Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2024:1723

2024-11-22 Civiel recht 23/04548
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2024-11-22
Publicatiedatum
2024-11-21
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
23/04548
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2024/1148

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Dwangsom verbeurd? Uitleg uitspraak waarbij dwangsom is opgelegd.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (2.285 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN



CIVIELE KAMER






Nummer 23/04548

Datum 22 november 2024




ARREST




In de zaak van




[de man],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
hierna: de man,
advocaat: K. Aantjes,



tegen




[de vrouw],
wonende te [woonplaats],
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: de vrouw,
niet verschenen.





1Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C/02/385154 / HA ZA 21-251 van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 1 september 2021 en 16 maart 2022;
b. het arrest in de zaak 200.313.294.01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 5 september 2023.
De man heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Tegen de vrouw is verstek verleend.
De zaak is voor de man toegelicht door zijn advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal R.H. de Bock strekt tot verwerping van het cassatieberoep. De advocaat van de man heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.





2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).




3Beslissing

De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt de man in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de vrouw begroot op nihil.





Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.J. Kroeze als voorzitter en de raadsheren H.M. Wattendorff en A.E.B. ter Heide, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 22 november 2024.