Parket bij de Hoge Raad
ECLI:NL:PHR:2013:BY9128
2013-01-22
Strafrecht
12/04155 J
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2013:BY9128 → ECLI:NL:PHR:2013:BY9128
Inhoudsindicatie
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk op grond van art. 80a RO.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (1.089 tekens)
Nr. 12/04155 J
Mr. Vegter
Zitting 18 december 2012
Standpunt/conclusie inzake:
[Verdachte]
1. Het cassatieberoep richt zich tegen een beslissing van het Gerechtshof te Amsterdam van 26 januari 2012. Er is tijdig een schriftuur houdende twee middelen van cassatie ingekomen.
2. Het eerste middel, dat klaagt dat het Hof de aanvulling van het verkorte arrest en het proces-verbaal van de zitting niet binnen de wettelijke termijn heeft opgesteld, stelt eisen die het recht niet kent. Op beide verzuimen staan immers geen wettelijke sancties. Het tweede middel komt tevergeefs op tegen de geenszins onbegrijpelijke motivering van de verwerping van het verweer dat alle bewijsmiddelen die door verbalisant [verbalisant] zijn verzameld moeten worden uitgesloten van het bewijs.
3. Het standpunt is dat verdachte niet-ontvankelijk wordt verklaard in het beroep in cassatie nu de middelen klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG
Mr. Vegter
Zitting 18 december 2012
Standpunt/conclusie inzake:
[Verdachte]
1. Het cassatieberoep richt zich tegen een beslissing van het Gerechtshof te Amsterdam van 26 januari 2012. Er is tijdig een schriftuur houdende twee middelen van cassatie ingekomen.
2. Het eerste middel, dat klaagt dat het Hof de aanvulling van het verkorte arrest en het proces-verbaal van de zitting niet binnen de wettelijke termijn heeft opgesteld, stelt eisen die het recht niet kent. Op beide verzuimen staan immers geen wettelijke sancties. Het tweede middel komt tevergeefs op tegen de geenszins onbegrijpelijke motivering van de verwerping van het verweer dat alle bewijsmiddelen die door verbalisant [verbalisant] zijn verzameld moeten worden uitgesloten van het bewijs.
3. Het standpunt is dat verdachte niet-ontvankelijk wordt verklaard in het beroep in cassatie nu de middelen klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG