Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Amsterdam

ECLI:NL:RBAMS:2026:7305

2026-07-15 Civiel recht; Personen- en familierecht NL:TZ:0000464626:B001
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Uitspraakdatum
2026-07-15
Publicatiedatum
2026-07-17
Rechtsgebied
Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer
NL:TZ:0000464626:B001
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

Aansprakelijkstelling

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (8.361 tekens)
RECHTBANK AMSTERDAM









zaaknummer


:


NL:TZ:0000464626:B001




dossiernummer


:


BM28580




datum


:


15 juli 2026






beschikking

op verzoek van:


Goedhart Amsterdam B.V.
KvKno. [nummer] ,
correspondentieadres: [correspondentieadres] ,



bewindvoerder van





[betrokkene] , hierna ook te noemen: betrokkene,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1954,wonende te [adres 1] ,


tegen de voormalig bewindvoerder:

[voormalige bewindvoerder] ,
wonende te [adres 2] .

procedure




Bij beschikking van de kantonrechter van 24 november 2015 is een bewind ingesteld over de goederen die (zullen) toebehoren aan betrokkene vanwege zijn lichamelijke / geestelijke toestand.
Destijds was [voormalige bewindvoerder] benoemd tot bewindvoerder.



Op 26 april 2021 is toestemming verleend voor het doen van een belastingvrije schenking aan de kinderen van betrokkene ter hoogte van € 6.604,- per kind. Daarbij is overwogen dat er geen sprake is van een schenkingstraditie. De vorige bewindvoerder is er tevens op gewezen dat, indien de bewindvoerder in de toekomst opnieuw een schenking wenst te doen, daarvoor opnieuw toestemming van de kantonrechter vereist is.



Bij beschikking van de kantonrechter van 24 september 2025 is [voormalige bewindvoerder] -met ingang van 26 september 2025- ontslagen als bewindvoerder en is Goedhart Amsterdam B.V. benoemd tot opvolgend bewindvoerder.
Het ontslag werd verleend omdat de kantonrechter geen goed toezicht kon houden op de financiële situatie van betrokkene vanwege het ontbreken van contact met de vorige bewindvoerder.
De kantonrechter had herhaaldelijk, zowel schriftelijk als telefonisch, getracht om contact te leggen met de vorige bewindvoerder. Er was echter geen reactie ingekomen.
De vorige bewindvoerder had na 2021 geen jaarlijks rekening en verantwoording aan de kantonrechter afgelegd. Verder was de vorige bewindvoerder tijdens de mondelinge behandeling op 15 september 2025, hoewel zij tijdig en op de juiste wijze was opgeroepen, niet verschenen.



De huidige bewindvoerder heeft, per brief van 6 maart 2026, geklaagd over de werkwijze van de vorige bewindvoerder. Zo heeft de vorige bewindvoerder nagelaten een AOW-uitkering ten behoeve van betrokkene aan te vragen; betrokkene werd 65 jaar op [verjaardag] 2020. Na de verkoop van de woning van betrokkene in januari 2021 zijn diverse gemeentelijke heffingen, verzekeringen, telefoonabonnementen niet opgezegd en zijn die gewoon doorgelopen. Daardoor heeft de boedel van betrokkene schade geleden.



Op 30 juni 2026 heeft een mondelinge behandeling plaatsgevonden, waar [naam] , werkzaam bij Goedhart Amsterdam B.V., is verschenen.

[voormalige bewindvoerder] is tijdig en behoorlijk opgeroepen. Zij is echter niet verschenen.




beoordeling


In artikel 1:444 BW is bepaald dat de bewindvoerder jegens de betrokkene aansprakelijk is, indien hij in de zorg van een goed bewindvoerder tekortschiet, tenzij de tekortkoming hem niet kan worden toegerekend. De bewindvoerder is aansprakelijk als hij niet heeft gehandeld zoals een redelijk handelend en redelijk bekwaam bewindvoerder in vergelijkbare omstandigheden gedaan zou hebben. Op grond van artikel 1:362 BW(dat ingevolge artikel 1:445, lid 5 BW van overeenkomstige toepassing is bij bewind) kan de rechter desverzocht of ambtshalve de schade vaststellen, die de rechthebbende door slecht bewind van de voormalige bewindvoerder heeft geleden en de voormalige bewindvoerder tot vergoeding daarvan veroordelen.



Gebleken is dat de vorige bewindvoerder zonder toestemming van de kantonrechter diverse schenkingen aan zichzelf en aan andere familieleden gedaan heeft (totaal voor een bedrag van ruim € 55.000,-).
Er zijn geen aangiften Inkomstenbelasting gedaan door de vorige bewindvoerder.
Diverse pintransacties, gedaan door de vorige bewindvoerder, met het pasje van betrokkene zijn niet te herleiden tot uitgaven ten behoeve van betrokkene.
Er zijn diverse schuldeisers betaald geworden; onbekend is gebleven welke schuldeisers en welke schulden dat betrof.



De huidige bewindvoerder heeft de schade die betrokkene geleden heeft door toedoen van de vorige bewindvoerder, onderbouwd met stukken (bankafschriften). De kantonechter zal de periode waarover de schadeloosstelling ziet, beperken tot vijf (5) jaar voorafgaande aan het ontslag van de vorige bewindvoerder. De schadeloosstelling ziet dus niet op onterechte uitgaven door de vorige bewindvoerder ten laste van betrokkene, in de periode die ligt vóór vijf (5) jaar voor het ontslag van de vorige bewindvoerder.



Aan de hand van de door de huidige bewindvoerder overgelegde stukken (bankafschriften) is de schade die betrokkene geleden heeft door de kantonrechter vastgesteld op € 74.310,92.



De kantonrechter merkt op dat in dit laatste bedrag niet is opgenomen de schenkingen aan de kinderen waarvoor wel toestemming is verleend (2021), te weten driemaal € 6.604,00.



De kantonrechter is niet bekend met enig verweer van de zijde van de vorige bewindvoerder, nu zij steeds niet ter zitting is verschenen, hoewel behoorlijk opgeroepen, en ook niet gereageerd heeft op brieven van de kantonrechter.
Zoals hiervoor overwogen, heeft de vorige bewindvoerder ook nagelaten vanaf 2021 rekening en verantwoording af te leggen over het door haar gevoerd bewind.



Om die reden stelt de kantonrechter het bedrag aan schadeloosstelling vast op € 74.310,92.




beslissing


De kantonrechter:



bepaalt dat [voormalige bewindvoerder] aansprakelijk is voor de door betrokkene geleden schade;


stelt het bedrag aan schadeloosstelling vast op € 74.310,92;


veroordeelt [voormalige bewindvoerder] tot betaling van dit bedrag door storting op rekeningnummer [rekeningnummer] ten name van [betrokkene] ;


verklaart de beschikking uitvoerbaar bij voorraad











Deze beschikking is gegeven door mr. R. Kruisdijk, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 15 juli 2026.





































































Tegen deze beschikking kan - uitsluitend door tussenkomst van een advocaat - hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam:



door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking (digitaal) is verstrekt of verzonden binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;


door andere belanghebbenden binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat deze beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.