Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2026:665

2026-04-17 Civiel recht 25/01282
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2026-04-17
Publicatiedatum
2026-04-16
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
25/01282
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2026/553

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Schadevergoedingsrecht. Schadestaatprocedure. Ontwikkelingsovereenkomst monumentaal pand; vermogensvergelijking situatie met en zonder ontbinding overeenkomst.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (2.500 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN



CIVIELE KAMER






Nummer 25/01282

Datum 17 april 2026




ARREST




In de zaak van




[eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
hierna: [eiser],
advocaat: J. den Hoed,



tegen


1. ROTTERDAMSE GROND B.V.,
gevestigd te Rotterdam,
2. DE VIJVERBORGH BEHEER B.V.,

gevestigd te Rotterdam,
VERWEERSTERS in cassatie,
hierna: RG c.s.,
advocaat: D. Rijpma.





1Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. het vonnis in de zaak C/10/633279 /HA ZA 22-134 van de rechtbank Rotterdam van 21 december 2022;
b. het arrest in de zaak 200.325.186/01 van het gerechtshof Den Haag van 7 januari 2025.

[eiser] heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
RG c.s. hebben een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal B.J. Drijber strekt tot verwerping van het cassatieberoep. De advocaat van [eiser] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.





2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).




3Beslissing

De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van RG c.s. begroot op € 8.508,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eiser] deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.





Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.E.B. ter Heide, als voorzitter, F.R. Salomons en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 17 april 2026.