Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2025:1005

2025-07-01 Strafrecht 22/04525
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2025-07-01
Publicatiedatum
2025-06-26
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
22/04525
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2025/852

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Aanwezig hebben van 7,3 gram hennep, art. 3.B Opiumwet. Ontvankelijkheid cassatieberoep, art. 427.2 Sv. HR: Om redenen vermeld in CAG kan HR cassatieberoep van verdachte niet in behandeling nemen. CAG: Aan verdachte is overtredingsvariant van art. 3.B Opiumwet ten laste gelegd. In tll. ontbreekt immers bestanddeel “opzettelijk”. Hof heeft bewezenverklaarde echter gekwalificeerd als misdrijfvariant van dit art., zoals strafbaar gesteld in art. 11.2 Opiumwet. Die kwalificatie moet, gelet op inhoud van tll. en bewezenverklaring, worden beschouwd als kennelijke misslag. ’s Hofs arrest dient dan ook te worden aangemerkt als uitspraak betreffende overtreding a.b.i. art. 427.2 Sv. Aangezien hof geen hogere straf heeft opgelegd dan (geheel voorwaardelijke) geldboete van € 250 staat o.g.v. art. 427.2.b Sv tegen arrest geen beroep in cassatie open. Verdachte kan dan ook niet worden ontvangen in het namens hem ingestelde beroep. Dat arrest ook uitspraak op tul vordering bevat maakt dit niet anders, omdat dergelijke beslissing buiten beschouwing blijft bij beantwoording van vraag of beroep in cassatie openstaat. Verdachte n-o.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (1.414 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN



STRAFKAMER






Nummer 22/04525

Datum 1 juli 2025




ARREST




op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 18 november 2022, nummer 21-005059-20, in de strafzaak



tegen




[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1989,
hierna: de verdachte.





1Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft de advocaat A.E.M.C. Koudijs bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.
De advocaat-generaal P.M. Frielink heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het cassatieberoep.




2Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
De Hoge Raad kan het cassatieberoep van de verdachte niet in behandeling nemen. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal.



3Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.



Dit arrest is gewezen door de raadsheer A.L.J. van Strien als voorzitter, en de raadsheren C.N. Dalebout en F. Posthumus, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 1 juli 2025.