Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2024:919

2024-06-21 Civiel recht 23/01457
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2024-06-21
Publicatiedatum
2024-06-20
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
23/01457
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2024/650

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO Aansprakelijkheidsrecht. Art. 5:39 BW. Overheidsprivaatrecht. Is gemeente aansprakelijk voor wateroverlast als gevolg van aanleg van woonwijk op omliggende percelen?

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (2.601 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN



CIVIELE KAMER






Nummer 23/01457

Datum 21 juni 2024




ARREST




In de zaak van



GEMEENTE MIDDELBURG,
gevestigd te Middelburg,
EISERES tot cassatie,
hierna: de Gemeente,
advocaat: M.W. Scheltema,



tegen




[verweerder],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
hierna: [verweerder],
advocaat: P.A. Fruytier.





1Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C/02/268154/HA ZA 13-614 van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 22 januari 2014, 29 oktober 2014 en 3 december 2014;
b. de arresten in de zaken 200.163.844/01 en 200.163.844/02 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 12 januari 2016, 27 maart 2018, 21 januari 2020, 31 maart 2020, 9 februari 2021, 7 juni 2022 en 17 januari 2023.
De Gemeente heeft tegen de arresten van het hof van 12 januari 2016 en 17 januari 2023 beroep in cassatie ingesteld.

[verweerder] heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor de Gemeente toegelicht door haar advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal G. Snijders strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van de Gemeente heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.





2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over de arresten van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van de arresten. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).




3Beslissing

De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt de Gemeente in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op € 355,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.





Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.J. Kroeze als voorzitter en de raadsheren S.J. Schaafsma en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 21 juni 2024.