Rechtbank Gelderland
ECLI:NL:RBGEL:2019:2279
2019-05-17
Civiel recht
7553116 CV EXPL 19-914
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
Proces-verbaal mondeling vonnis. Gedaagde heeft de vordering erkend, zodat dat deze is toegewezen met uitzondering van de btw over de buitengerechtelijke incassokosten.”
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (3.334 tekens)
RECHTBANK GELDERLAND
Team kanton en handelsrecht
Zittingsplaats Zutphen
Zaakgegevens : 7553116 CV EXPL 19-914
Grosse aan : eisende partij
Afschrift aan : gedaagde partij
Verzonden :
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van 17 mei 2019
in de zaak van
[naam eisende partij]
wonende te [woonplaats eisende partij],
eisende partij,
gemachtigde: K.M. Nodelijk,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Myrtax Bewindvoering B.V.,
gevestigd te Doetinchem,
in hoedanigheid van bewindvoerder over de (toekomstige) goederen van:
de heer [naam rechthebbende / onder bewind gestelde],
wonende te [woonplaats rechthebbende],
gedaagde partij,
procederend bij mw. W. Bunte.
Partijen zullen hierna ook [naam eisende partij] en Myrtax genoemd worden.
1Het (verdere) procesverloop
1.1.
Het verdere verloop van de procedure blijkt uit:
het tussenvonnis van 10 april 2019 ter bepaling van de comparitie;
de brief van 25 april 2019 van (de gemachtigde van) [naam eisende partij]
de zittingsaantekeningen van de mondelinge behandeling van 17 mei 2019, waar beide partijen zijn verschenen.
1.2.
Na afloop van de mondelinge behandeling heeft de kantonrechter onmiddellijk mondeling uitspraak gedaan.
2De beslissing
De kantonrechter:
2.1.
veroordeelt de gedaagde partij om aan de eisende partij te betalen € 853,22, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 650,= vanaf 9 januari 2019 tot de dag der voldoening;
2.2.
veroordeelt de gedaagde partij in de proceskosten aan de zijde van de eisende partij tot op heden vastgesteld op:€ 108,27 aan explootkosten€ 231,00 aan griffierecht€ 240,00 aan salaris gemachtigde;
2.3.
wijst het meer of anders gevorderde af;
2.4.
verklaart deze uitspraak uitvoerbaar bij voorraad.
3De beoordeling
3.1.
De kantonrechter geeft hiervoor de volgende motivering.
3.2.
De gedaagde partij heeft de vordering erkend. Voor zover de vordering wel is betwist, is dat verweer door de eisende partij ter zitting voldoende weerlegd. Daarom moet de vordering als niet voldoende weersproken worden toegewezen. Alleen de gevorderde btw over de buitengerechtelijke incassokosten wordt afgewezen, omdat deze niet is aangezegd in de aanmaning ex art. 6:96 lid 6 BW.
3.3.
Als de overwegend in het ongelijk gestelde partij, wordt de gedaagde partij veroordeeld in de proceskosten.
Deze mondelinge uitspraak is gedaan door mr. S. Kropman, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 17 mei 2019.
Waarvan proces-verbaal,
de griffier, de kantonrechter,
Team kanton en handelsrecht
Zittingsplaats Zutphen
Zaakgegevens : 7553116 CV EXPL 19-914
Grosse aan : eisende partij
Afschrift aan : gedaagde partij
Verzonden :
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van 17 mei 2019
in de zaak van
[naam eisende partij]
wonende te [woonplaats eisende partij],
eisende partij,
gemachtigde: K.M. Nodelijk,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Myrtax Bewindvoering B.V.,
gevestigd te Doetinchem,
in hoedanigheid van bewindvoerder over de (toekomstige) goederen van:
de heer [naam rechthebbende / onder bewind gestelde],
wonende te [woonplaats rechthebbende],
gedaagde partij,
procederend bij mw. W. Bunte.
Partijen zullen hierna ook [naam eisende partij] en Myrtax genoemd worden.
1Het (verdere) procesverloop
1.1.
Het verdere verloop van de procedure blijkt uit:
het tussenvonnis van 10 april 2019 ter bepaling van de comparitie;
de brief van 25 april 2019 van (de gemachtigde van) [naam eisende partij]
de zittingsaantekeningen van de mondelinge behandeling van 17 mei 2019, waar beide partijen zijn verschenen.
1.2.
Na afloop van de mondelinge behandeling heeft de kantonrechter onmiddellijk mondeling uitspraak gedaan.
2De beslissing
De kantonrechter:
2.1.
veroordeelt de gedaagde partij om aan de eisende partij te betalen € 853,22, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 650,= vanaf 9 januari 2019 tot de dag der voldoening;
2.2.
veroordeelt de gedaagde partij in de proceskosten aan de zijde van de eisende partij tot op heden vastgesteld op:€ 108,27 aan explootkosten€ 231,00 aan griffierecht€ 240,00 aan salaris gemachtigde;
2.3.
wijst het meer of anders gevorderde af;
2.4.
verklaart deze uitspraak uitvoerbaar bij voorraad.
3De beoordeling
3.1.
De kantonrechter geeft hiervoor de volgende motivering.
3.2.
De gedaagde partij heeft de vordering erkend. Voor zover de vordering wel is betwist, is dat verweer door de eisende partij ter zitting voldoende weerlegd. Daarom moet de vordering als niet voldoende weersproken worden toegewezen. Alleen de gevorderde btw over de buitengerechtelijke incassokosten wordt afgewezen, omdat deze niet is aangezegd in de aanmaning ex art. 6:96 lid 6 BW.
3.3.
Als de overwegend in het ongelijk gestelde partij, wordt de gedaagde partij veroordeeld in de proceskosten.
Deze mondelinge uitspraak is gedaan door mr. S. Kropman, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 17 mei 2019.
Waarvan proces-verbaal,
de griffier, de kantonrechter,