Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2024:1864

2024-12-13 Civiel recht 24/00372
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2024-12-13
Publicatiedatum
2024-12-12
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
24/00372
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2025/59 | RFR 2025/39

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Wet op de lijkbezorging. Grafrechten. Onrechtmatige daad door weigering grafrechten over te dragen? Aanvulling rechtsgronden. Veroordeling tot overdracht grafrechten (art. 3:296 BW).

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (3.104 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN



CIVIELE KAMER






Nummer 24/00372

Datum 13 december 2024




ARREST




In de zaak van


1. [eiser 1],
wonende te [woonplaats],
2. [eiseres 2],

wonende te [woonplaats],
EISERS tot cassatie, verweerders in het voorwaardelijke incidentele cassatieberoep,
hierna gezamenlijk: [eisers],
advocaat: K. Aantjes,



tegen




[verweerder],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie, eiser in het voorwaardelijke incidentele cassatieberoep,
hierna: [verweerder],
advocaat: J.H.M. van Swaaij.





1Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. het vonnis in de zaak C/17/178642 / HA ZA 21-117 van de rechtbank Noord-Nederland van 11 mei 2022;
b. de arresten in de zaak 200.315.380/01 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 4 april 2023 en 28 november 2023.

[eisers] hebben tegen het arrest van het hof van 28 november 2023 beroep in cassatie ingesteld.

[verweerder] heeft voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingesteld.
Partijen hebben over en weer geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal S.D. Lindenbergh strekt tot verwerping van het principale cassatieberoep.
De advocaat van [eisers] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.





2Beoordeling van het middel in het principale beroep

2.1

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
Het incidentele beroep, dat is ingesteld onder de voorwaarde dat het middel in het principale beroep tot vernietiging van het arrest van het hof leidt, behoeft gelet op hetgeen hiervoor is overwogen geen behandeling.




2.2
Gelet op de aard van het geschil en de familiale verbondenheid van partijen zal de Hoge Raad de kosten compenseren.





3Beslissing

De Hoge Raad:
- verwerpt het principale beroep;
- compenseert de kosten van het geding in cassatie aldus dat iedere partij de eigen kosten draagt.





Dit arrest is gewezen door de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, als voorzitter, C.E. du Perron, H.M. Wattendorff, S.J. Schaafsma en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 13 december 2024.