Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Parket bij de Hoge Raad

ECLI:NL:PHR:2015:604

2015-04-07 Strafrecht 14/04508
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Uitspraakdatum
2015-04-07
Publicatiedatum
2015-05-19
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
—
Zaaknummer
14/04508
Type
Conclusie
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Diefstal. Wegnemen i.d.z.v. art. 310 Sr. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2011:BP2627 m.b.t. het feit dat voor een veroordeling t.z.v. diefstal van een aan een ander toebehorend goed – e.e.a. a.b.i. art. 310 Sr – o.m. is vereist dat de dader zich de feitelijke heerschappij over dat goed heeft verschaft dan wel dit aan de feitelijke heerschappij van de rechthebbende heeft onttrokken en dat de vraag of daarvan sprake is mede afhankelijk is van waarderingen van feitelijke aard die in cassatie slechts in beperkte mate kunnen worden getoetst. I.c. heeft het Hof vastgesteld dat verdachte d.m.v. het gebruik van een valse kopie van een “toestemming tot wegvoering” de in de bewezenverklaring genoemde goederen uit de macht van de rechthebbende heeft gehaald. ’s Hofs klaarblijkelijke oordeel dat verdachte zich aldus een zodanige feitelijke heerschappij over die goederen heeft verschaft dat sprake is van wegneming i.d.z.v. art. 310 Sr geeft – gelet op de blijkens de bewijsvoering vastgestelde gang van zaken – niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting en is naar de eis der wet met redenen omkleed. Dat verdachte mogelijkerwijs ook t.z.v. oplichting had kunnen worden vervolgd, maakt dit niet anders, vgl. ECLI:NL:HR:2009:BH5232. Conclusie AG: anders (art. 80a RO).

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (871 tekens)
Nr. S 14/04508
Zitting: 7 april 2015




E.J. Hofstee

Standpunt/conclusie inzake:


[verdachte]










Na bestudering van de zaak ben ik van mening dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.














De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden




AG