Parket bij de Hoge Raad
ECLI:NL:PHR:2015:2763
2015-12-22
Civiel recht
15/05760
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2016:545 → ECLI:NL:PHR:2015:2763 gevolgd
Inhoudsindicatie
Cassatie. Beroep tegen beslissing hof op beklag als bedoeld in art. 12 e.v. Sv. Niet-ontvankelijkheid ingevolge art. 445 Sv.
Citeert (1)
- ECLI:NL:HR:1999:ZC2946 Hoge Raad 18-06-1999
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (1.128 tekens)
15/05760
Mr. F.F. Langemeijer
22 december 2015
Conclusie inzake het verzetschrift van
[klager]
1. Bij schrijven van 10 december 2015 heeft [klager] (hierna: klager) te kennen gegeven zich bij de Hoge Raad te verzetten tegen de beschikking van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 21 oktober 2014 (nr. K 13/0937). In die beschikking heeft het hof het beklag van klager over een vervolgingsbeslissing van de officier van justitie in het arrondissementsparket Oost-Nederland afgewezen als kennelijk ongegrond (art. 12c Wetboek van Strafvordering).
2. Klager kan in dit verzet niet worden ontvangen, omdat tegen een beschikking op beklag geen gewoon rechtsmiddel openstaat (art. 445 WvSv).
3. De conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van klager in zijn verzet.
De Procureur-Generaal bij de
Hoge Raad der Nederlanden,
a. – g.
Vgl. HR 18 juni 1999, ECLI:NL:HR:1999:ZC2946, NJ 1999/628. Zie verder: M.S. Groenhuijsen e.a. (red.), Wetboek van Strafvordering, losbl., art. 12-13a, aantek. 7 (J.B.J. van der Ley).
Mr. F.F. Langemeijer
22 december 2015
Conclusie inzake het verzetschrift van
[klager]
1. Bij schrijven van 10 december 2015 heeft [klager] (hierna: klager) te kennen gegeven zich bij de Hoge Raad te verzetten tegen de beschikking van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 21 oktober 2014 (nr. K 13/0937). In die beschikking heeft het hof het beklag van klager over een vervolgingsbeslissing van de officier van justitie in het arrondissementsparket Oost-Nederland afgewezen als kennelijk ongegrond (art. 12c Wetboek van Strafvordering).
2. Klager kan in dit verzet niet worden ontvangen, omdat tegen een beschikking op beklag geen gewoon rechtsmiddel openstaat (art. 445 WvSv).
3. De conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van klager in zijn verzet.
De Procureur-Generaal bij de
Hoge Raad der Nederlanden,
a. – g.
Vgl. HR 18 juni 1999, ECLI:NL:HR:1999:ZC2946, NJ 1999/628. Zie verder: M.S. Groenhuijsen e.a. (red.), Wetboek van Strafvordering, losbl., art. 12-13a, aantek. 7 (J.B.J. van der Ley).