Parket bij de Hoge Raad
ECLI:NL:PHR:2016:100
2016-01-05
Strafrecht
14/03350
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2016:410 → ECLI:NL:PHR:2016:100 gevolgd
Inhoudsindicatie
Herziening. Gegronde persoonsverwisseling.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (1.665 tekens)
Nr. 14/03350 H
Mr. Aben
Zitting 5 januari 2016
Conclusie inzake:
[aanvrager]
1. In deze zaak heb ik eerder geconcludeerd op 4 november 2014. Voor de processuele gang van zaken verwijs ik naar die conclusie.
2. Ik heb nader onderzoek doen verrichten naar enkele kwesties waartoe het verzoekschrift aanleiding kon geven. De resultaten daarvan heb ik de raadsman, mr. G.G.J. Knoops, op 25 november 2015 (andermaal) elektronisch doen toekomen, alsook schriftelijk.
3. De raadsman heeft mij per mail van 26 november 2015 laten weten geen aanleiding te zien voor een reactie op de inhoud van de hem toegezonden bescheiden.
4. Bijgaand doe ik u allereerst toekomen een drietal processen-verbaal van bij de aanhouding en het verhoor betrokken verbalisanten, te weten (in chronologische volgorde) [verbalisant 1] , [verbalisant 2] en [verbalisant 3] . De inhoud daarvan spreekt voor zich.
5. In de tweede plaats doe ik u toekomen een proces-verbaal met aanvullende verhoren van [betrokkene 1] , de werkgever van de verzoeker, en van de verzoeker zelf. Een door mij verzocht aanvullend verhoor van [betrokkene 2] heeft uiteindelijk niet plaatsgehad wegens gebrek aan medewerking zijnerzijds.
6. Hoewel de onderzoeksresultaten enige nuanceringen aanbrengen in de stellingen die de verzoeker heeft betrokken, zie ik in een en ander geen goede reden voor een wijziging van mijn bij conclusie van 4 november 2014 ingenomen standpunt.
De procureur-generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden,
n.d.
Mr. Aben
Zitting 5 januari 2016
Conclusie inzake:
[aanvrager]
1. In deze zaak heb ik eerder geconcludeerd op 4 november 2014. Voor de processuele gang van zaken verwijs ik naar die conclusie.
2. Ik heb nader onderzoek doen verrichten naar enkele kwesties waartoe het verzoekschrift aanleiding kon geven. De resultaten daarvan heb ik de raadsman, mr. G.G.J. Knoops, op 25 november 2015 (andermaal) elektronisch doen toekomen, alsook schriftelijk.
3. De raadsman heeft mij per mail van 26 november 2015 laten weten geen aanleiding te zien voor een reactie op de inhoud van de hem toegezonden bescheiden.
4. Bijgaand doe ik u allereerst toekomen een drietal processen-verbaal van bij de aanhouding en het verhoor betrokken verbalisanten, te weten (in chronologische volgorde) [verbalisant 1] , [verbalisant 2] en [verbalisant 3] . De inhoud daarvan spreekt voor zich.
5. In de tweede plaats doe ik u toekomen een proces-verbaal met aanvullende verhoren van [betrokkene 1] , de werkgever van de verzoeker, en van de verzoeker zelf. Een door mij verzocht aanvullend verhoor van [betrokkene 2] heeft uiteindelijk niet plaatsgehad wegens gebrek aan medewerking zijnerzijds.
6. Hoewel de onderzoeksresultaten enige nuanceringen aanbrengen in de stellingen die de verzoeker heeft betrokken, zie ik in een en ander geen goede reden voor een wijziging van mijn bij conclusie van 4 november 2014 ingenomen standpunt.
De procureur-generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden,
n.d.