Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Limburg

ECLI:NL:RBLIM:2017:1246

2017-02-15 Civiel recht; Verbintenissenrecht 5525308 cv16-10991
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Limburg
Uitspraakdatum
2017-02-15
Publicatiedatum
2017-02-10
Rechtsgebied
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer
5525308 cv16-10991
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | AR 2017/844

Inhoudsindicatie

Sim-only abonnement niet opgezegd. Sluiten overeenkomst met een andere provider leidt niet tot automatische beëindiging van het huidige contract.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (5.459 tekens)
RECHTBANK LIMBURG
Burgerlijk recht


Zittingsplaats Roermond



Zaaknummer: 5525308 \ CV EXPL 16-10991




Vonnis van de kantonrechter van 15 februari 2017




in de zaak van:




de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid DIRECT PAY SERVICES B.V.,
gevestigd te Barendrecht,
eisende partij,
gemachtigde Webcasso B.V.,



tegen:





[gedaagde]
,
wonend [adres gedaagde] ,

[woonplaats gedaagde] ,
gedaagde partij,
procederende in persoon.






1De procedure


1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:


de dagvaarding


de conclusie van antwoord


de conclusie van repliek


de conclusie van dupliek.





1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.






2De feiten


2.1.
Gedaagde partij heeft op 17 december 2012 een sim-only abonnement afgesloten bij T-Mobile, de rechtsvoorgangster onder bijzondere titel van eisende partij, voor de duur van 24 maanden.



2.2.
Op de overeenkomst zijn de algemene voorwaarden van T-Mobile van toepassing. Op basis van artikel 5.1 van deze voorwaarden is de overeenkomst na ommekomst van de 24 maanden voortgezet in een overeenkomst voor onbepaalde tijd die maandelijks opzegbaar is. Gedaagde partij heeft de overeenkomst niet opgezegd.




2.3.
Op 30 november 2014 heeft gedaagde partij een overeenkomst gesloten bij een andere provider.






3Het geschil


3.1.
Eisende partij vordert – samengevat – veroordeling van gedaagde partij tot betaling van € 89,37, vermeerderd met rente en kosten.



3.2.
Gedaagde partij voert verweer.



3.3.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.






4De beoordeling


4.1.
Vast staat dat geen opzegging als bedoeld in artikel 5.1 van de toepasselijke algemene voorwaarden heeft plaatsgevonden. Dit houdt in dat de op 17 december 2012 gesloten overeenkomst niet is geëindigd door het verstrijken van de overeengekomen duur van 24 maanden, maar is verlengd in een overeenkomst voor onbepaalde duur waarbij maandelijkse opzegging mogelijk is. Kennelijk verkeerde gedaagde partij in de veronderstelling dat aan de overeenkomst door het verstrijken van de overeengekomen duur en het feit dat zij bij een andere provider een nieuw abonnement heeft afgesloten, een einde was gekomen. Dit is echter een onjuist uitgangspunt.



4.2.
Door het niet opzegging van de overeenkomst is deze voortgezet en gedaagde partij is daarom gehouden de daaraan verbonden kosten te voldoen tot aan het moment dat de overeenkomst door ontbinding in verband met het niet betalen is beëindigd. De vraag of gedaagde partij al dan niet gebruik heeft gemaakt van de diensten van eisende partij, is niet relevant.



4.3.

Het verweer van gedaagde partij wordt verworpen en de vordering van eisende partij kan worden toegewezen, met inbegrip van de gevorderde rente.
Eisende partij maakt verder aanspraak op de vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De kantonrechter stelt vast dat het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit) van toepassing is nu het verzuim op/na 1 juli 2012 is ingetreden.
De gevorderde vergoeding komt echter niet voor toewijzing in aanmerking, nu niet gebleken is dat in de aanmaning aan gedaagde partij een betalingstermijn van 14 dagen na ontvangst van de aanmaning is gegeven, zoals vereist door artikel 6:96 lid 6 BW.




4.4.
Gedaagde partij zal als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van deze procedure. De kosten aan de zijde van eisende partij worden begroot op:


dagvaarding € 80,77


griffierecht 117,00


salaris gemachtigde 60,00 ( 2 x tarief € 30,00)


totaal € 257,77



4.5.

De kantonrechter zal dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad verklaren.

5. De beslissing




De kantonrechter




5.1.
veroordeelt gedaagde partij om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan eisende partij te betalen een bedrag van € 105,64, vermeerderd met de wettelijke rente over € 89,37 vanaf 10 oktober 2016 tot aan de voldoening,



5.2.
veroordeelt gedaagde partij in de proceskosten aan de zijde van eisende partij gevallen en tot op heden begroot op € 257,77,



5.3.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,



5.4.
wijst het meer of anders gevorderde af.





Dit vonnis is gewezen door mr. J.W. Rijksen en in het openbaar uitgesproken.




type: plg
coll: