Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2024:1911
2024-12-20
Civiel recht
23/05028
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2024:1911 → ECLI:NL:GHSHE:2023:3087
- conclusie ECLI:NL:HR:2024:1911 → ECLI:NL:PHR:2024:1138
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Pensioenrecht. Naheffing van pensioenpremies; rechtsverwerking.
Citeert (1)
- ECLI:NL:HR:2017:1066 Hoge Raad 09-06-2017
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (2.823 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 23/05028
Datum 20 december 2024
ARREST
In de zaak van
STICHTING PENSIOENFONDS ABP,
gevestigd te Heerlen,
EISERES tot cassatie,
hierna: ABP,
advocaat: A.H.M. van den Steenhoven,
tegen
[verweerster] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: [verweerster],
advocaat: H.J.W. Alt.
1Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. het vonnis in de zaak 9238119 CV EXPL 21-2666 van de rechtbank Limburg van 30 maart 2023;
b. het arrest in de zaak 200.315.780/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 26 september 2023.
ABP heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
[verweerster] heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal W.L. Valk strekt tot verwerping van het cassatieberoep. De advocaat van ABP heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
De advocaat van [verweerster] heeft bezwaar gemaakt tegen de reactie van ABP op de conclusie van de Advocaat-Generaal. De Hoge Raad verwerpt dit bezwaar, nu de reactie op de conclusie de aan dit processtuk gestelde beperkingen niet te buiten gaat.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt ABP in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op € 7.115,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien ABP deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren F.J.P. Lock en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 20 december 2024.
Zie HR 9 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:1066, rov. 2.4.2.
CIVIELE KAMER
Nummer 23/05028
Datum 20 december 2024
ARREST
In de zaak van
STICHTING PENSIOENFONDS ABP,
gevestigd te Heerlen,
EISERES tot cassatie,
hierna: ABP,
advocaat: A.H.M. van den Steenhoven,
tegen
[verweerster] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: [verweerster],
advocaat: H.J.W. Alt.
1Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. het vonnis in de zaak 9238119 CV EXPL 21-2666 van de rechtbank Limburg van 30 maart 2023;
b. het arrest in de zaak 200.315.780/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 26 september 2023.
ABP heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
[verweerster] heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal W.L. Valk strekt tot verwerping van het cassatieberoep. De advocaat van ABP heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
De advocaat van [verweerster] heeft bezwaar gemaakt tegen de reactie van ABP op de conclusie van de Advocaat-Generaal. De Hoge Raad verwerpt dit bezwaar, nu de reactie op de conclusie de aan dit processtuk gestelde beperkingen niet te buiten gaat.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt ABP in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op € 7.115,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien ABP deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren F.J.P. Lock en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 20 december 2024.
Zie HR 9 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:1066, rov. 2.4.2.