Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2025:1182
2025-07-18
Bestuursrecht; Belastingrecht
25/01220
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2025:1182 → ECLI:NL:CRVB:2025:506
Inhoudsindicatie
HR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Citeert (1)
- ECLI:NL:CRVB:2025:506 Centrale Raad van Beroep 01-04-2025
Geciteerd door (0)
- geen
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (1.212 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
BELASTINGKAMER
Nummer 25/01220
Datum 18 juli 2025
ARREST
op het door [X] (hierna: belanghebbende) ingestelde beroep in cassatie tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 1 april 2025, nr. 24/2585 PW-VV.
1Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie
Er is geen wettelijke bepaling die beroep in cassatie openstelt tegen de beslissing op het verzoek van belanghebbende om toepassing van artikel 8:29 Awb. Het tegen die beslissing gerichte beroep in cassatie moet daarom niet-ontvankelijk worden verklaard.
2Proceskosten
De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
3Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer M.T. Boerlage als voorzitter, en de raadsheren A.E.H. van der Voort Maarschalk en W.A.P. van Roij, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 18 juli 2025.
ECLI:NL:CRVB:2025:506.
BELASTINGKAMER
Nummer 25/01220
Datum 18 juli 2025
ARREST
op het door [X] (hierna: belanghebbende) ingestelde beroep in cassatie tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 1 april 2025, nr. 24/2585 PW-VV.
1Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie
Er is geen wettelijke bepaling die beroep in cassatie openstelt tegen de beslissing op het verzoek van belanghebbende om toepassing van artikel 8:29 Awb. Het tegen die beslissing gerichte beroep in cassatie moet daarom niet-ontvankelijk worden verklaard.
2Proceskosten
De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
3Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer M.T. Boerlage als voorzitter, en de raadsheren A.E.H. van der Voort Maarschalk en W.A.P. van Roij, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 18 juli 2025.
ECLI:NL:CRVB:2025:506.