Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2026:1505

2026-09-22 Strafrecht 25/00350
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2026-09-22
Publicatiedatum
2026-09-17
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
25/00350
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Medeplegen bedrijfsmatige hennepteelt in woning (art. 3.B jo 11.3 Opiumwet). Bewijsklacht. Bewezenverklaring toereikend gemotiveerd gelet op aangevoerd alternatief scenario? HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 25/00349 P.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (1.842 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN



STRAFKAMER




Nummer 25/00350

Datum 22 september 2026



ARREST



op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 31 januari 2025, nummer 21-004327-23, in de strafzaak



tegen




[verdachte],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1983,
hierna: de verdachte.





1Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft de advocaat S.F.W. van 't Hullenaar bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. Een aanvulling op de schriftuur is pas bij de griffie van de Hoge Raad ingekomen nadat de daarvoor in de wet gestelde termijn was verlopen. De Hoge Raad zal daarom op deze aanvulling geen acht slaan.
De advocaat-generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.




2Beoordeling van het cassatiemiddel
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).



3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.


Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren M. Kuijer en T.B. Trotman, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 22 september 2026.