Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2025:1615
2025-10-24
Bestuursrecht; Belastingrecht
24/04700
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2025:1615 → ECLI:NL:GHARL:2024:7125
Inhoudsindicatie
HR verklaart het beroep in cassatie n-o met toepassing van art. 80a RO.
Citeert (1)
- ECLI:NL:GHARL:2024:7125 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 19-11-2024
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (1.674 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
BELASTINGKAMER
Nummer 24/04700
Datum 24 oktober 2025
ARREST
in de zaak van
[X] B.V. (hierna: belanghebbende),
vertegenwoordigd door R. Lammers,
tegen
de STAAT (de MINISTER VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID),
vertegenwoordigd door [P],
op het beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, van 19 november 2024, nrs. BK-ARN 23/1981 tot en met BK-ARN 23/2057.
1Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het Hof beoordeeld. De procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft de gelegenheid gekregen een advies uit te brengen.
De Hoge Raad is tot het oordeel gekomen dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen. Hij zal daarom gebruikmaken van de mogelijkheid om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren (zie artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie).
2Proceskosten
De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
3Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.E. van Hilten als voorzitter, en de raadsheren E.N. Punt en M.A. Fierstra, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 24 oktober 2025.
ECLI:NL:GHARL:2024:7125.
BELASTINGKAMER
Nummer 24/04700
Datum 24 oktober 2025
ARREST
in de zaak van
[X] B.V. (hierna: belanghebbende),
vertegenwoordigd door R. Lammers,
tegen
de STAAT (de MINISTER VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID),
vertegenwoordigd door [P],
op het beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, van 19 november 2024, nrs. BK-ARN 23/1981 tot en met BK-ARN 23/2057.
1Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het Hof beoordeeld. De procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft de gelegenheid gekregen een advies uit te brengen.
De Hoge Raad is tot het oordeel gekomen dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen. Hij zal daarom gebruikmaken van de mogelijkheid om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren (zie artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie).
2Proceskosten
De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
3Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.E. van Hilten als voorzitter, en de raadsheren E.N. Punt en M.A. Fierstra, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 24 oktober 2025.
ECLI:NL:GHARL:2024:7125.