Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2025:58

2025-01-14 Strafrecht 22/03333
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2025-01-14
Publicatiedatum
2025-01-10
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
22/03333
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | SR-Updates.nl 2025-0010 | RvdW 2025/179

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Zware mishandeling van zijn buurman door met hamer op diens rechterhand te slaan, art. 302.1 Sr. Vrijspraak in eerste aanleg. Bewijsklachten en afwijzing van voorwaardelijk verzoek tot nader onderzoek. HR: Om redenen vermeld in CAG leidt middel niet tot cassatie. CAG: Hof heeft t.a.v. letsel (botfractuur in rechterhand) vastgesteld dat dit van dien aard was dat medisch ingrijpen noodzakelijk is gebleken en dat t.t.v. het wijzen van arrest nog geen uitzicht was op (volledig) herstel. ’s Hofs oordeel dat sprake is van zwaar lichamelijk letsel is toereikend gemotiveerd. Hetgeen raadsman naar voren heeft gebracht t.a.v. 112-meldingen heeft hof niet aangemerkt als uitdrukkelijk onderbouwd standpunt maar als onderbouwing van bewijsverweer/alternatief scenario. Hof heeft verzoek om nader onderzoek door deskundige te laten verrichten afgewezen, omdat noodzaak daartoe ontbreekt. Nu het gaat om verzoek ex art. 328 jo. 315 Sv heeft hof de juiste maatstaf aangelegd. ‘s Hofs oordeel is ook in het licht van wat door verdediging is aangevoerd voldoende gemotiveerd. Volgt verwerping.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (2.422 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN



STRAFKAMER




Nummer 22/03333

Datum 14 januari 2025



ARREST



op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag van 9 september 2022, nummer 22-000010-22, in de strafzaak



tegen




[verdachte],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1959,
hierna: de verdachte.





1Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben R.J. Baumgardt, advocaat in Rotterdam, en P. van Dongen, advocaat in Amsterdam, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.
De advocaat-generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd tot vernietiging maar uitsluitend wat betreft de strafoplegging, tot strafvermindering volgens de gebruikelijke maatstaf en tot verwerping van het beroep voor het overige.




2Beoordeling van het cassatiemiddel

2.1
Het cassatiemiddel klaagt over de bewijsvoering en de afwijzing van een voorwaardelijk verzoek.


2.2
Het cassatiemiddel leidt niet tot cassatie. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal onder 2.




3Ambtshalve beoordeling van de uitspraak van het hof
De Hoge Raad doet uitspraak nadat meer dan twee jaren zijn verstreken na het instellen van het cassatieberoep. Dat brengt mee dat de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 lid 1 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden is overschreden. Dit moet leiden tot vermindering van de opgelegde taakstraf van 100 uren.



4Beslissing

De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof, maar uitsluitend wat betreft het aantal uren te verrichten taakstraf en de duur van de vervangende hechtenis;
- vermindert het aantal uren taakstraf en de duur van de vervangende hechtenis in die zin dat de taakstraf 95 uren beloopt, subsidiair 47 dagen hechtenis;
- verwerpt het beroep voor het overige.



Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren T.B. Trotman en R. Kuiper, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 14 januari 2025.