Parket bij de Hoge Raad
ECLI:NL:PHR:2016:157
2016-01-26
Strafrecht
15/02267
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2016:527 → ECLI:NL:PHR:2016:157 gevolgd
Inhoudsindicatie
Beklag, beslag. Art. 552a Sv. HR: geen middelen ingediend. Klager is o.g.v. art. 447.5 Sv n-o in het beroep.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (1.349 tekens)
Nr. 15/02267 B
Zitting: 26 januari 2016
Mr. Knigge
Conclusie inzake:
[klager]
1. De Rechtbank Oost-Brabant, zittingsplaats ‘s-Hertogenbosch heeft bij beschikking van 20 februari 2015 klager niet-ontvankelijk verklaard in zijn op de voet van art. 552a Sv ingediende bezwaar.
2. Tegen deze uitspraak is namens klager cassatieberoep ingesteld.
3. De aanzegging in cassatie is op 9 juni 2015 betekend aan klager in persoon. Een schriftuur is niet binnengekomen. Nu klager niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, is het voorschrift van art. 447 lid 5 Sv niet in acht genomen, zodat klager reeds hierom niet in zijn cassatieberoep kan worden ontvangen.
4. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van klager in het cassatieberoep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden,
AG
Deze zaak hangt samen met de zaak tegen klager (15/02266B), waarin ik ook vandaag zal concluderen.
Zitting: 26 januari 2016
Mr. Knigge
Conclusie inzake:
[klager]
1. De Rechtbank Oost-Brabant, zittingsplaats ‘s-Hertogenbosch heeft bij beschikking van 20 februari 2015 klager niet-ontvankelijk verklaard in zijn op de voet van art. 552a Sv ingediende bezwaar.
2. Tegen deze uitspraak is namens klager cassatieberoep ingesteld.
3. De aanzegging in cassatie is op 9 juni 2015 betekend aan klager in persoon. Een schriftuur is niet binnengekomen. Nu klager niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, is het voorschrift van art. 447 lid 5 Sv niet in acht genomen, zodat klager reeds hierom niet in zijn cassatieberoep kan worden ontvangen.
4. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van klager in het cassatieberoep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden,
AG
Deze zaak hangt samen met de zaak tegen klager (15/02266B), waarin ik ook vandaag zal concluderen.