Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2024:1172

2024-09-13 Civiel recht 23/02374
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2024-09-13
Publicatiedatum
2024-09-12
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
23/02374
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2024/842

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Overheidsprivaatrecht. Schadevergoeding wegens strafrechtelijk optreden? Verdenking van poging tot faillissementsfraude. Sepot wegens gebrek aan bewijs.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (2.603 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN



CIVIELE KAMER






Nummer 23/02374

Datum 13 september 2024




ARREST




In de zaak van


1. [eiser 1],
wonende te [woonplaats],
2. REFLECS B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
3. ALVOWIKI B.V.,

gevestigd te Amsterdam,
EISERS tot cassatie,
hierna gezamenlijk: [eisers],
advocaat: D. Rijpma,



tegen



DE STAAT DER NEDERLANDEN (Ministerie van Justitie en Veiligheid),
zetelende te Den Haag,
VERWEERDER in cassatie,
hierna: de Staat,
advocaat: G.C. Nieuwland.





1Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. het vonnis in de zaak C/09/582407 / HA ZA 19-1120 van de rechtbank Den Haag van 2 december 2020;
b. het arrest in de zaak 200.295.573/02 van het gerechtshof Den Haag van 21 maart 2023.

[eisers] hebben tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
De Staat heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor de Staat toegelicht door zijn advocaat en mede door M.W. Bakker.
De conclusie van de Advocaat-Generaal G. Snijders strekt tot verwerping van het cassatieberoep.





2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).




3Beslissing

De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt [eisers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Staat begroot op € 857,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eisers] deze niet binnen veertien dagen na heden hebben voldaan.





Dit arrest is gewezen door de vicepresident V. van den Brink als voorzitter en de raadsheren F.J.P. Lock, S.J. Schaafsma, F.R. Salomons en T. Kooijmans, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 13 september 2024.