Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2025:312

2025-03-11 Strafrecht 23/04570
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2025-03-11
Publicatiedatum
2025-02-20
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
23/04570
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2025/416

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Opruiing door tijdens “lock down” bericht op telegram te plaatsen dat anderen aanzet tot plegen van geweld tegen minister president, art. 131.1 Sr. Bewijsklacht “in het openbaar”. Kan het plaatsen van bericht in besloten telegramgroep worden aangemerkt als het doen van uitlatingen “in het openbaar”? HR: art. 81.1 RO.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (1)

Volledige tekst

Volledige tekst (1.660 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN



STRAFKAMER






Nummer 23/04570

Datum 11 maart 2025




ARREST




op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag van 13 november 2023, nummer 22-002066-22, in de strafzaak



tegen




[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1971,
hierna: de verdachte.





1Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben R.J. Baumgardt en M.J. van Berlo bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.
De advocaat-generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.




2Beoordeling van het cassatiemiddel
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).



3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.



Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en T.B. Trotman, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 11 maart 2025.