Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2025:1305

2025-09-16 Strafrecht 24/03758
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2025-09-16
Publicatiedatum
2025-09-12
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
24/03758
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | SR-Updates.nl 2025-0278 | RvdW 2025/1046 | NTS 2025/60

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

OM-cassatie. Beklag, beslag ex art. 94 Sv op personenauto onder klager t.z.v. verdenking van witwassen. Heeft Rb summier en voorlopig karakter van beklagprocedure miskend? HR: Om redenen vermeld in CAG is middel gegrond. CAG: Rb heeft geoordeeld dat door klager voldoende inzichtelijk en aannemelijk is gemaakt hoe klager aan gelden is gekomen waarmee hij personenauto heeft gekocht en dat zijn verklaring hierover concreet, min of meer verifieerbaar en op voorhand niet hoogst onwaarschijnlijk wordt geacht. Rb lijkt hiermee van oordeel te zijn dat van verdenking van witwassen geen sprake meer is. Met het stellen van de in deze overwegingen besloten liggende eisen heeft Rb onvoldoende onderkend dat onderzoek in raadkamer een summier en voorlopig karakter draagt en dat zij niet ten gronde mag treden in mogelijke uitkomst van een nog te voeren procedure in hoofd- of ontnemingszaak. Rb heeft daarbij onvoldoende gemotiveerd waarom geen nader onderzoek meer noodzakelijk “lijkt” of “hoeft” te worden gedaan. Volgt vernietiging en terugwijzing.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (1.954 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN



STRAFKAMER






Nummer 24/03758 B

Datum 16 september 2025




BESCHIKKING




op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de rechtbank Oost-Brabant van 23 juli 2024, nummer RK 24/010218, op een klaagschrift als bedoeld in artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend



door




[klager],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1982,
hierna: de klager.





1Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door het openbaar ministerie. Het heeft bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.
De advocaat-generaal M.E. van Wees heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden beschikking en terugwijzing van de zaak naar de rechtbank Oost-Brabant, zittingsplaats ’s-Hertogenbosch, teneinde op het bestaande beklag opnieuw te worden beoordeeld en afgedaan.




2Beoordeling van het cassatiemiddel

2.1
Het cassatiemiddel klaagt over het oordeel van de rechtbank dat het hoogst onwaarschijnlijk is dat de strafrechter, later oordelend, het inbeslaggenomen voorwerp verbeurd zal verklaren of zal onttrekken aan het verkeer.


2.2
Het cassatiemiddel is gegrond. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal.




3Beslissing

De Hoge Raad:
- vernietigt de beschikking van de rechtbank;
- wijst de zaak terug naar de rechtbank Oost-Brabant, opdat de zaak opnieuw wordt behandeld en afgedaan.




Deze beschikking is gegeven door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren T.B. Trotman en R. Kuiper, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 16 september 2025.