaan en ttz. in h.b. gehandhaafd verzoek om getuigen te horen i.h.k.v. vraag of sprake is van eerwraak en belang daarvan voor straftoemeting, omdat v
Veroordeling tot onder meer een gevangenisstraf van 9 jaren voor poging doodslag, poging zware mishandeling, en mishandeling, meermalen gepleegd. Verdachte heeft zijn voormalig echtgenote en kinderen jarenlang op excessieve wijze mishandeld. Hij heeft hen geslagen en zijn ex-echtgenote gekleineerd e
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Vermogensrecht. Financieel recht. Is vordering van een bank uit geldlening overdraagbaar aan een niet-bank? Art. 3:83 lid 1 BW. Inhoud gecedeerde vordering. Art. 6:142 en 6:144 BW. Zorgplichten bank. Zorgplichten niet-bank. Verweermiddelen schuldenaar (art. 6:145 BW
Aansprakelijkheidsrecht. Beschadiging boom die niet noodzaakt tot vervanging. Kosten van maatregelen tot ondersteuning en bevordering van zelfherstel. Vergoeding van ander nadeel. Begroting schade op grond van in het verleden gemaakte kosten omdat die hun doel hebben gemist? Verschil met HR 28 janua
Het Hof geeft algemene richtlijnen betreffende het verzoek van belanghebbende tot toekenning van een immateriëleschadevergoeding op grond van artikel 8:73 van de Awb. Diverse onderwerpen worden behandeld. Ten aanzien van het recht op schadevergoeding als zodanig: de gedragingen aan de zijde van de b
Art. 6:166 BW; groepsaansprakelijkheid wegens geweldpleging. Causaal verband. Schade die voor vergoeding in aanmerking komt, art. 6:106 lid 1 onder b BW. Motiveringsgebreken.
Wet seksuele misdrijven. Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan opzetaanranding van twee slachtoffers (beetpakken vagina en betasten billen). Voldoende wettig en overtuigend bewijs + schakelbewijs. Vrijspraak t.a.v. de gekwalificeerde opzetaanranding: wetsgeschiedenis niet eenduidig wat betreft b
De verdachte van de terroristische aanslag op 31 augustus 2018 op Amsterdam CS is in hoger beroep veroordeeld tot gevangenisstraf van 25 jaren, vanwege de grote gevolgen voor de neergestoken Amerikaanse slachtoffers, de impact van de aanslag op de Nederlandse samenleving en vanwege het afschrikwekke
Verbintenissenrecht. Procesrecht. Overname accountantskantoor; koopprijs en managementvergoeding onjuist vastgesteld als gevolg van malversaties verkoper. Niet-toepasselijkheid klachtplicht (art. 7:23 BW). Vaststelling schadevergoeding indien eiser omvang schade onvoldoende heeft onderbouwd; schatti
Arbeidsrecht, Wwz. Vervolg op ECLI:NL:GHARL:2017:3494. Schadevergoeding naast billijke vergoeding in plaats van herstel. Toegewezen voor o.a. proceskosten van eerdere procedures en langer verblijf in het buitenland, afgewezen voor zover het immateriële schadevergoeding betreft.
“Shockschade”. Vrouw door misdrijf om het leven gekomen. Confrontatie. Immateriële schadevergoeding voor destijds 7-jarige zoon van het slachtoffer.
24 september 2004 Eerste Kamer Nr. C03/122HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. N.V. MAATSCHAPPIJ VAN ASSURANTIE, DISCONTERING EN BELEENING DER STAD ROTTERDAM ANNO 1970, gevestigd te Rotterdam, 2. [Eiser 2], wonende te [woonplaats], EISERS tot cassatie, advocaat: mr. J. van Duij
Collectieve actie The Privacy Collectie tegen Oracle en Salesforce. WAMCA. Ontvankelijkheidsvereisten belangenorganisatie. Moment voor toetsing van de ontvankelijkheid, representativiteitsvereiste, gelijksoortigheidsvereiste, feitelijke belangenbehartiging, governance en transparantie, mechanismen v
Conclusie AG. Bedreiging met zware mishandeling, meermalen gepleegd (art. 285 Sr) door frituurpan te gooien in richting sociotherapeuten tbs-kliniek en medepatiënt. Mishandeling (art. 300 Sr) en eenvoudige belediging (art. 266 Sr) door sociotherapeut tbs-kliniek in gezicht/ogen te spugen. M1: Kan sp
Conclusie AG. Medeplegen doodslag (art. 287 Sr) en verschillende diefstallen (art. 310/311 Sr). Middel 1 en 2: bewijsklachten over medeplegen doodslag en opzet op de dood i.v.m. vaststellingen die over de geweldinwerking op het hoofd van het slachtoffer zouden ontbreken. Deze middelen falen volgens
Afpersing en diefstal met valse sleutel door ander te dwingen tot afgifte bankpas met pincode en vervolgens geldbedragen over te schrijven en te pinnen (art. 317.1 en 311.1.5 Sr), mishandeling (art. 300.1 Sr) en bedreiging met misdrijf tegen leven gericht (art. 285.1 Sr), telkens gepleegd tegen bena
Wvggz. Overschrijding termijn voor mededeling beslissing of is voldaan aan criteria voor verplichte zorg, art. 5:16 lid 1 Wvggz in verbinding met art. 5:4 lid 2, onder a, Wvggz. Verzoek om schadevergoeding, art. 10:12 lid 3 Wvggz. Immateriële schade bij termijnoverschrijding, uitgangspunt, bijzonder
Deelgeschil. Letselschade. Meervoudig letsel na verkeersongeval (o.m. hoge dwarslaesie en hersenletsel). Betrokkene na negen maanden overleden. Aard en ernst letsel. Pijn, duur en intensiteit van verdriet en gederfde levensvreugde. Aard aansprakelijkheid. Gevolgen voor betrokkene van blijvende beper
Het hof heeft de verdachte ter zake van moord, doodslag, poging tot moord, gekwalificeerde poging tot doodslag, zware mishandeling en twee mishandelingen veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 18 jaren, met aftrek van voorarrest. Daarnaast heeft het hof de maatregel van terbeschikkings
Onrechtmatige overheidsdaad? Geen onrechtmatig handelen van de gemeente in het kader van verlening omgevingsvergunning. Vordering tot schadevergoeding afgewezen.
