Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2024:1891

2024-12-20 Civiel recht 23/04653
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2024-12-20
Publicatiedatum
2024-12-19
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
23/04653
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2025/120

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Aanneming van werk. Geschil over deugdelijkheid werkzaamheden terras. Begroting herstelkosten.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (3.076 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN



CIVIELE KAMER






Nummer 23/04653

Datum 20 december 2024




ARREST




In de zaak van




[eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie, verweerder in het voorwaardelijke incidentele cassatieberoep,
hierna: [eiser],
advocaten: J.H.M. van Swaaij en R.J. ter Rele,



tegen



AANNEMINGSMAATSCHAPPIJ TWENTSE WEG- EN WATERBOUW B.V.,
gevestigd te Oldenzaal,
VERWEERSTER in cassatie, eiseres in het voorwaardelijke incidentele cassatieberoep,
hierna: TWW,
advocaat: T.T. van Zanten.





1Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak 246833/HA ZA 2020/153 van de rechtbank Overijssel van 12 augustus 2020, 9 december 2020, 19 mei 2021 en 3 november 2021;
b. de arresten in de zaak 200.307.216 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 13 december 2022 en 29 augustus 2023.

[eiser] heeft tegen het arrest van het hof van 29 augustus 2023 beroep in cassatie ingesteld.TWW heeft voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingesteld.Partijen hebben over en weer geconcludeerd tot verwerping van het beroep.De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, en voor TWW mede door L. van den Reek en T.G.F. Hatt. De conclusie van de Advocaat-Generaal S.D. Lindenbergh strekt tot verwerping van het principale cassatieberoep.




2Beoordeling van het middel in het principale beroep

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
Het incidentele beroep, dat is ingesteld onder de voorwaarde dat het middel in het principale beroep tot vernietiging van het arrest van het hof leidt, behoeft gelet op hetgeen hiervoor is overwogen geen behandeling.





3Beslissing

De Hoge Raad:
- verwerpt het principale beroep;
- veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van TWW begroot op € 7.115,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eiser] deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.






Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek en C.E. du Perron, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 20 december 2024.