Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2025:462

2025-04-01 Strafrecht 23/01305
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2025-04-01
Publicatiedatum
2025-03-27
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
23/01305
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2025/535

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Valsheid in geschrift m.b.t. koop van motor (art. 225.1 Sr) en opzettelijk aanwezig hebben van amfetamine in woning van verdachte (art. 2.C Opiumwet). 1. Verweer t.a.v. opzettelijk aanwezig hebben van amfetamine dat sprake is van onrechtmatige doorzoeking van woning, art. 359a Sv. 2. Bewijsklacht opzettelijk aanwezig hebben van amfetamine. Heeft verdachte wetenschap gehad van aanwezigheid van amfetamine in zijn woning? 3. Bewijsklachten valsheid in geschrift. Heeft verdachte het oogmerk gehad om geschrift als echt en onvervalst te gebruiken?

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (1.683 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN



STRAFKAMER






Nummer 23/01305

Datum 1 april 2025




ARREST




op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 22 maart 2023, nummer 20-000293-21, in de strafzaak



tegen




[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1992,
hierna: de verdachte.





1Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft de advocaat T.J.N. Hameleers bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.
De plaatsvervangend advocaat-generaal V.M.A. Sinnige heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.




2Beoordeling van de cassatiemiddelen
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).



3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.



Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren T. Kooijmans en R. Kuiper, in bijzijn van de waarnemend griffier B.C. Broekhuizen-Meuter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 1 april 2025.