Vordering van de vader en zus van de in 1992 in Zaandam om het leven gebrachte M. Beroep op verjaring. Toetsend aan de criteria van het Hoge Raad arrest De Schelde/Van Hese komt de rechtbank tot het oordeel dat het in dit geval gaat om een uitzonderlijk geval en dat het beroep op verjaring onaanvaar
art. 6:106 BW; shockschade; vrouw is getuige van doodslag door haar ex op haar huidige vriend
1. Medeplegen van opzettelijk een minderjarige onttrekken aan het wettig over hem gesteld gezag, terwijl geweld is gebezigd, bedreiging met geweld is gebezigd en de minderjarige beneden de twaalf jaren oud is; Hoewel het hof net als de rechtbank niet kan vaststellen dat de verdachte in de woning gew
Het geschil ziet op de vraag of (een) belanghebbende (ook) recht heeft op een vergoeding voor immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn van behandeling in bezwaar en beroep, indien het bedrag van de (eventuele) vergoeding, op grond van een ‘no cure no pay’-afspraak, gemaakt t
Vordering b.p en svm. Ambtshalve beoordeling. HR herhaalt ECLI:NL:HR:2005:AT1812 m.b.t. de verplichting een met redenen omklede beslissing te nemen omtrent de vordering van de b.p. De bestreden uitspraak ontbeert een dergelijke beslissing. HR wijst nog op art. 6:106.1 BW i.v.m. een schadevergoeding
Letselschade. Schietpartij. Dwarslaesie. Stelling van gedaagden dat het slachtoffer een beroep had moeten doen op de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) faalt. Bij haar uitspraak van 19 juni 2013 bepaalde de Centrale Raad van Beroep (CRVB:2013:776) immers dat de weigering van een gemeente een u
Grensrechterzaak Almere Veroordeling van 16 jarige verdachte wegens het medeplegen van doodslag en openlijk geweld op grensrechter Nieuwenhuizen op 2 december 2012 te Almere, tot 24 maanden jeugddetentie waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar met bijzondere voorwaarde. Dadelij
30-jarige verjaringstermijn. Aansprakelijkheid werkgever. Blootstelling aan asbest tijdens werk op scheepswerf in de jaren 1950-1964. Mesothelioom, causaal verband. Gezichtspunten uit HR 28 april 2000, NJ 2000, 430. Derogerende werking redelijkheid en billijkheid.
Art. 8:73 Awb. Vergoeding van immateriële schade bij overschrijding van de redelijke termijn in belastinggeschillen.
Doodslag op ex-partner door haar in haar woning in het hoofd te schieten, terwijl haar minderjarige kinderen in de woning aanwezig waren. Geen voorbedachte raad. De precieze feitelijke toedracht is niet duidelijk geworden. Dat de verdachte een voorgeschiedenis van agressie jegens het slachtoffer had
Mega Cagliari. Veroordeling voor opruiing, bezit en verspreiding van kinder- en dierenporno via de website Darkscandals, vervaardigen van kinderporno, aanranding, verkrachting en belastingfraude. Vrijspraak van de tenlastegelegde heling omdat de digitale films niet kunnen worden aangemerkt als een ‘
Conclusie AG. Voortgezette handeling van opzettelijk onttrekken van minderjarigen aan het wettig gezag. Vader heeft twee minderjarige dochters na een vakantie in Egypte tegen de afspraken in niet teruggebracht naar de moeder in Nederland en vervolgens vijftien jaar in Egypte gehouden tegen de wil va
Erfrecht. Onwaardigheid erfgenaam (art. 4:3 BW)? Strafrechtelijk vonnis met bewezenverklaring doodslag op echtgenote en ontslag van alle rechtsvervolging met tbs. Derogerende werking redelijkheid en billijkheid?
Arbitrage. Verzoek om erkenning en tenuitvoerlegging van buitenlands arbitraal vonnis; strijd met openbare orde wegens hoogte toegekend smartengeld (art. 1076 lid 1 B Rv)?