Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:16420
2026-06-16
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
NL26.9275
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
Afwijzing voorlopige voorziening omdat op het beroep is beslist.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (2)
- ECLI:NL:RBDHA:2026:23885 Rechtbank Den Haag 23-08-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:21798 Rechtbank Den Haag 04-08-2026
Volledige tekst
Volledige tekst (1.898 tekens)
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: NL26.9275
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker] , V-nummer: [V-nummer] , verzoeker
(gemachtigde: mr. A.S. Sewman),
en
de minister van Asiel en Migratie,
(gemachtigde: mr. J. Visschers).
Procesverloop
1. Verzoeker heeft op 3 februari 2025 asiel gevraagd. De minister heeft met het besluit van 12 februari 2026 (het bestreden besluit) deze aanvraag afgewezen als kennelijk ongegrond.
2. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld. De beroepsprocedure is geregistreerd onder kenmerk NL26.9274. Ook heeft verzoeker een voorlopige voorziening gevraagd om het beroep in Nederland te mogen afwachten.
3. De voorzieningenrechter heeft het verzoek en het beroep op 19 mei 2026 op zitting behandeld. Hieraan heeft de gemachtigde van de minister deelgenomen. De gemachtigde van verzoeker en verzoeker hebben zich afgemeld voor de zitting.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
4. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL26.9274, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A. Skerka, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. S. van den Broek, griffier.
Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
16 juni 2026
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: NL26.9275
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker] , V-nummer: [V-nummer] , verzoeker
(gemachtigde: mr. A.S. Sewman),
en
de minister van Asiel en Migratie,
(gemachtigde: mr. J. Visschers).
Procesverloop
1. Verzoeker heeft op 3 februari 2025 asiel gevraagd. De minister heeft met het besluit van 12 februari 2026 (het bestreden besluit) deze aanvraag afgewezen als kennelijk ongegrond.
2. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld. De beroepsprocedure is geregistreerd onder kenmerk NL26.9274. Ook heeft verzoeker een voorlopige voorziening gevraagd om het beroep in Nederland te mogen afwachten.
3. De voorzieningenrechter heeft het verzoek en het beroep op 19 mei 2026 op zitting behandeld. Hieraan heeft de gemachtigde van de minister deelgenomen. De gemachtigde van verzoeker en verzoeker hebben zich afgemeld voor de zitting.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
4. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL26.9274, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A. Skerka, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. S. van den Broek, griffier.
Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
16 juni 2026
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.