Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Parket bij de Hoge Raad

ECLI:NL:PHR:2023:160

2023-02-07 Strafrecht 21/00848
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Uitspraakdatum
2023-02-07
Publicatiedatum
2023-02-07
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
—
Zaaknummer
21/00848
Type
Conclusie
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

-

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (2.542 tekens)
PROCUREUR-GENERAAL



BIJ DE



HOGE RAAD DER NEDERLANDEN






Nummer 21/00848

Zitting 13 december 2022




CONCLUSIE



T.N.B.M. Spronken




In de zaak




[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1990,
hierna: de verdachte





1Inleiding

1.1
De verdachte is bij arrest van 15 februari 2021 door het hof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, wegens "openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen en goederen" en “openlijk in vereniging geweld plegen tegen goederen”, veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee weken, met een proeftijd van twee jaar, en een taakstraf voor de duur van 80 uur. Verder heeft het hof beslissingen genomen op de vorderingen van de benadeelde partijen en aan de verdachte een schadevergoedingsmaatregel opgelegd, een en ander zoals nader in het arrest omschreven.


1.2
Er bestaat samenhang met de zaken 21/00680 en 21/00681. In deze zaken zal ik vandaag ook concluderen.




2Ontvankelijkheid van het beroep

2.1
Het cassatieberoep is ingesteld namens de verdachte. De aanzegging als bedoeld in art. 435 lid 1 Sv is blijkens de akte van uitreiking op 15 december 2021 aan de verdachte in persoon uitgereikt. De in het tweede lid van art. 437 Sv gestelde termijn van twee maanden liep af op 14 februari 2022. Gedurende deze termijn is geen schriftuur houdende middelen van cassatie ingediend.


2.2
Nu de verdachte niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, kan hij ingevolgde art. 437 lid 2 Sv niet in het cassatieberoep worden ontvangen.




3Conclusie

3.1
Deze conclusie strekt ertoe dat de Hoge Raad de verdachte niet-ontvankelijk zal verklaren in het ingestelde cassatieberoep.






De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden




AG




Middels een herstelarrest van 25 februari 2021 heeft het hof een kennelijke misslag hersteld, te weten de vermelding van 53 in plaats van 51 vervangende dagen gijzeling bij de toepassing van de schadevergoedingsmaatregel ten behoeve van één van de benadeelde partijen.